De Christus en de sociale nooden en democratische klippen - pagina 13
En dan
het ons vergund, als ter inleiding, te wijzen op
zij
het verpletterend oordeel, in de Maart-aflevering van de Revue
den heer Anatole Leroij Beaulieu over
deux mondes door
des
met den
de positie geveld, die door de Christenen, in strijd
van den Christus, tegenover het
Mammon, ingenomen Op
geest
dus tegenover den
wordt.
mogen
dit getuigenis
geld, en
wij onzerzijds ons te eer beroepen,
overmits de heer Leroy Beaulieu geen democratische sympathieën heeft,
maar
er veeleer tegen
waarschuwt.
althans kan dus niet verdacht worden, gelijk
Hij
men
ons
verdenkt, van, uit democratische neiging, het Evangelie, sterker
dan goed en geoorloofd
is,
tegen de zondige, en door God niet
gewilde ongelijkheid in de aardsche lotsbedeeling op te roepen. zegt dan
Hij
heeren
dienen.
Mammon is
:
nu
is
„Niemand, alzoo sprak de Christus, kan twee Gij
kunt God niet dienen en den Mammon.
de rijkdom. Dit kostelijk woord uit de Bergrede
thans echter verouderd. De Christenen van onze dagen heb-
ben
alles
dit
anders ingericht.
sonen die gedoopt onder hen
Mammon
zijn in
hebben ook te
Men
telt
Na achttienhonderd
dienen?
400
millioen
per-
Naam van Jezus, maar hoevelen maar de minste bedenking, om den den
jaren
is
Mammon
weer de Koning der wereld geworden. De vroomsten verdeelen zich tusschen den dienst van niet de zorgen voor
God en van Mammon, en
hun eeuwige schatten
die
het zijn
hen het meest
drukken en benauwen. In waarheid zou men haast wanen, dat
van den
niet
rijke,
maar van den arme gezegd was,
dat
een kemel nog lichter door het oog eener naald gaat, dan het Koninkrijk
in
zich waarlijk
hij
hemelen. Immers, als de Christenen
der
van de denkbeelden van hun Heiland doordron-
gen hadden, zouden ze niet op geld moeten azen, maar* veeleer
bang moeten wezen,
En met
om
veel geld te bezitten",
(p.
245).
het oog op het anti-Semitisme voegt
hij
hierbij,
dat
geworden, maar dat
dit
zeer zeker de Jood
een geldslaaf
is
alleen mogelijk was, doordien hij ontwaarde, dat
den
der Chrislelijke maatschappij het
gen kon, als juist met
Nu
willen
geld^ altoos
onze medebelyders
met
weer
men
te
mid-
niets zoover bren-
geld.
van den Christus onder de
aanzienlijken hierbij wel in het oog houden, dat de heer Leroy
Beaulieu deze onheilige zucht naar het geld volstrekt niet leen
bij
de rijken onderstelt en wraakt.
al-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895
Abraham Kuyper Collection | 96 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895
Abraham Kuyper Collection | 96 Pagina's