Honig uit den rotssteen - pagina 86
82 de
schudden, zoo dikwijls het „dan ga ik op tot Grods het bedehuis, of buiten het heiligdom, waarheid zyn voor ons hart.
voeten
altaren,"
mag
te
weer in
XXXYIII. o^nïjefnctienen
De
ban öartc.
besnijdenis
des harten in den geest
de besnijdenis, wiens maar uit God.
lof niet is uit
is
menschen,
Rom.
2
:
29.
Neen, „besnijdenis des harten" is niet van deze of die zonde afdoen met deze of die onheilige neiging breken, en zich aldus van lieverlee, door wegsnijding van het kwaad, door aitsnyding van den levenskanker of door afsnijding van het onheilige, de takken van zijn hart besnoeien, gelijk de landman den wijnstok zuivert door uitstand
snoeiing
;
van het wilde
lot.
Immers, aldus opgevat, blijft het alles uw werk. Het werk van een mensch. En alzoo een onafgedaan, telkens afgebroken, en voor den eeuwigen wortel der dingen volstrekt nutteloos stukwerk. Want zie, juist omgekeerd, moet het bij de besnijdenis des harten zóó toegaan, dat naar Paulus' woord aan die van Rome, „de lof er van niet zy uit menschen, maar uit Grod." Niet op het „snijden," maar op het „sacrament der besnijdenis" moet gelet, om dit mysterie van de besnijdenis des harten te verstaan. „Besneden worden" in Israël beteekende niet een iets, een deel, een stukske hoe klein of gering ook verliezen van zijns levens macht en mogendheid, of van den lust der zinnen, maar was een gemerkt worden in het verborgene, aan die deelen des lichaams, die voor elks menschen oog bedekt blijven, als niet meer behoorende tot de volken, als van de volkeren der wereld afgesneden, en als een aanhoorige geworden van het volk van Grod. Men deed het daarom ook zich zelf niet, maar werd het gedaan. Gedaan als kind van een week oud. Zoo vroeg gedaan dat heel het leven, van meet af, er een leven onder Israël door werd. Een daad kortom was het, die men eerst later begreep als men er geestelijk in leven ging; zulk een daad zelfs waarvan alleen de geestelijk hooggestemden ,de alomvattende strekking doorzagen. Want immers, het was een sacrament, en dus een zegel „dat men in het Verhond lei." En nu „in het Verbond liggen," wat dit te zeggen is? Och,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's