Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 195

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 195

2 minuten leestijd

191 maclit van het Woord u bewoog en drong tot engelen zond om u in toom te houden en u innerlijk den Heiligen Geest, om toch de liefde uws Vaders niet te

maande en door de beter,

en

zijn

bad door bedroeven.

En

wat aan Grod zelven lag, zou Hij, de Alontfermer, met zijn lankmoedigheid willen voortvaren. Maar als Grod de Heere het tegenover Satan nu op uw liefde voor uw Vader waagt, en het helpt niet en Satan merkt dat, en hij lacht er ziet,

nu wel

voor

eindeloos

om uit, en hij spreekt op zijn demonischen toon „Zie, Heere, hadt gezegd dat het kinderen waren die niet liegen zouden En zie dan nu eens! wat dunkt u thans zelven van uw kinderen?" zeg het mij, lezer, moet, ja moet er dan niet eindelijk een oogenblik komen, dat God de Heere, om de eere zijns naams, niet langer afwachten en dulden en verdragen mag? En als gij, op het oogenblik dat Satan God alzoo sart, dan nog maar aldoor gevoelloos blijft voortgaan op uw boozen weg en uw zonde aanhoudt, en u om God niet bekommert en u niet aan Hem stoort, zeg zelf, mijn broeder, moet uw Vader dan niet eindelijk Grod

:

Grij

!

doortasten ? Nu dat doet Hij dan ook in zulk een oogenblik. „Kinderen die niet liegen zullen," heeft Hij eenmaal gezegd. D. w. z. kinderen, waarvan het uit zal komen dat ze toch ja wezenlijk echte kinderen zijn. Zie het maar in Jesaia 63 8. En daarom moet en zal het ook in dit leven nog uitkomen, dat er zulke kinderen :

ook worden bevonden.

En nu

bleek het bij u onmogelijk, om dat langs den weg van geduld aan het licht te doen brengen. En daarom moest het dan eindelijk in den weg des goddelijken toorns gaan. Ziet^ Ik wil aan u! spreekt dan de Heere der heirscharen, of neen, liever nog de diep verontwaardigde en gegriefde Vader tot het Hem tergend kind.

goddelyk

LXXXII. <Pe gantipaïmcn ban (Or^aïnuma»

Is

De oversten van Succoth zeiden (tot Gideon) de handpalm van Tsalmuna aireede in uwe

hand, dat wij

uw

heir brood zouden geven ? Richt. 8 6. :

«

Gideon

een geloofsheld. Geen held in overmoed. Niet voortstormend in vermetelheid. ook stoffend op de kracht van zijn geloof.

.

is

Noch

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 195

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's