Gelijk men weet,
Amsterdam, 22 Mei 1890.
Gelijk men weet, heeft de „Synodale kerk", d. i. die van Leeuwarden, de classes opgeroepen, om elk één Bedienaar des Woords en één Ouderling af te vaardigen, met hunne secundi.
Nu rees in een enkele gecombineerde classis de vraag, of men voor zulk een gecombineerde classis niet twee Dienaren en twee Ouderlingen kan committeeren.
Het antwoord hierop is uiteraard: stellig neen.
Dan toch zou Arnhem, dat gecombineerd is uit vijf classes, tien leden deputeeren moeten, Middelburg acht enz., en dan liep natuurlijk geheel de deputatie in ds war, en zou elke geldige stemming onmogelijk worden.
Combinatie van classes tot ééne classicale vergadering heeft tijdelijk plaats, zoolang er nog niet genoeg kerken tot reformatie zijn gekomen. Zoo kan men in onze oude Acta nalezen, hoe indertijd heel Noord-Nederland slechts ééne classe vormde; maar dan deputeerde heel Noord-Nederland ook slechts één Dienaar en één Ouderling.
Natuurlijk kan er wijziging in dezen stelregel gebracht, maar niet dan met gemeen accoord. d. \_ door een Synodale vergadering, en dan voor alle gelijk.
D. w. z. dat dan ook de enkele dassen, die niet gecombineerd zijn, meer dan één Dienaar en één Ouderling zouden moeten afvaardigen.
Maar nooit kan ééne gecombineerde classis zitting vragen voor meer leden dan de andere gecombineerde of niet-gecombineerde classis.
En deed m< n dit nu toch', dan zou dit geen ander gevolg hebben, dan dat de Synode niet kon uitmaken, wie nu de eigenlijke gedeputeerden waren, en dat dus een nieuwe classicale vergadering zou moeten worden opgeroepen.
Wil men dus deze zaak ter Synode brengen, uitnemend; maar in elk geval kan eerst nadat de Synode hierover gunstig heeft besloten, verandering in de wijze van afvaardiging komen. Niet eer.
Doch liever nog dan nu reeds eene wijziging in de kerkenordening voor te stellen, zouden wij de dassen waar deze toeleg bestond, aanraden, splitsing of opheffing van de combinatie voor te stellen.
Dat is de goede, de natuurlijke en gezonde weg.
Want men lette er wel op, er staat in de kerkenordening (art. 41) niet, dat elke classis, maar uitdrukkelijk, dat ., .filke classicale vergadering" éénen Dienaar en éénen Ouderling zal afvaardigen.
Daar nu gecombineerde dassen saam toch altoos slechts ééne classicale vergadering vormen, is over het jus condition ten deze niet wel twijfel mogelijk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 25 mei 1890
De Heraut | 4 Pagina's