Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 80

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 80

3 minuten leestijd

76 niet van het eenkleurig, maar van het veelvervig kleed. Aldus is het ook van het Koninkrijk waar: „Rijken en armen ontmoeten elkander, de Heere heeft ze beiden gemaakt!" maar waar

pracht

dien zin, dat, voor het leven des geestes, de rijke niet in zijn weelde ondergaat en de arme zijn schamelheid niet gevoelt. Ieder ontvangt zooveel als hem goed is. Minder zou hem arm maken. Meer voor hem verkwisting zijn. Aller beker is verschillend en daarom ook verschillend de handvollen uit de fontein des levens, die in den beker geplengd worden. Och, er is in 's Heeren geestelijk Koninkrijk zoo niets van het fabriekmatige, naar vast model, voor allen op gelijke wijs bewerkte, maar het is eiken morgen en eiken avond uit den hemel een toezending naar Grods kinderen, op aarde van een voor elk hunner persoonlijk gekozene, persoonlijk toebereide, met name gemerkte en aldus van de teederste, persoonlijkste goddelijke liefde getuigende in

genadegifte.

Naar den wortel der

verkiezing, en dies voor een iegelijk naar aard en naar het doel zijner roeping. Ter betooning, niet van onze geloofskracht, maar van die „veelvuldige wijsheid Gods," die, al naar Hij de zielen schiep, ze met het rijkste gelukkig maakt of met het kleinste weet te zaligen. Zelfs zijn er, die van de kruimkens leven, die van de tafel der ryker begenadigden vallen, en die met die kruimkens, o, zoo overrijk, zoo verkwikt en zoo gelukzalig zijn. Een schotel moes, met tevredenheid er bij, is beter gerecht dan de lekkernij van den altijd begeerende. En zoo is ook, geestelijk genomen, een leven in eenvoudige genade, mits men zich met deze genadebezoldiging vergenoegen laat en de hand niet eigendunkelijk uitstrekt naar hoogere dingen, vaak heerlijker om naby Grod te leven, dan de verrukking van het zaligst visioen, indien de hoovaardy er door insluipt. Een kruimke is ook brood, en voedend brood voor de ziel er bij, omdat het afviel van een tafel, waaraan niet anders dan het brood „des levens" wordt toegediend. En de vraag ook voor u, mijn ziel, is maar, of ge zelf de kruimkens van anderer brood nooit versmaad hebt en aan anderen de kruimkens van uw brood nooit hebt onthouden. Want zie, het gaat in Grods Koninkrijk zoo wonderbaar toe. Gedurig om en om. Nu eens zijt gij de heer, die aan de tafel der kennisse aanzit^ en is uw broeder de mindere, die, wat dat aanbelangt, teren moet van uw kruimkens. Maar straks, als een andere tafel, die der toewijding en der zelfverloochening, wordt aangerecht, dan laat God misschien dien minderen broeder van zooeven als heer aanzitten en moogt gy op den grond kruipen, om zijn kruimkens saam te lezen. En dat doet de Heere dan om beurtelings hem en beurtelings u zijn eigen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 80

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's