De vacatuurgelden komen weer op het tapijt.
Van twee kanten tegelijk.
De kleine kerkgenootschappen zetten een , adresbeweging op touw, om van den Minister van Financiën herstel van vroegere usantiën te verkrijgen, en het „Ned. Herv. Genootschap" maakt zich op, om den Staat een actie aan te doen, waarbij de achterstallige vacatuurpenningen voor de doleerende kerken worden opgtëischt.
De eerste quaestie is een puur formeele.
Immers, het is niet waar, dat de Minister wilkeurig onderscheid maakt. De rechten dezer kleine genootschappen rusten op geheel anderen grondslag dan dat van het Ned. Hervormde, en nog onlangs is in de Zondagsbode door een kundig Mennoniet duidelijk aangetoond, dat de mini.sterieele maatregel wel terdege zijn grond vond in vroegere besluiten.
Maar wel van aanbelang is de tweede quaestie, waaromtrent de N, Rott. Ct. dit meedeelde:
Men schrijft ons uit Oudenbosch : Tengevolge der doleantie was het in vele gemeenten, waar de predikant doleerde en van zijn ambt ontzet werd, voor de ringpredikanten ondoenlijk, den predikdienst te vervullen. De toegang tot den kansel, die tijdig door den doleerenden predikant was ingenomen, werd hun belet. Zij moesten voor de overmacht bukken, en na dit te hebben doen constateeren, onverrichter zake weer naar hunne standplaats terugkeeren.
Het gevolg hiervan was, dat de Minister van Financiën het landstraktement, dat aan de vacante standplaats verbonden was, inhield niettegenstaande de consulent er het werk van den pastor loei verrichtte.
De vertoogen door de belanghebbenden, met beroep op art. i68, thans 171, der grondwet, en op de kerkelijke, door den Staat goedgekeurde reglementen, bij den Minister gedaan, waren vruchteloos. Het constante antwoord luidde dat Zijne Excellentie »zich niet bevoegd achtte, in de gegeven omstandigheden order te geven tot uitbetaling van het rijkstraktement.»
De correspondentie van de Synode-commissie met den toenmaligen Minister van Financiën, later met den tegenwoordigen gevoerd, leidde tot niets.
Thans zal één der benadeelde ringen, waarschijnlijk die van IJselmonde, op uitnoodiging van de kerkelijke overheid, eene civiele actie tegen den Staat instellen en de Hooge Raad moeten beslissen, aan welke zijde het recht is. Tot den ring IJselmonde behoort de gemeente Barendrecht, waarover het geschil loopt.
Nu geldt het dus de quaestie, oi er dienst verricht is al dan niet.
De Minister schijnt namelijk dit stelsel gevolgd te hebben: Ik betaal vacatuurgelden uit voor kerken die in doleantie gingen, zoo de Synodale predikanten feitelijk den dienst waarnamen, maar houd die in, zoo de dienstverrichting uitbleef.
Sterk is dit standpunt zeker niet. De vraag is toch: Bleef die dienstverrichting uit door verzuim, of door overmacht.'
En waar het nu in confesso is, dat de Synodale predikanten, om toch maar de vacatuurpenningen te kunnen innen, overal zochten in te dringen, waar ze slechts konden, zelfs in plaatsen waar ze vroeger niet naar omzagen, kan van onwil of nalatigheid wel geen sprake zijn.
Meestal verkeerden ze eenvoudig in de onmogelijkheid om hun dienstwerk te verrichten.
Pleit hun advocaat dus op „overmacht", dan zal de Staat zwak in rechten staan, en het proces alle belang missen.
Maar het kon ook zijn, dat de Staat een ander standpunt koos, en door een handig advocaat ten deze onderscheid liet maken tusschen hetgeen krachtens Art. 171 der Grondwet kan gevorderd worden, en hetgeen meer bij V; fijze van faveur ^^^«^«^ is, en waarover dus de beschikking aan den Staat verblijft.
En dan wierd de quaestie zeer belangrijk, daar alsdan heel Art. 171 in het geding zou komen, en een der neteligste quaestiën kon worden uitgeplozen.
Voor de Doleantie is hierbij rechtstreeks natuurlijk niets te winnen.
Immers de Regeerfng, die feitelijk overal aan het Synodaal Genootschap de hand boven het hoofd hield, kan zelve niet op de Doleantie gaan pleiten, om zich tegenover de Synodale predikanten te verweren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 27 oktober 1889
De Heraut | 4 Pagina's