Het vonnis door
Het vonnis door de Rotterdamsche rechtbank, in zake de kerk van Zuidland gewezen, trekt zeer de aandacht.
De vraag komt hierop neer, of diakenen, die van achteren verklaard worden, geen wettige beheerders van zekere goederen en gelden, sinds zekeren dag, stel i Januari 1889, meer te zijn, en die niettemin tot zekeren naderen dag, stel i Januari 1890, voortgingen met de armen te verzorgen, kunnen worden genoodzaakt om de aldus uitgegeven gelden terug te geven uit eigen beurs.
Zegt men ja, dan volgt hieruit, dat elke handeling hunnerzijds, van den dag af, waarop ze later verklaard zullen worden, geen wettige beheerders meer te zijn geweest, op eigen risico is geschied.
Hieruit volgt dan alweer, dat ze van dien dag af zich van elke handeling hadden moeten onthouden.
En daaruit volgt dan ten slotte, dat overmits er op dien dag, en de dagen daarna, geen wettige beheerders, in den zin der wet waren, de armen hadden moeten verhongeren.
Stel zulk een diaconie administreerde een weeshuis met honderd kinderen en een oudemannenhuis met honderd ouden van dagen, dan zouden deze gestichten, in dat stelsel, van dien fatalen dag af onbeheerd hebben gestaan, en noch voor voeding noch voor verpleging van zieken een gulden mogen zijn w'tgegeven.
Hierdoor nu oordeelt dit stelsel zich zelf, en wordt het volstrekt onverklaarbaar, hoe Mr, Knottenbelt zoo iets pleiten kon, en de Rotterdamsche rechtbank zoo iets kon verklaren.
Van de Synodale heeren spreken we hierbij liefst niet. Want welk denkbeeld men zich te vormen hebbe van kerkelijke personen, die als kerkelijke ambtsdragers zulk een uithongeringssysteem van armen, iveezen en weduwen voorstaan, laten we liefst aan de beslissing onzer lezers over.
Ons dunkt het eenig billijke en rechtvaardige stelsel, dat ook door onderscheidene rechterlijke uitspraken is aangenomen, zou dit zijn, dat men onderstelt: De armen, weezen en weduwen moeten in ieder geval verzorgd; gelden daarvoor besteed zijn dus altoos wettige uitgaven, zoolang ze geschied zijn door wie meenden als beheerders te moeten optreden; en ook waar deze later in rechten blijken dit onjuist te hebben ingezien, moeten ze voor dien tusschentijd beschouwd als zaakwaarnemers.
Geschil zou alleen kunnen rijzen over uitgaven gedaan aan personen, die door de nieuwe beheerders niet meer erkend werden, als op bedeeling uit hun fondsen recht te hebben gehad.
Dit echter kan in rechten alleen worden uitgemaakt door de aanwijzing van bepaalde bedeelingen, die mochten hebben plaats gehad aan zekere personen, na den dag waarop in rechten hun uitbanning uit het diaconaal ressort had plaats gehad.
En deze sommen, dat geven we toe, zou men dan, zoo men het onderste uit de kan wilde hebben, terug kunnen vorderen, mits dan ook uit de inkomsten wegbleef, wat buiten het diaconaal ressort, gelijk dit in rechten geldt, was geïnd.
Zoo hopen we dan ook, dat Zuidland in appèl zal gaan.
Zulk een rechtspraak mag niet onaangetast blijven.
Er dient uitgemaakt, of metterdaad de Nederlandsche rechter dit uithongeringsstelsel in beginsel al dan niet accepteert.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 16 maart 1890
De Heraut | 4 Pagina's