Proeve van pensioenregeling voor werklieden en huns gelijken - pagina 41
PROEVEN VAN OPLOSSING.
dekken. Meer nog, weduwen en de weezen, die
invaliditeit
ze
de
de
Om
bereiken slaat
dit doel te
werkman
zelf
bijaldien
kwam weg
hij
God hem het
pensioen, indien
voor
zijn
vrouw en kinderen,
en dat de zorge voor
sterven,
te
tot
werkman achterlaat. de heer Hovy voor, dat men den
zorgen
laten
zal
moet zich ook uitstrekken
zijn
leven spaart, geheel op den patroon
worde gelegd. In dit denkbeeld van verdeeling nu ligt de
werkman
voor
hem,
pensioen
voor
en
niet
Alzoo
hij
gering
dat
hij
iets schoons.
een ander,
Zelf zorgt
zijn patroon,
uitdrukkelijke
zorgt
conditie, dat het
armbedeeling, maar als een deel van het ver-
als
worde aangemerkt.
niet uilbelaalde loon
werkman van den patroon
eischen
recht heeft op afeischen van het weekloon.
Meer nog, de heer Hovy karig,
de
een pensioen, dat de
kan, evenals
en
zijnen,
onder
zulks
maar nog
diende,
de
de
f
beschouwt,
3,
en
is
liefst
op
dit
punt zoo weinig schriel en
overal elders
die
is
aangenomen,
als te
een voorziening zag nemen, die den
bedaagden en vergrijsden werkman een pensioen van het dubbele bedrag waarborgde. Als proeven van de wijze waarop
dit
denkbaar ware, geeft
hij
deze drie voorbeelden.
w
e k e 1 ij k s van af het 24e levensjaar 30 cent pensioen. „1. Men betaalt Dit zal op het 65e levensjaar een pensioen van /"ö.— per week geven^ hetgeen echter op het 70e jaar reeds f 12.— per week zal bedragen (omdat men zooveel langer heeft bijgedragen en zooveel minder
levensjaren
meer
te
wachten
heeft.)
Indien men echter eerst aanvangt op het 34e levensjaar, geeft de 30 cent per week slechts recht op een pensioen van f 3.33 op het 65e en f 6.66 op het 70e leven.sjaar. Op het 40e jaar begonnen, zijn die cijfers f 2-15 en f 4.60 per week enz. 2. Men betaalt i e d e r j a a r, vanaf het 24e leven.sjaar, voor den werkman f 20.—, dan zal hij daarvoor op 65-iarigen leeftijd genieten voor hetgeen in het 24e jaar is gestort 50 cent per week, voor het in het 25e jaar gestorte 48 cent perweek, voor het in het 26e jaar gestorte 46 cent per week, enz. Men heeft dan slechts de optelling te maken om tot de som der wekelijksche pensioenen te komen — welke cijfers echter weer aanzienlijk hooger worden, wanneer men tot het 70e jaar bijdraagt, zonder te trekken. 3. Men wenscht alleen op sommige tijden voor zijn werkman een bijdrage te storten, wanneer er voorspoed is geweest en het dus
„lijden" kan;
24 jaar oud
en
men
stort één jaar f 100.- voor
geeft deze wekelijksche uitkeering van acliter
is,
som hem op zijn /" 2.50 Kan men
hem.
Als hy dan
65e jaar recht op een
dit nu een jaar of drie elkander volhouden en telkens f 100 storten, dan is hem reeds
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895
Abraham Kuyper Collection | 112 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895
Abraham Kuyper Collection | 112 Pagina's