Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 165

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 165

2 minuten leestijd

161

LXX. l>ie 5ijn sieï

ftij

get ïcbcn niet ftan gaubcn* Allen die in het stof nederdalen zullen voor aangezicht bukken, en die zijn ziel in

zijn

het leven niet

Wie klemt

zich vast aan den

Heere

kan houden

die

!

Ps. 22

:

3.

opstond? die verrees? die

komen? die zijn Wie loopt op hem

leven weer uit de kaken toe, om hulpe ? Wie laat van den dood opbracht ? hem, wat er van kome, nooit weer los? Yraag maar wie ge aan de bronnen vindt. Immers de dorstigen! Wie op de spijze aanvalt. Immers wien hongert! Wie de schaduw zoekt. Immers de door hitte achtervolgde! En wie, zoo bid ik u, zou dan op Jezus, die weer opstond, aanloopen; aan Jezus die verrees zich vastklemmen van Jezus die er zijn leven doorheen bracht, niet weer los te trekken te zijn, dan de man die er aan toe is, naar wat de Psalmist in lied twee en twintig teekent, d. w. z. „die zijn ziel bij het leven niet kan houden." uit

het

graf

wist

uit

te

;

Geloof mij,

hebben

die

beproefd,

het eerst overal elders en op allerlei wijze anders als ze dan eindelijk bij Jezus uitkomen, zijn

zijn,

trouwste discipelen. Om leven is het ons te doen. Om te leven.1 voor zelfbehoud, zet men alles op 't spel, wordt alles gewaagd. Om te blijven leven woelt en slooft al wat adem heeft. Om voller en rijker te leven is alle inspanning van het hoofd en al de spanning in ons hart. Leven, dat het leven heeten mag, daarom worstelt het al! En dat het nu met dat leven niet gaat; dat de dood tegen dat leven inwoelt, onze ziel benauwt; het hart ons overspant en neerdrukt, en eindigt met, hoe ver we het ook brachten en hoe lang we het ook uithielden, ons toch omver te werpen en in het stofte leggen, o daarin immers ligt al het diep tragische dat ons den glans des levens rooft.

En daarom worstelen we tegen dien dood op. De dwazen die denken dat hun leven in hun

lichaam

huist,

doen

dat met stoffelijke kunstmiddelen. En de wijzen die dan toch begrijpen: „Neen het pit, de kern van mijn menschelijk wezen is mijn ziel; die ziel moet er door gebracht; die ziel moet by het leven behouden," natuurlijk die doen het met geestelijke artsenij en medicyn die de ziel kan sterken. 11

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 165

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's