Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

„Wonderbaarlijk omlaag gedaald.”

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Wonderbaarlijk omlaag gedaald.”

7 minuten leestijd

[GOEDB VRIJDAG.]

Hare onreinheid is in hare zoomen, zij heeft niet gedacht aan haar uiterste; daarom is zij wonderbaarlijk omlaag gedaald; zij heeft geenen trooster; Heere! zie mijne ellende aan, want de vijand maakt zich groot. (Klaagl. 1 : 9.)

Op den weg naar Emmaus ontvingen Lukas en Cleopas een onderwijzing van hun Hee|-, die al Gods kinderen hun benijden.

o, Hoe zou onze ziel één en al gehoor zijn geweest, als we zelven het eens van zijn lippen

hadden mogen hooren, hoe hij heel de Schrift des Ouden Verbonds doorliep, om het uit de boeken van Mozes en al de profetische geschriften te betuigen, »dat de Zoon des menschen alzoo lijden moest, om eerst door dat lijden in zijn heerlijkheid in te gaan.".

Hoe voelt elk onzer, '.'dat de Heere ons zijn heiligen Messiasnaam in tal van woorden en beelden en feiten zou getoond hebben, waar wij bij het lezen, der Heiligen Schrift van het Oud Verbond nauwelijks vermoeden van hebben.

En als dan de symbolische overdrgvers ons ter aanvulling van die leemte hün inzichten in het Oud Verbond aanpreeken, dan voldoet dat toch niet. Dat leeft niet. Dat tintelt niet. Daar trilt geen heilige bezieling in. Daarin zien we het Messias-leven niet van onzen Heer.

Stille lezing van het Oud Verbond spreekt dan de ziel nog beter toe, en als ge zoo in de Klaagliederen Gods profeet van Jeruzalem hoort klagen: i> o, Gij, die op den weg voorbi gaat, aanschouwt of er een smarte is gelijk mijn smarteP dan hoort elk kind van God daarin een profetie van de klacht die op Golgotha viel te beluisteren, en is het hem, of zijn stervende Heiland het ook hem uit Gethsémané en van het kruishout toeroept: »o, Gg allen die op den weg voorbijgaat, aanschouwt en ziet of ooit een smarte geleden is, als ik leed; ooit een lijden als mij is aangedaan? ”

Jeruzalem, Sion, die tempel op Sion, en al wat in dien tempel blonk en schitterde, het had alles het beeld van Messias gedragen.

En daarom toen Jeruzalem inzonk, en daalde en. wegzonk, toen hebben die steenen het niet gevoeld en heeft dat voorhangsel het niet gevoeld, maar toen heeft de Heilige Geest er den profeet van laten profeteeren, hoe die weeklagen en doodsklagen van het stervend Sion slechts voorspel van de schriklijke vervaarnis was, die eens Messias in zijn lijden zou bevangen.

De val, de daling, de inzinking en wegzinking was zoo ontzettend!

Een door God verkoren plek. De plek waar Hij zijn heerlijkheid had doen wonen. Zijn lieflijke woning waaruit de reuke der offeranden opsteeg voor zijn heilig aangezicht. En dan zulk een stad vertreden door godloochenaars, en door.de goddeloozen bespuwd en uitgebrand. En ten leste de" woeste heidenen staande op den top van den berg des Heeren, om het uit te gillen en uit te krijschen: »Jehovah is overwonnen, zijn huis ligt verbrand !”

Vandaar dat de profeet dan ook klaagt: »IIoe wonderbaarlijk is Sion omlaag gedaald." Gedaald., neen dat is het woord nog niet; maar omlaag gedaald moet de diepte der vernedering uitdrukken; en zelft ddt drukt het nog niet uit, en daarom klaagt hij: »Hoe ioonderbaarlifk omlaag gedaald is Sion!”

Eens zong men in dat Sion: »Gij bultige berg Basan, wat verheft gij u tegen Sion. God zelf heeft dezen berg begeerd en zal hier eeuwiglijk wonen!" En nu, nu jubelde Basan en sprong de bultige berg van hoovaardij op, terwijl van Sions heuveltop niets dan de rook der puinhoopen omhoog steeg.

En toch, ook dat was slechts profetie van de onbeschrgflijke, onuitsprekelijke vernedering waarin uw Jezus zou verzinken.

