Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De Heraut behoeft de doodsmare

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Heraut behoeft de doodsmare

5 minuten leestijd

Amsterdam, 2 Mei 1890.

De Heraut behoeft de doodsmare van Dr. Van öen Bergh's overlijden niet meer te breng

Dat hij in den nacht van 29 op 30 April 1890, te Montreux, in Zwitserland, zacht en kalm, in de hope des eeuwigen levens ontslapen is, wierd uit de politieke bladen aan onze lezers reeds bekend.

Maar wel kan ook onze redactie een woord van weemoedige herinnering en stille droefheid niet terughouden, nu het den Heere onzen God behaagde, zulk een man op zoo jeugdigen leeftijd van ons weg te nemen.

Mannen als Van den Bergh zijn voor een land zooveel waard, want er ging zulk een reuke des levens van hem uit. Er zijn er zoo weinigen, die ge met hem in ééneh adem noemen kunt. En als ge dan nog zoo kort in het genot en het bezit van zulk een fijnen, uitnemenden geest en zulk een vroom kind Gods u verblijden mocht, dan grijpt het zoo ontzaglijk aan, indien God de Heere ons zulk een gave zoo kort laat, en zoo spoedig van ons neemt.

Er vereenigde zich in Van den Bergh zooveel, waardoor hij schier zonder inspanning een plaats in het hart van Gods volk won.

Zijn verleden was met eere. Zijne studiën waren veelzijdig geweest. Zijn aanleg was zoo rijk en gelukkig. En toen hij in den dienst des Woords mocht ingaan, openbaarde hij als prediker van het Evangelie een zoo ongemeene, zoo aangrijpende, en doordringende kracht, dat de duizenden niet alleen aan zijn lippen hingen, maar steeds beschaamd en getroost in hun Heiland huiswaarts keerden.

Van den Bergh was in den goeden zin een boetprediker in ons midden, bij wiens woord men gevoelde, dat een Meerder dan hij in en door hem sprak.

Zijn opvatting was zoo diep. Hij kon niet rusten eer hij den wortel der dingen had gegrepen. Halfheid stuitte hem tegen de borst. En reeds kort nadat hij de Academie verliet, brak hij daarom met de zoo schoon gekleurde ethische theologie, en wierp zich met heel zijn hart opde aloude waarheid, waarvoor Gods martelaren eens gestorven waren.

Duurzaam te leven onder het valsche Synodaal systeem was hem onmogelijk. Godsvrucht verbood het hem. Hij had er zijn Heere te lief voor. En zoo was Voorthuizen een der eerste kerken, die onder zijn gelukkige leiding tot welbewuste en kerngezonde reformatie kwamen.

Toch bepaalde zijn invloed en inwerking zich niet tot dit ééne dorp. Zijn stem ging over heel de Veluwe uit. Hij had haar, zij hem lief. En van de dagen van zijn komst in die streken dagteekent een geheel nieuw leven in deze vaak miskende streek van ons land.

Bovendien ging zijn hart naar het geestelijk welzijn van kerk en vaderland in zijn breedste kringen uit.

Bij alle generale saamsprekingen wierd Van den Bergh gezocht. Men koos hem in alle commissiën. Bij alle stichtingen, die ontstonden, achtte men zich gelukkig zijn naam aan haar te kunnen verbinden. Voor de Vrije Universiteit heeft hij steeds met warmte en ernst geijverd. Opdevocrloopige Synode was hij een geestelijke autoriteit. En ook hij behoorde tot de afgevaardigden, die uit Utrecht naar Kampen togen, om de daar verzamelde broederen tot een overzien van al wat scheiden kon, te bïwegen.

En zulk een man wierd thans uit ons midden weggenomen. Hij verliet Voorthuizen voor Montreux, om zijn geliefde kerk van Voorthuizen nimmer weder te zien.

Te Voorthuizen zal die slag gevoeld worden; en ware het niet, dat juist Van den Bergh de ouderlingen en diakenen steeds gewend had aan bewust en zelfstandig handelen, zoo zou misschien deze slag voor deze hardbezochte kerk onoverkomelijk zijn.

Maar Van den Bergh was geen dominee in den boozen domineeszin van dat woord. Hij was een dienende broeder onder de broederen, die juist alleen door zijn dienende toewijding heerschte.

Het was of steeds de gedachte hem verzelde, dat zijn jaren niet vele op aarde zouden zijn.

Er bestond wel aanleiding voor die vreeze.

Keer op keer had hij in het Zuiden een geliefd lid van zijn familie aan die bange tering ten grave zien dalen; en reeds voor • jaren deden zich ook bij hem verschijnselen voor, die de volle kracht zijner persoonlijkheid braken.

En hoe men zich ook vleide, die ver-r schijnselen werkten als een onmerkbaar, langzaam gif door, tot ze eindelijk de over­ hand erlangden, en zijji vrienden reeds een jaar geleden merkten, dat de kwaal heerschende wierd.

Aan die kwaal is hij dan nu ook bezweken, na reeds maanden lang met zwakheid en inzinking en felle koorts geworsteld te hebben.

Men zou van achteren zoo zeggen: Ware hij maar in ons midden gebleven! Nu het kwaad zoover heen was, kon Montreux toch niet meer baten! Het einde zou toch de dood zijn.

Toen dan ook schrijver dezes den geliefden broeder in het begin dezer maand te Montreux bezocht, kon hij weinig anders mee naar het vaderland brengen, dan de verzekering van den arts, dat het misschien nog eenige weken duren kon.

En zoo is het dan ook geloopen.

Prof, Fabius, die de laatste v/eek naar n Montreux trok, om den ouden academievriend, met wien hij steeds op het nauwst verbonden bleef, bij te staan, was nu de eenige uit ons midden, die zijn sterven aanschouwd heeft.

God zij lof, dat het een sterven in den vrede zijns Heeren mocht zijn.

Zij God, onze trouwe Vader, zijn arme weesjes, zij Hij zijn beroofde kerk van Voorthuizen nabij.

En moge Gods volk in den lande, bij het heengaan van dezen trouwen getuige verstaan wat het zij, te danken voor Gods vrije gifte ook in dezen broeder aan zijn kerken geschonken, en werke de indruk van wat Van den Bergh in ons midden geweest is, ook nog na zijn verscheiden, tot Godes eere na!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 4 mei 1890

De Heraut | 4 Pagina's

De Heraut behoeft de doodsmare

Bekijk de hele uitgave van zondag 4 mei 1890

De Heraut | 4 Pagina's