Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 69

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 69

2 minuten leestijd

65 den

moed om

te „teekenen" lang verloren heeft; nooit zelfs meer en al wat er onheiligs en schandelijks onder menschen genaamd wordt, liefdeloos en onbarmhartig in haar eigen leden ge-

straft,

worden laat? Wat nog van aan in de engere kringen van wie den Christus belijden, waar men „omdat het een broeder is", geen kwaad ziet in wat toch kwaad naar het Woord is; de wereld laat inwoekeren op het heilige erf; en, ja, dan nog wel eens zachtkens een woord van „niet goed kunnen keuren" fluistert, maar .... om aan te grijpen, om geen rust te gunnen, om met zijn toorn te achtervolgen, om te bestraffen en ten laatste als een heiden en tollenaar te laten zijn, de

energie der liefde en de veerkracht der ontferming mist? voegen er bij, wat nog van over, ook in onze huisgezinnen, waar men de rechtvaardigen en onrechtvaardigen, als ware er geen onderscheid, zonder ernst, zonder tucht, althans zonder doortastenden

We

aanval

op

het kwaad, tot het er uit zij, vreedzaam zich dooreen en zoo den onheiligen schijn voedt, als zou het wel beter zijn, als het anders ware, maar als bleef toch ook mét die aanklevende ongerechtigheden die vrouw „de lieve moeder," die man „de goede vader," en die jongeling „de beste zoon!" Het komt er al maar vandaan, dat men „Gods Woord" zijn loop niet laat, d. i. dat men dat Woord niet laat heerschen in kerk en huis zich voor dat Woord niet nederbuigt en zich vermeet, zeggende dat men bij de Schrift leeft, er uit te nemen wat ons aanstaat en te laten liggen wat ons niet toespreekt. Nu, het spreekt wel vanzelf, dan is dat Woord ook geen tweesnijdend zwaard, dan kan het niet meer doordringen tot de samenvoegselen en het merg, en gaat al de zegen, dien het u brengen kon, door uw jammerlijke hoogheid van hart te loor. laat

mengen,

;

;

Of liever nog, neen, het zwakheid van ziel. Zedelyke machteloosheid!

is

Maar een machteloosheid teeder

hart

te

bewaren,

geen „hoogheid"

die

men

dan,

om

altoos,

toch den schijn van een

met de bedriegelijke en

van „hoogere" teederheid en „hoogere" Daarin, daarin schuilt de kanker

maar meer nog

schijnheilige leuze

liefde tooit.

die

voorteet

en

uw

kracht

ondermijnt.

Wat

liefde

is,

wilt

wording opmaken, kinderlijk

te

gij

uit

uw

gevoe], uit

uw

hart, uit

uw gewaar-

van het, als een Christen voegt, willen leer en van uw God. in

stee

stil

en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 69

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's