Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 221

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 221

3 minuten leestijd

217 de wereld en uw eigen vleesch, u bespringen kunnen van kanten tegelijk! Als ge aan het ontzaglijke toornen van den Drieëenigen Grod tegen u u ter behoudenis in de bange benauwing van uw hart zóó kennis kreegt, dat eindelyk uw zonde u de zwaarste zonde scheen, en het „o. God, wees mij arme zondaar genadig!" na eens uw „bekeeringskreet geweest te zijn, u nu wanhoopskreet van den bekeerde" werd! Ja, zeg het mij; om dan toch; om dan in zulk een oogenblik van diepe zielsschudding; om dan, hoe ook door dat zien op uw eigen smadelijke zonde verschrikt, nochtans kalm, met volkomen zekerheid en met een toon van stillen dank, te belijden: „Ik geloof de vergeving óók van mijn zonden!" is dat niet nog een veel dieper mysterie, dan om te belijden: „een Drieëenigen Grod?" o, Ik weet het, er wordt met dat „vergeving der zonden" gespeeld. Gespeeld met die teedere waarheid, gelijk er met al Gods heiligheden door ons gespeeld wordt. Gedachteloos zingt men er van zielloos bidt men er om; gevoelloos spreekt men er over. „Vergeving van zonden," o. God, hoe is het mogelyk? Ze wordt zoo voor niets en minder dan niets geacht, dat men verklaart niet te begrijpen, hoe daar nog plaatsbekleeding van een heilig Godslam bij te pas zou duivel,

drie

;

;

komen.

we hebben met die „vergeving der zonden" niet maar we hebben er elk op onze beurt meê gezondigd. „God was zoo goed en God was zoo lief. Te vragen om vergiffenis was haast reeds overbodig. Och God vergaf toch vanzelf. Hoe zou Hij den toorn behouden, die lieve Vader die in de hemelen is!" En zoo spraken niet alleen de modernen maar zoo sprak ook de moderne., of laat mij liever maar zeggen, de oude zondaar in ons eigen hart. erger

Ja,

nog,

.

alleen gespeeld,

;

Want denk zelfs

te

er

toch

kans op om

laten

rijpen.

uit

om, Satan weet alles te misbruiken, en ziet er zondevergeving nieuwe zonden in uw boos hart

Hoor

slechts, het is zoo uiterst eenvoudig.

Hij doet

dan in uw ziel de zondevergiffenis voor de zonde zelf schuiven, dat ge, aan de zonde toe, op het punt van er in te vallen, het oog krijgt op die genade Gods: Och, al val ik er in, straks is ze mij toch vergeven En dan breekt de laatste band die ons aan Gods genade bond. En we vallen. Vallen diep. En doen wat zonde voor God is, o ondoorgrondelijk mysterie van het booze, bijna met een vroom gelaat, met de bede dat God ons ook die zonde maar weer niets

!

vergeve, reeds op de onheilige lippen. Ziet toch toe, gij kinderen des o.

Nathans woord ook hiermee

man

tot

uw

Koninkrijks, en

ziele.

Neen, er

kome

er een

van geen ander

is

is maar dat ge het dusver zoo niet eigen hart niet verstondt. Maar anders, ja waarlijk, er is een gelooven in schuldvergeving dat niet uit God, maar uit den Booze is een geloof dat spreken durft By U, o God,

sprake.

Die

inzaagt.

De

zijt

roerselen

gij

van

!

Het

uw

;

is

vergeving, opdat de vreeze voor

:

uw

heiligheid

wegga

uit

ons hart.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 221

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's