Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 103

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 103

3 minuten leestijd

99 door liet instrament van ons wedergeboren hart, in te dragen in deze tegenwoordige huishouding. Daarom, als ze Jezus aankomen met vragen over de betrekking die na den dood tusschen wie hier man en vrouw waren bestaan zal, strijkt Jezus, o, haast zouden we zeggen, onmeêdoogend, met gestrenge hand opeens geheel die overlegging uit het hart weg, door een zijner prachtigste openbaringen over het toekomende leven, waarvan het heerlijk slot aldus luidt: „Daar leven zij Hem allen!" Daar leven ze dus niet meer voor elkander, maar voor Hem. Hij het één en eenig middelpunt, waar aller zieleleven henentrekt. Hun genoegzaam deel. Huns levens kracht en doelwit. Hun eenig goed! o, Er zal wel herkenning, er zal wel wederzien zijn. Maar als bijzaak. Aan de eere Grods ondergeschikt. En bij het op waken in dat volzalige leven, zal de vrouw haar man eerst voorbygaan, zooals de liefde voor den Heilige haar verslinden zal. En dan vindt ze later ook dien man terug ja, maar, in Hem. weten wel, dat is niet aandoenlyk, daar brengt men de hartstochten niet meê op de been, dat zweept het gevoel niet op. Maar dat is naar de Schrift, dat is kloek en manlyk, dat is naar den eisch der heiligheden, dat is waar! Men sterft in „die eeuw" niet meer en wordt er dus ook niet geboren, zegt Jezus, en het trouwen en ten huwelijk uitgegeven worden, dat in dat „geboren worden" zyn oogmerk had, valt in dat hooger leven dus eenvoudig weg. Er is geen reden meer voor. Het zou er niet bestaan kunnen. Er zijn daar ook wel zielsbetrekkingen. Maar niet naar aardschen maatstaf. Heiliger. Anders. En dat nu geldt, zegt Jezus, evenzoo van de betrekking tusschen ouders en kinderen.

We

Daarboven valt ook die weg. Of liever, neen, ze valt niet weg, maar wordt in een oneindig verhevener betrekking omgezet, want men zal er niet meer gekend zijn als „kinderen van dezen of dien aardschen vader en moeder," maar uitsluitend als „kinderen van Grod." En dat niet slechts wijl het zoo heeten, maar wijl het in dien volheerlijken dag zoo zyn zal. Ze zijn in die heerlijke eeuw, zegt de Heiland, niet kinderen van u of van hun moeder, maar „kinderen Grods," wijl ze kinderen der opstanding zijn. Eens, voor deze eeuw, waren ze uw kinderen, want voor dit leven hadt gij ze in de spanning uwer haast stervende kracht uit uw moederschoot te voorschyn gebracht, het aanzijn geschonken en gebaard. Maar dan en voor die eeuw en gelijk ze daar schitteren zullen in het licht, zult niet gij, maar zal Grod ze gebaard hebben, gebaard aanvankelijk reeds hier uit den schoot van dit zondige leven, maar

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 103

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's