Aan de goede gewoonte van
Aan de goede gewoonte van het Locaalcomité der Vrije Universiteit te Amsterdam, om bij gelegenheid der jaarvergadering een ure des gebeds te houden, dankt het publiek ditmaal de uitgave van het goede woord, waarmee Ds. Klaarhamer te Middelburg dit jaar het gebed voor deze stichting inleidde.
Het zag het licht bij den uitgever Le Cointre te Middelburg, op een wijze die deze firma eert.
Doch ook om de zaak zelve dient op dit woord gewezen.
Men vergete toch niet, dat een stichting als die der Vrije Universiteit alleen bloeien
kan, zoo de IL-fde haar dragen blijft. van ons Christenvolk
Ze bezit geen eigen fondsen, en ze geniet geen steun van Staats-of stadswege. Al haar teerkost op den weg moet haar toekomen van die verlichte Christenen, die hart ook voor de wetenschap hebben, en het niet kunnen dulden, dat de kostelijke gave der wetenschap aan de eere onzes Gods zou worden onttrokken.
Want zeer zeker zijn er ook hoogleeraren noodig, en moet er ook eerf zeker aantal studenten zijn, maar toch zoo de Christenen in den lande haar hun liefde onttrekken, ligt ze machteloos ter neder.
Niet dat ze hierover klaagt.
Integendeel, juist in die voortdurende gebondenheid aan de liefde der oprechte Christenheid, ligt haar eenige waarborg, dat ze niet, als zoo vele andere stichtingen van dien aard, allengs op rationalistische paden verloopen zal.
Als Universiteitsstichting neigt ze altoos om eenzijdig op de ontwikkeling van het verstand te dringen, en daardoor te verkoelen en te verdorren. En daarom heeft ze behoefte aan de gestadige verwarming door de liefde van het Christenvolk, om met het heilige Gods in levende gemeenschap te blijven.
Maar dan is het ook noodig, dat de dienaren des Woords het belang van zulk een stichting inzien, en bij de uitlegging en de bediening des Woords de gemeente gedurig bij den eisch bepalen, dat de Heere onze God ook op het gebied der vv^etenschap tot zijn eere kome.
Want zeer zeker mag de kerk zulk een stichting liefhebben, om de predikers die in haar boezem gevormd worden. Maar toch, dit mag niet de eenige prikkel der belangstelling zijn.
Er is nog andere wetenschap dan de godgeleerdheid, en ook hiervan geldt het apostolisch woord: Alles is het uwe, eji gij zift van Christus.
Dit nu begreep ook Ds. Klaarhamer, en het is verkwikkend te lezen reet welk een juistheid, met welk een warmte van overtuiging en met welkeen zeggingskracht hij deze dure verplichting op het hart zijner lezers bindt.
Daarom kan zulk een woord van onberekenbare werking zijn.
Van werking op de Christenen die dit lezen, om hen tot milder en ruimer plichtsbetrachting te brengen.
Van werking op de dienaren des Woords, om ook hun de vraag op de conscientie te binden, of ze dit deel der roeping Gods bij de gemeente niet te zeer verwaarloozen.
Van werking op wie dusver van verre stond, om veler oog voor de schoone roeping der Vrije Universiteit te openen.
En van werking op die Universiteit zelve, om haar bij veinieuwinj te herinneren aan den eisch, dat de liefde niet van één kant onder menschen komt; en dat de liefde van de gemeente voor haar al haar mannen oproept, om ook hunnerzijds in liefde voor de gemeente niet achter te blijven, en om met haar te ijveren in heilige jaloerschheid voor de eere onzes Gods.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 31 augustus 1890
De Heraut | 4 Pagina's