Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 157

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 157

3 minuten leestijd

153

LXYII.

o^mbat gp ban öc ftraoben gegeten geöt* Gij

zien

zoekt hebt,

mij, niet omdat gij teek enen gemaar omdat gij van de brooden

gegeten hebt.

Joh. 6

:

26.

Het spyzigingswonder staat in rechtstreeksch verband met het vonnis, dat in het Paradijs over den menssh is uitgesproken. Het is volstrekt niet alleen een betoon van Jezus' macht, noch ook uitsluitend een openbaring van zijne liefde, maar in veel engeren en zeer bijzonderen zin een aanvankelijke afneming van 's menschen schouder van opgelegd.

Om

den

harden

last

des

arbeids,

hem om

der zonde wil

Jezus' woord en Jezus' doen te verstaan, moet men altijd het Paradijs er bij denken. Van dat Paradijs droeg hij de kiemen der heerlijkheid in zijn hart. Schooner nog dan het eens in Eden geblonken had, dat Paradys terug te brengen, was 's Messias' einddoel. En toen hij aan 't kruis den moordenaar begenadigde, sprak er niet slechts een profetie van diens zaligheid, maar ook een voorgevoel van eigen genieting in zijn uitroep: „Heden zult gij met mij, en dus ook ik met ii^ in het Paradijs zijn." En naar dat Paradijs taalde hij niet als een God^ wiens eeuwiglijk al de heerlijkheid is, maar als mensch en als Zoon des menschen, en dus als zijn heerlijkheid nog dervend. Want de mensch is zonder het Paradijs niet waarlijk mensch. Dat Paradijs hoort by hem. Het is zijn tweede lichaam. Het element waarin zijn leven onbelemmerd uitstraalt. Eerst met een Paradijs om zich, kan de mensch zonder een kruis of doornenkroon, toch aanbidden zonder leugen in 't hart. Gelijk het tha7is op deze aarde ,^zonder Paradijs^^ staat, is voor zulk een diep aanbidden der heele ziel, de druk van het kruis en de last des arbeids noodzakelijk. Tot een aanhoudend geestelijk bezig zijn, dat zich uit Grod voedt en op Grod richt, zijn we in deze wereld niet bekwaam. En daarom is ons hier de uitwendige arbeid opgelegd, als straf ja, maar als een straf dan toch, die evenals al Grods kastijdingen een beschutting tegen het kwade tevens is. Want zijn brood te moeten eten in het zweet zijns aanschijns is een der groote van God ons gegeven middelen om aan Satan en ons eigen vleesch wederstand te bieden en waar die arbeid verslapt of wegvalt, bespeuren we bij onbekeerden weinig anders dan zelfverlaging en ontzenuwing, en indien er al een bezigheid van geest is, dan een bezig zyn met wat trotsch en hoog is, in wat ijdel is en gemeen; ja zelfs bij Gods wedergeboren kinderen houdt deze onmacht, om aldoor geestelijk bezig ;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 157

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's