Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 217

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 217

2 minuten leestijd

213 „Ik heb gaven tot der menschen troost, opdat zelfs het wederhoorig kroost altijd bij Grod zou wonen."

En dan maakt wederhoorige

ziel

hij het; en doet het; en de uitkomst is dat toch woont en wonen blijft by haar Gol.

uw

LXXXIX. %\^ ccn

licrïoren fcgaap»

Ik heb gedwaald als een verloren schaap zoek uwen knecht, want uwe geboden heb ik niet vergeten.

Psalm

119

:

176.

in Psalm honderd negentien is niet een van roekelooze; is niet een kind der wereld, dat zich baadt in ijdelheid; is niet een o/ibekeerde; maar een kind van Grod, een dienstknecht van Jehovah; een die Grod in zijn wet gelijk heeft gegeven, en dus wel terdege een toegebrachte, een bekeerde; maar zulk een, die, na geloofd te hebben, weer afzwierf van het pad

Het „verloren schaap"

Grod

vervreemde

des heils.

„schaap" in het werkelijk leven niet dan en spelende onachtzaamheid. Naar zijn aard doet een schaap dat niet. Eer schijnt het of de schapen van eenzelfde kudde aan elkaar zoo kleven, dat zij niet van elkaar af kunnen. Zoo dringen ze te hoop en op elkaar aan. En als droegen ze een afschaduwing van het leven der cherubijnen Grods in zich, zoo kan men in letterlijken zin ook van schapen en hun kudde zeggen: „Waar deze ging, gingen zij, en waar deze stond, stonden ook zij stil." Een schaap is het meest weerlooze, hulpbehoevende en afhankelijke dier dat men zich denken kan. Niet op doen, maar op meedoen schijnt zijn wezen aangelegd. Niet op gaan, maar op volgen heel zijn aard berekend. Zelf heeft het geen stuur, geen gang, geen vindingrijkheid in zich. Een ander moet zijn weide zoeken; en andere moeten in die weide het eten hem voordoen. En dan ja, eet het, en leeft het schaap en is het zorgeloos gelukkig. Meet daarnaar af wat een ^^afgedoold schaap" is! De Psalmist drukt het met een enkel woord zoo zinrijk uit: een afgedoold schaap is verloren. Want niet alleen dat zulk een afgezworven dier zich diep ongelukkig gevoelt, en zoekt naar de schapen zijner kudde, maar zie,

Dat overkomt aan een

uit louter gril

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 217

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's