Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 216

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 216

3 minuten leestijd

212 dieper oordeel, en niet meest aan het begin, maar eer sterker nog, aan het einde van zijn weg klaagt: „o, Mijn Grod, was mijn ellendig hart dan zóó goddeloos slecht!" En vandaar komt dan het roepen „Ontzondig my met hysop !" en het klagen: „Grena, gena, hoor mijn gebed!" en als hij dan van anderen hoort^ die beweren de vijfde bede van het Onze Vader eigenlijk niet meer te kunnen meebidden, och, dan verstaat hij dat niet en ook oordeelt hij dat niet, maar spreekt het uit, dat het bij al

:

anderen dan naar een ander Evangelie dan bij hem toegaat, en voor Grod liegen zou, indien hy zich aanstelde als ging het hij zoo toe ook bij hem. „Wederhoorigen" tot aan hun dood toe zijn Gods kinderen, maar juist aan het trekken van Jezus eerst merkende, dat ze „wederhoorigen" zijn, en dies ook uit dat trekken wetende dat zij „wederhoorigen" zyn, die bij God moeten wonen! Wonen bij God eens daarboven in het Vaderhuis! Dan als „gewilligen!" In één dier vele woningen, die Jezus dan bereid zal hebben. Maar nu nog in het verborgen Zion; in dat huis Gods hetwelk in verborgen gemeenschap omsloten door het heilde gemeente is geheim; niet meer bij de wereld wonende, maar wonende by God. Doch hoe? Zóó dat de Heer des huizes vrij alle deuren open kon zetten, en alle bewakers weg kon nemen, en alle banden kon losmaken! Zie, als God de Heere dat deed, hoe vreeslyk het ook zij om te zeggen, dan zouden al Gods kinderen, voor zoover ze nog niet door de poorte des doods zijn heengegaan, weer op eens wegstuiven uit zijn heilige woning en terugvallen in het verderf. En dat weten ze! En juist omdat ze dat weten, en het zoo schriklek zouden vinden, indien ze van hun God wegraakten, daarom zeggen ze dan ook niet: „o. Mijn God, ik heb U zoo lief en ben zoo zeker van mijn zaak, blijven!"; neen, dat Gij alles wagen kunt en toch zal ik wel bij maar heel omgekeerd: o. Mijn God en mijn Vader, houd my toch; en laat uw wachters toch waken, dat ik niet wegsluipe; en maak de banden uwer eeuwige liefde toch niet los, want by U alleen is het alleen is het zalig, bij U alleen heerlijk, maar mijn hart goed, by zou my verleiden en mijn zinnen zouden mij dooden! o. Als een schaap heb ik reeds zoo dikwijls gedwaald in het rond, in plaats van te blijven! Gun Gij, gun Gij uit genade leven als een kind bij aan mijne ziel! En die bede hoort onze Heiland! En als hij dan ziet, dat wij die wederhoorigen zijn, die van God zouden wegvlieden en toch bij dien God leven willen, dan komt hy vertroostend tot de ziel derzulken, met dit woord der onwankelbare die

dat

;

:

U

U

U

belofte

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 216

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's