Honig uit den rotssteen - pagina 94
90 licliaam
en
halfheid, door heel
openbare leven aan Hem onttrekt, is beginsellooze onwaar, zonder moed en geestdrift, en daarom wolke der getuigen en der martelaren geoordeeld en
het
is
innerlijk
de weersproken.
Nu, „uw geheel oprechte ziel en geest en lichaam^'' komt Grode Zwijgen is niet belijden, is verloochenen^ en verloochenen is meer dan ongeloof, is ontrouw aan den Heere! Uw spraakvermogen, uw zangvermogen, de macht om met uw woord of met uw lied voor de goddeloozen en voor de duivelen de genade des hoogeren levens als een werkelijke macht te doen uitkomen, toe.
en
voor de godzaligen en de engelen als een heerlijkheid der ziele doen schitteren, is een o, zoo wonderbaar, zoo aanbiddelijk, zoo ondoorgrondelijk ryk vermogen, u door uw Schepper toebetrouwd. Te kunnen toornen en ijveren, te kunnen kastijden en geeselen met de schorpioenen van het Woord, en beurtelings niet diezelfde lippen te kunnen bidden en loven, te kunnen danken en belyden, om de daden onzes Grods groot te maken, is onze kroon als mensch, waarmee zelfs Darwin nooit zijn gorilla kan kronen. „Als hij spreken kon zou hij mensch zijn," sprak een diepzinnig wijsgeer van dat zeldzaam rijk ontwikkelde dier. En nu ja, maar daar ligt dan ook alles in! De „vrucht der lippen" is by het dier slechts dat het zich voeden en schelle of schoone, maar altijd werktuiglijke geluiden geven kan, en dat alleen de mensch spreekt, alleen wat uit vrouwen geboren is, kan loven met een lied, waar zin in ligt en alleen de uit den „mensch" Christus Jezus herhorene kan belijden, belijden met een macht, die koninkrijken omwerpt en tirannen sidderen doet op hun troon. te
;
o.
in Israël heette eigenlijk „een man die het er het niet kon houden, die zijn lippen stelde als een voor de fontein des eeuwigen levens, en die uit drang en des Geestes, de stilte verbreken dorst, en dies sprak, loofde
Een
uitstootte,''''
opening aandrift
profeet die
en beleed. Ook op den Pinksterdag is de eerste vrucht des Geestes een „vrucht der lippen," als de apostelen en jongeren „een iegelyk in andere taal de groote werken Gods verkondigen." Op elk schavot en op elke houtmijt is spreken, is jubelen, is getuigen, soms door en tegen de rookwalmen in, de stervensglorie van Gods uitverkorenen geweest. En geen tijd van ernst, geen tijd van schudding des levens is ooit voor de gemeente van Christus aangebroken, of zingen en altijd weer zingen, hetzy een „psalm Davids" of een „geuzenlied" was in den strijd met de tirannen haar doeltreffendst, haar schitterendst wapen. Zie, de duivel maakt den bezetene bij voorkeur stom, maar hy die kwam, om de werken des duivels te verbreken, heeft er zijn lust aan, de tong des menschen los te maken, om de vrucht der lippen te doen ruischen voor 's Vaders eer. En als dan deze dingen zoo zijn, durft ge dan nóg ontkennen, dat
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's