Honig uit den rotssteen - pagina 131
127
kon neerdalen, zonder aan al dien strijd die er reeds was, nog den lieftigsten strijd toe te voegen: den strijd met zulk een wereld èn zulk een hart én zulk een halfheid voor de eere van zijn heiligen naam. niet
LVII. i|ct zU\}tt ïoutcrentic*
En
hij
zal zitten, louterende en het zilver
reinigende.
Maleachi 3:3.
Onder de Advents-getuigen is Maleachi ieders lievelings-profeet. En hoe zou het anders kunnen ? Of zijn slotwoorden die vlak voor het geboorteverhaal in Mattheüs staan: „Snellijk zal tot zijnen tempel komen die Heer, dien gij lieden zoekt, te weten de Engel des Verbonds, in denwelken gij lust hebt; ziet Hij komt, spreekt de Heer der heirscharen!" moesten ze zich dan niet wel diep in het geheugen en byna dieper nog in de verbeelding prenten, als een ook nu nog doen zien aan de Christenheid in haar Adventsweken, „dat zóó, zóó de Christus tot Bethlehems kribbe komt!" Maar moogt ge, om het schoon van die Godspraak, haar ernst vergeten ?
Vergeten wat zoo ernstiglijk gestreng niet op die profetie volgt, er aan vastzit en er toe behoort; namelijk dat Messias komt om te zitten ten oordeel? „Hij zal zitten louterende en het zilver reinigende en hg zal ze doorlouteren als goud en als zilver!" Vergeten dat zoo waar die Godspraak van het „snellijk komen" óók op de kribbe slaat, even stellig dan ook dit „louteren van het zilver" niet tot den oordeelsdag mag beperkt? Dat dit proces van het „zilver louteren" dus nu reeds op gang is; nu reeds plaats grijpt; en bij wie van Jezus zegt te zijn (en eens blijken zal dit naar waarheid gezegd te hebben), dan ook reeds nu
maar
metterdaad alzoo zijn moet?
Want „zilver" is al het verloste en „goud" al het uitverkorene in de schatting van den Zielewaardeerder. Niet iets verwerpelijks, maar een kleinood. Geen Lo-ammi meer, wat hij er in wrocht, er in teweeg maar Euchama geworden. bracht en er kostelij ks in formeerde, als edel metaal in zijn oog. indien al zilver, dan toch nog zilver^r^s, en nog niet het Maar „zilveren vat der eere," en daarom nog te werpen in den smeltkroes, en in dien gloed nog te versmelten, of het zilver zich van het zilver-
Om
.
.
.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's