Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Christus en de sociale nooden en democratische klippen - pagina 30

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Christus en de sociale nooden en democratische klippen - pagina 30

2 minuten leestijd

80

beroepen op twee uitlegknndigen, de éen uit vroeger, de ander jonger

uit

heeft,

dan zegt

Calvijn

woorden nen,

wier

tijd,

naam ook onder

notabele kringen gezag

w. op Calvijn en Godet.

t.

„Overmits de

(Op. ed. Schippos. VI. p. 64):

Lucas en

bij

Mattheüs hetzelfde moeten beteeke-

bij

het aan geen twijfel onderhevig, dat Jezus zalig spreekt

is

degenen

die door tegenspoed

met

dit

verschil, dat Mattheüs, door zijn bijvoeging, de zalig-

heid

beperkt tot die onder tegenspoed gedrukten, die geleerd

om

hebben

Calvijn

sociaal

lijden, slechts

onder de tucht van het kruis nederig

te zijn."

dus de zaligspreking als een zaligspreking-

verstaat

van de

niet

gedrukt worden en

maar wel terdege van de armen of gedrukten ; maar beperkt de zaligspreking, met ontblooten,

geestelijk

het oog op Matth. 5:

armen en gedruk-

zeer terecht tot die

3,

God zijn. En raadplegen we nu Godet

ten, die stil voor

het Evangelie van Lucas (L

bekende commentaar op

in zijn

dan vinden we ook

328)

p.

hem

bij

geheel dezelfde uitlegging.

Godet aarzelt geen oogenblik

meer oorspronkelijke afleidt,

dat

bij

„Zalig

ten:

te verklaren,

wat

lezing geeft;

Lucas de woorden zich armen,

zijt gij

hij

dat Lucas ons de

met name daaruit

tot de schare zelve rich-

hongerigen enz;" en zet nu op

gij

keurige wijze uiteen, hoe Mattheüs dit wel moest veranderen,

toen

de zaligspreking uit den tweeden persoon

hij

in

den

armen" zou de

uit-

(gij)

derden persoon overbracht. In

den

spraak

derden persoon

ongegrond

zijn

:

„Zalig zijn de

geworden.

Of hoe, zouden

ook de grootste deugnieten onder hen,

was deze uitspraak

alle

zalig zijn? Juist en

alleen, toen Jezus zijn discipelen

kring van geloovige armen, die

hen persoonlijk sprak: „Zalig

om hem zijt gij

armen,

waar

en den

stond, aanziende, tot

armen,

zijt gij

hongeri-

gen" enz.

Toen nu

echtei-

omzetten: „Zalig

Mattheüs

zijn de

dit in

den derden persoon ging

armen, zalig

zijn

cZe

hongerigen enz.,"

zoo zegt Godet, toen moest er wel een geestelijk element

bij-

gevoegd, en daarom schreef Mattheüs toen: „Zalig zijn de ar-

men van

geest."

Tot zoover Godet, die Calvijn's gedachten nog keuriger werkt, en met lijk

hem

tot de slotsom

uit-

komt, dat Jezus wel waar-

de armen in socialen zin zalig spreekt,

maar

natuurlijk

met

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895

Abraham Kuyper Collection | 96 Pagina's

De Christus en de sociale nooden en democratische klippen - pagina 30

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895

Abraham Kuyper Collection | 96 Pagina's