Honig uit den rotssteen - pagina 205
201 het een korte poos dien mensch dan wel gaan. het niet. Want die onreine geest was wel om rust te zoeken weggegaan, maar het is nog niet zeker dat hij die elders vond. Wat dan, indien hij daarbuiten eens in stee van rust nog erger onrust had gevonden, en eens besloot dan nog maar liever met den eigenaar van dat hart in voortdurenden twist te leven, dan zoo rusteloos om te zwerven? Wat, indien de onreine geest eens terugkeerde! En ja, daar denkt de eigenaar van dat hart wel om, maar bang is hij er toch niet voor. Want immers hij heeft er zijn maatregelen voor genomen. Hij sluit goed. En bovendien, ook al drong hij binnen, zelf is hy nu zedelijk aangesterkt en dus best in staat om den indringer desnoods met geweld uit te werpen. Neen, neen, zie zijn prachtig hart maar eens aan, „met bezemen gekeerd en versierd." Wat zou iemand die zulk een hart heeft voor den booze nog vreezen ? Een goede consciëntie is immers èen veilige talisman tegen den duivel
Zoo
blijft
Maar lang duurt
Zoo denkt
hij.
misrekent zich ganschelijk. Want zie, er gebeurt iets, ganschelyk niet gerekend had. De onreine geest komt terug, maar .... niet alleen. Hij is ook slim. Hiij wist ook wel, dat hij gevaar liep, het af te leggen, als hij alleen er zich aan waagde. En daarom is hij zoo voorzichtig geweest, om handlangers mee te brengen. Ze zijn met hun achten. Want alzoo gaat de Heere voort: „Daw gaat hij heen en neemt met zich zeven andere geesten., hoozer
Maar
waarop
hij
hij
dan hij zelf.''"' Ai mij, wie had zoo iets schrikkelijks kunnen vermoeden? Hoe nu nog weerstand te bieden? Maar wat bazelt ge nog van „uit uw huis te houden;" eer ge er om denkt, zijt ge reeds op z^ gedrongen, ligt ge omvergeworpen neer, en zijn de acht schrikkelijke geesten in uw met bezemen gekeerde en versierde woning op echt duivelsche manier aan het huishouden. valt. Valt al dieper. En de geburen van uw hart schudden hoofd „over dat leven als een oordeel" bij dien gisteren nog zoo
G-e
het
stillen
man!
En nu aldaar.''''
eerste
gaan ze niet meer weg, die onreine geesten. Nu „wonen ze „het laatste van zulk een mensch wordt erger dan zijn
En
.'"
Zielontrustend woord! „Erger dan zijn eerste!"
meend? En had
hij
dan
En had
niet
hij het dan toch niet goed gemoedig met de zonde gebroken? En
dan de buurt niet over zyn lieve goedhartigheid! Alles mogelijk, maar het eind is maar, dat hij erger in plaats van
riep
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's