De heer Doc. De Cock levert in het
jongste Bazumnummer critiek op het besluit der Synodale Deputaten van de Ned.
Geref. kerken, waarbij bepaald wierd, dat predikanten uit de Christ. Geref. kerk beroepbaar zijn, mits tot de Evangeliebediening toegelaten vóór 23 Januari 1889.
In dit besluit nu ziet Doe. De Cock „eene oorlogsverklaring aan de Christ.
Geref. kerken."
Hier vatten we nu niets van.
In hetzelfde Bazuinnnmmzr wordt door den heer L. A. Post uit Delft verklaard, dat de beroeping van een Christ. Geref. predikant bij een Ned. Geref. kerk is: „een ergeren der broeders, " een „ingrijpenin het huisgezin", een > verleiden tot ontrouw", en een „ontrooven van kracht."
De één zegt dus: „Als ge mijn predikanten niet disponibel ter beroeping stelt, is dat een oorlogsverklaring." De ander zegt: ïAls ge ze beroept, krenkt ge mij."
Wie heeft nu gelijk.' Misschien meldt ons de Bazuin dit een volgend maal.
Toch mag, ook afgezien van deze ontsluiering, het bewijs niet achterblijven, hoe Doe. De Cock zich ditmaal totaal vergist.
Deputaten hebben uiteraard niets zelven te beslissen, maar zich, naar goed Gereformeerd gebruik, stipt te houden aan hun lastbrief.
Zij konden noch mochten dus anders beslissen dan de Synode te Utrecht beslist had.
En overmits nu de Synode reeds in den aanvang des jaars voor haar predikanten Academische opleiding eischte, stond het geenszins aan De putaten om dit besluit der Synode krachteloos te maken, maar moesten ze zich daaraan houden.
En zegt Docent De Cock: , Ja, maar dan kwam de oorlogsverklaring van de Utrechtsche Synode, " dan zou hij dat hebben moeten zeggen, toen de Synode dit besluit nam. Niet nu maanden later de Deputaten hun last uitvoeren.
Doch ook de Synode van Utrecht dacht aan geen oorlogsverklaring.
Veeleer nam ze dit besluit in de vaste en stellige verwachting dat art. 14 der Concept-acte, handelende van deze materie en die door alle gecomiteerden, op één na, en dus ook door Docent De Cock, was geaccepteerd, welhaast grondslag van samenleven en samenwerken zou worden.
Hoe ter wereld toch kon de Synode van Utrecht aan een oorlogsverklaring denken waar ze twee dagen later haar afgevaardigden nog naar Kampen zond, om de vereeniging mogelijk te maken.' Had er een oorlogsverklaring in gelegen, dan had Docent De Cock dat toen wel gezegd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 16 juni 1889
De Heraut | 4 Pagina's