Vrije Universiteit.
Vrije Universiteit.
Sprak ik vóór veertien dagen van een verlies, dat de Vrije Universiteit te lijden had, ook ditmaal valt wederom een bedroevend feit te gedenken, dat de aandacht onzer vrienden niet mag ontgaan. Is het een zegen, wanneer de Heere mannen geeft, die zijne kerk tot een sieraad en tot een zegen zijn — stellig hebben wij zijn slaande hand op te merken, wanneer Hij ze weer van ons neemt. Ik geloof, dat ik mij niet schuldig maak aan verheerlijking van een mensch, wanneer ik in herinnering breng, hoe de Heere ons in Dr. W. v. d. Bergh, van Voorthuijzen, een man beliefde te schenken, met zeldzame gaven van verstand en gemoed toegerust, van wien de kerk nog veel mocht hopen. Daarom was ook de mare, dat hij ten vorige jare, na een tijd van volkomen rust, weer tamelijk gezond was teruggekeerd in het vaderland, een oorzaak van groote irreugde en dank aan den Heere. Zooals bekend, werd door Directeuren der Vereeniging voor Hooger Onderwijs, op voordracht van heeren curatoren onzer Universiteit, besloten hem tot buitengewoon hoogleeraar te benoemen, en was die benoeming door Dr. v. d. Bergh, na zeer ernstig beraad en overleg in de classis, behoudens nadere approbatie door de voorloopige Synode, reeds aangenomen. Werkelijk meenden wij een groote aanwinst voor onze Universiteit te hebben gedaan; doch de Heere bezocht onzen geliefden broeder dezen winter weder met zijn oude krankheid, welke hem wederom tot volslagen werkeloosheid dwong, en ook noodzaakte om een ander klimaat op te zoeken, zoodra het weder wat geschikter zou zijn voor een groote reis. Nu is hij sedert 11. Woensdag afgereisd, om^in Zwitserland tusschen de bergen versterking zijner zoozeer geschokte krachten te zoeken. Zal ditmaal het zoo vurig gewenscht herstel volgen; of wel, heeft deze nieuwe schok hem zoodanig aangegrepen, dat geen herstel meer volgen kan? — De Heere weet het! Onze dagen zijn in zijn hand. Hij is machtig uitkomst te geven, want »bij den Heere, den Heere zijn uitkomsten tegen den dood". Laat er ons Hem om bidden, opdat deze kostelijke talenten, die de kerk nog niet missen kan, naar onze menschelijke beoordeeling, niet in de helft der jaren in den grafkuil nederdalen; doch nog hier op aarde mogen gebruikt worden aan de verheerlijking van onzen Koning en Heere. Bij den Heere zijn alle dingen mogelijk, ook dit. Wie weet wat Hij nog doet. Hij, die Hizkia's gebed verhoorde en jiijnc levensdagen nog verlengde. Ik wenschte wel, dat deze zaak een onderwerp van ons gemeenschappelijk gebed worden mocht; want vele zijn de beloften, die de Heere in zijn Woord heeft gegeven voor hen, die Hem aanroepen in de benauwdheid hunner harten. W. HOVY.
In dank ontvangen: Voor de VereeHiginff: Aan ContribUtlSn: door den heer H. Koster te Hesselingen ƒ 49; door Ds. K. J. Stroes te Winterswgk ƒ 18.50; door S. Baron van Heemstra te Sassenheim ƒ 5; door den heer W. dfr Boois te Groningen ƒ 5; door den heer J. W. Koning te Leiderdorp ƒ 8.50; van den heer J. V. /z; van den heer J. Z. ƒ r.50; door den heer J. Bos te Almeloo ƒ 50; aan Schenkingfen : doorj den heer L. J. Visser te Buitenpost fi; door den heer P. Vermeer te Baambrugge ƒ i; door den heer H. Bijkerk Rz te Steenwijk ƒ 2.50; door den heer Jb. Kievit te Den Bommel fi; door den heer R. Fuik gevonden in de collecte der Geref. gem. N. Rijn te Leiden ƒ 2.50.
Voor het Hospitiam: Van Mevr. De V. te Z. B. een pak thee. Voor bet studiefonds: Bij Prof. Dr. A. H. de Hartog ingekomen: door den heer A. V. J. Buys, collecte op de Jaarvergadering der Chr. Jongel. Vereen, te Oudewater / 7.80.
* S. J. SEBFAT, penningmeester. Hilversum.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 23 maart 1890
De Heraut | 4 Pagina's