Hij, bij wiens kribbe Gods engelen van glorie zongen; aan wiens lippen duizenden hingen; die aller krankheid genezen had; die op den Thabor had geblonken in majesteit; en van wien het én door én bij den Doop was betuigd: »Deze is het in wien Ik mijn welbehagen heb." Hij, God geopenbaard in het vleesch, het uitgedrukte beeld zijner zelfstandigheid, en die het afschijnsel zijner heerlijkheid droeg. En. die heerlijke persoon nu door ruwe gerechtsdienaars aangegrepen, gebonden om de polsen met koorden, voortgeduwd en mishandeld, bespot en in het aangezicht gespuwd, met striemen gegeeseld, en gevloekt, en straks met spijkers door de handpalmen geslagen en naakt uitgetogen aan het schandhout genageld; o, zeg zelf, is het ook hier niet, ja, niet hier veel meer nog dan bij Jeruzalems puinhoop: i> Ho wonderbaarlijk otnlaag gedaald.”

Neen, die diepte waarin uw Heiland wegzonk, die peilt uw oog niet. Daar kunt ge niet bij.

Daar zoudt ge eerst eeniglijk, door zelf in eeuwig verderf weg te zinken, een besef van kunnen krijgen.

Die diepte peilt Satan. Die diepte peilen de eeuwig verlorenen. Die diepte is zoo diep als de bodem der eeuwige verderving ligt. Want daar, daar had elk kind van God in moeten wegzinken. In die diepte had elk nu geredde moeten afdalen. Zoo laag en wonderbaarlijk laag hadt ge eeuwiglijk moeten verzinken.

En dddr, daar daalde hij, uw Heiland, voor Gods volk in af.

Om het al zelf en voor u uit te drinken, wat u eeuwiglijk de bittere drank der verdoemenisse zon geweest zijn.

Om in dien stroom van vloek en dood onder te worden gedompeld, waarin gij eeuwiglijk zoudt verzwolgen zijn.

En om in te dalen tot in die allerdiepste en wonderbaarlijk diepe vernedering, die eeuwiglijk uw lot zou geweest zijn, zoo er geen hulpe ware besteld bij dien Held!

En daarom roept de Schrift u toe: Zie op dat kruis, aanschouw de ontzettendheid van dat geheim en verborgen lijden. Hoor dat roepen: »< jij allen die op den weg voorbijgaat, ziet of er een smart is gelijk mijne smart", en roep dan met den profeet in verbazing en met aangrijping der ziele het ook van uw Heiland uit: »Hoe wonderbaarlijk omlaag gedaald!"

Hij die alle engelen en serafs gebiedt, ineenkrimpend in het stof en weedom des harten, dat een engel hem vertroosten moet!

Hij, die eens aller Rechter zijn zal, voor den rechter op aarde als schuldige getrokken.

Hij, wien eens alle vleesch om behoudenis zal aanroepen, als een uitvaagsel en afschraapsel, zijn plek een plaats op aarde niet waard, opgehangen aan hef vloekhout en nog in zijn

sterven gesard. _ Prooi des Doods, hij, de Heere des Levens die eens alle Dood verslinden zal in zijn mogendheid.

Die Lazarus uitriep uit de grafspelonk, nu zelf in de grafspelonk ingedragen.

o. Gij, goddelooze, die gered zijt, is het niet wonderbaarlijk, dat zoo laag en zoo omlaag in die peillooze diepte van vernedering uw lieve, heerlijke Heiland dalen kon!

En dit nu deed hij om u, deed hij voor u; om u in uw sterven in stee van dit eeuwige wegzinken een eeuwig verhoogen in heerlijkheid te bereiden.

Maar laat iiw ziele dan toch gebeden zijn, om niet op den weg waar dat kruis staat voorbij te gaan; neen, maar stil te staan, en asdat kruis aan te staren; en in de diepte van die wegzinking met heel uw ziel en heel uw zinnen in te gaan.

o, Wie onzer heeft ooit, ooit naar waarde beseft wat Immanuel voor ons deed en voor ons leed.

En nu worden we daar wel gewoon aan.

Zoo is de verderving onzer natuur. Ge hoort zoo altoos van dat kruis, dat het u bijna niet meer aangrijpt.

Maar juist daarom is zulk een goede Vrijdag

dan nog goed. Want die bepaalt er u bij; die trekt er u naar toe; die noopt u om in dat kruis u in te denken.

En zoo ge dit doen moogt, en het dan aanstaart, en er in komt met uw ziel, wie hij is, en wat hij daar leed, en hoe de toorn Gods op den Zoon, van God was, o, dan zal het ook u niet meer gewoon zijn, maar ook uw verbazing j­ wekken, en de ziel zal ook in uw binnenste e het uitroepen: »Hoe wonderbaarlijk gedaald naar omlaag!”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 april 1887

De Heraut | 4 Pagina's

„Wonderbaarlijk omlaag gedaald.”

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 april 1887

De Heraut | 4 Pagina's

PDF Bekijken