Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 113

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 113

3 minuten leestijd

109 deernis, die u eiken dag weer met het leven verzoent en op de wonden van iiw hart als een genezende balsem werkt? Volkomen waar. Maar vergeet, bid ik u, vier dingen niet.

Vergeet niet dat er „bekeerden" op aarde zijn, bij wie den wortel van den giftigen stam is gelegd, en die nu niet meer zelven leven, maar Christus in hen. Die dichten dus niet zelf aldoor uit de boosheid van hun hart. Maar vaak dicht in hun hart de Heilige Greest uit den Christus. Ten tweede. Bedenk wel, dat er een bewarende genade is, die ook op owbekeerde zielen werkt. Die genade heeft wel met de zaligmakende genade (zie Hebreen 6) niets van doen. Maar niettemin is ze een kostelijke schat, omdat^ ze als temmer tusschen beide treedt om het wilde dier in 's mensenen hart in bedwang te houden daardoor een en dusdoende aan de geordelyke saamleving mogelijk te maken meente Christi een plek ter woning te bereiden. Onze ouden noemden de vrucht van deze genade: „de deugden der onbegenadigden." Heb er, in de derde plaats, een oog voor, dat in veel dingen zich kloek en braaf aanstellen, maar al te dikwyls in het booze gedichtsel van een boos hart uitnemend past. Een kus is iets liefelijks, maar hij kan ook een Judaskus zijn, en zeg dan in ernste, slaat gij dan veler goede gedraging wel veel hooger aan, dan als middel om de menschen te blinddoeken, en aldus te beter zijn plannen door te zetten? Er is van „gedichtsel" sprake, d. w. z. van de innerlyke overleggingen, om iets te scheppen, om iets te maken, om iets te verwezenlijken, en van dat gedichtsel zegt de Heere dat het boos is; dat een mensch, die uit zich zelf iets scheppen wil, in plaats van zijn Grod ook in zyn eigen hart Schepper te laten, nooit tot iets anders dan tot een boos stuk komt. Maar al is het stuk boos, daarom lang nog niet alle Vooreerst.

de

bijl

aan

;

;

figuren die

En

men

reken

in dat stuk spelen laat.

er dan, ten vierde, ook meê, dat ons geslacht

verzwakt

en haast te zwak wordt, om den boozen inhoud van zijn hart sterk sprekend te laten uitkomen. Maar laat er eens een algemeene gisting gisten gaan, laat de leeuw uit zijn hol eens worden opgejaagd, laat en, o, wie het eens van onder band en tucht en orde uit loopen, dekt dan niet zijn gelaat over de schande en de gruwelijkheid van het soort wezens, dat men zijns gelijke moet noemen! Och, om te weten, of er slyk en modder op den bodem ligt, moet ge niet, heusch, komen zien, als de wateren van den stroom zachtkens voortglijden, maar als ze in hooge golven opstuwen wat onder hun spiegelvlak verborgen was. Een bloemruiker kan, o zoo schoon en zoo geurig zyn. Maar gun hem eens tijd en kom eens na een tiental dagen, en oordeel zelf dan wat er uit die geurige bloemen en die prachtige bladeren werd! En nu, is zoo ook niet de mensch? is

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 113

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's