Een woord van
Een woord van dank en lof mag niet onthouden aan den grijzen hofprediker Van Koetsveld, voor de uitnemende wij^e waarop hij zich kweet van zijn moeilijke taak, om een woord te spreken bij de uitvaart van onzen Koning.
Gelijk bekend is, staat Ds. Van Koetsveld niet op den bodem van onze Gereformeerde belijdenis, en kunnen we dus als zoodanig niet met hem instemmen.
Maar wat ons weldadig aandeed, was het manlijk karakter dat uit zijne rede sprak, en de nobele zin, waarmee hij de digni teit van de religie bij deze plechtigheid handhaafde.
Hij vleide niet en ontstak geen wierook, noch verloor zich in algemeene, nietszeggen 'e volzinnen, maar sprak waar, ernstig en interessant.
Hij stond er als een gezant des Heeren, die ook te midden van Koningen en Pünsen voor de eeie van zijn God dorst uit te komen.
Hij verzweeg niet, dat ook onzen Koning het oordeel van zijn God wacht, en verborg het niet, dat ook deze Koning zondaar was geweest, met zondige trekken ook in zijn karakter.
Met een vrijmoedigheid, die trof, noemde hij zelfs een der hoofdfouten in dat karakter ; maar om er met teedere liefde andere trekken, die het hi«rt wonnen, tegenover te stellen.
Zulk een rede is eea model voor zulke toespraken.
De Koning der koningen ontving zijn eere. en over den aardschen Koning werd gesproken met vaderlijke teedcrhtid en met een hart dat den gestorven Vorst liefhad.
Och, dat ook bij andere uit\, 'aarten, vooral van wetenschappelijke en letterkundige celebriteiten, die toon der waarheid toch helderder weerklonk!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 14 december 1890
De Heraut | 4 Pagina's