Honig uit den rotssteen - pagina 180
176
De
„lijdende
kneclit
Grods"
het niet de prachtig welsprekende die in dien strijd van „liefde"
is
van Jehovah, tegen „kracht" hier onderging?
naam voor
Bezwijkt
elk dienstknecht in
die
worsteling
niet meest,
wie dat worstelen met de
mogendheden der wereld aandorst?
Om een kroon bij Grod dan toch in den stryd!
te
hebben,
o,
gewisselijk!
maar bezwijken
En zie, dat mag nu schoon, dat mag nu tragisch, dat mag nu aandoenlijk voor het vochtig geworden oog zijn; maar met dat al, daar liebt ge niet aan! God de Heere speelt geen tragedie. Bij God is het doen sterven nooit een spel. En zelfs de vertooning van de prachtigvste zedelijke grootheid zou, als het bij die vertooning bleef, geheel beneden de digniteit van zijn Goddelyke majesteit liggen. Neen, God de Heere 7'edt. Redt wezenlijk. Naar ziel en lichaam bei. En waarachtig schoon is niet de schijnbare ondergang der reddende liefde, hoe tragisch aandoenlijk ook. Neen, innerlijk, heilig, waarlijk schoon is alleen de reddende liefde, die ook triomfeert. Die niet alleen in
den stroom zich neerstort, maar ook uit dien stroom weer op weet te komen, en nu, opgekomen, den drenkeling uit den stroom der ellende weet op te brengen, en te zetten daar hij zelf te voren was. En daarom nu, mijn lezers, is die hemeh'^ar^ van Jezus zoo schoon, zoo majestueus, zoo volheerlijk. Want zie hier is nu die overvloeiende kracht.
nu die volkomen triomf. nu dat, onder majestueus en prachtig worstelen, weer opkomen, weer opklimmen, weer opvaren, tot hy er eindelijk weer is „daar waar hij vroeger was!" Hier Hier
Met
is
is
alles
Tegen zich
tegen zich in!
zich in de natuurwetten.
Tegen
in dat menschelijk vleesch, dat hij
zich in de elementen.
aannam.
Tegen
Tegen
zich in zelfs
de liefdestroom in het hart zijner jongeren! Alles trekt hem neer; houdt hem neer; belet hem het opvaren. En toch niets weerhoudt hem. Alles overwint hij. Hij vaart op. En, o wonder van het goddelijk alvermogen in dat opvaren neemt hij heel de kerk zijner verlosten met zich naar boven. Die boven leefden, die nu leven, die leven zullen Al Gods kinderen. !
1
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's