Buitenland
Eojeland. Er is dezer dagen te Londen een brochure verschenen, onder den titel van: fKunnen de kerken Londen redden? en willen zij ? " In dit geschrift vindt men statistieke opgaven die verbazing wekken. Wij deelen de volgende er van mede: De straten van Londen zijn te zamen 8325 mijlen lang; in de laatste 40 jaren zijn gemiddeld 40 nieuwe huizen per dag gebouwd. De bevolking is volgens de jongste telling 5, 847, 668 personen, d. i. grooter dan die van Ierland, van Schotland, Denemarken, Nederland of België. Een vijfde deel der bevolking van Engeland en Wales vindt men dus in Londen. Wanneer men in de hoofdstad evenveel kerken had als men elders in het land vindt, dan zouden er 918 moeten zijn, doch er zijn er slechts 439, met 247, 886 zitplaatsen. Dagelijks vermeerdert de bevolking met 297 zielen; wan neer nu voor die steeds toenemende menschenmassa kerken moesten gebouwd worden, die ieder 600 personen kunnen bevatten, dan zou er elke week één moeten verrijzen.
Hoeveel er ook reeds geschreven is over de ellende in Londen, toch beweert de schrijver van bovengenoemd vlugschrift, dat men den waren toestand zich nog niet voor oogen gesteld heeft, ware dit het geval, men zou geen neiging gevoelen om zekere zelfvoldoening te hebben over den arbeid die verricht wordt en over de offervaardigheid die zich openbaart.
Hoezeer de bevolking in Londen opeengehoopt is, blijkt uit het feit dat er 8, 475 menschen op één vierkante mijl wonen. In Engeland en Wales vindt men buiten Londen slechts 446 menschen op dezelfde oppervlakte. Bij zulk een toestand is het onmogelijk dat goede zeden heerschen. In de ongezonde woningen, waarvoor toch veel huur betaald wordt, sterven jaarlijks 50 menschen op de 1000; in de districten waar de rijken wonen, slechts 10 op de 1000. Op I Januari 1890 waren er in Greater London 144, 912 armen. Een derde deel dier armen zijn kinderen, een tiende deel is krankzinnig; de helft is oud of gebrekkig. Als de tegenwoordige toestanden blijven gelijk zij zijn, dan zal één van de vijf menschen die in Londen wonen, sterven in een hospitaal, werkhuis of krankzinnigengesticht. In 1888 stierven in Londen 79^009 personen, waarvan 17, 663 in een hospitaal of andere inrichting.
Een derde deel van de in Engeland gepleegde misdaden worden in Londen bedreven. In 1889 werden in Engelands hoofdstad 36, 778 misdaden begaan. Het groote getal misdaden maakt het onderhouden van eene enorme politiemacht noodzakelijk; Londen heeft daarom een leger van 14, 261 politiedienaars, dat jaarlijks 18 millioen guldens kost. Gemiddeld arresteeren deze politieagenten 75, 000 menschen 'sjaars!
Aannemende, dat er elk van de 14, 000 kroegen, herbergen of jenever-paleizen gemiddeld door 25 dronkaards bezocht worden, berekent de schrijver, dat er 350, 000 volwassen personen zijn, die zich aan misbruik van sterken drank overgeven. Het aantal personen, dat geen tehuis heeft en dan onder den blooten hemel overnacht, bedraagt honderden. Hoe deze droeve staat van dingen ontstaan is? vraagt voorts de schrijver. Hij meent, dat het feit, dat het beste deel der bevolking, de middelklasse, de neiging vertoont, om van het centrum van Londen te trekken naar de voorsteden, die minder dicht bevolkt zijn, de hoofdoorzaak is. Daardoor hebben de scholen de beste onderwijzers, de kerken hare ambtsdragers en leden verloren, waarvan het gevolg is, dat de gemeenten verzwakken en niet in staat zijn om den arbeid der liefde jegens gevallenen en ellendigen te volbrengen. Over het algemeen zijn de kerken in gebreke gebleven, haren arbeid uit te breiden in verhouding tot de snelle toeneming der bevolking. »Het is maar al te waar, dat tienduizenden van onze Londensche armen meer kans hadden om het Evangelium van Gods genade te hooren, indien zij geboren waren in het zuiden van Afrika of op de Zuidzee-eilanden, dan nu zij te Londen het levenslicht aanschouwden", zegt de schrijver. Hij wijst ook nog op het groote gevaar dat ontstaat, wanneer, gelijk in Londen, aan de eene zijde zooveel weelde heerscht en aan den anderen kant zooveel hopelooze ellende geleden wordt. Dit gevaar wordt nog vergroot, doordat in Londen velen samenstroomen, die in hun eigen land als Socialisten of Nihilisten vervolgd werden.
De Congregationalisten hebben reeds veel gearbeid; reeds zooveel kerken, zendingsstations en Zondagscholen openen zij, dat er in het geheel ongeveer plaats is voor 350, 000 personen. Wanneer deze gemeenschap den arbeid voortzet, zooals zij hem begonnen heeft, zou zij elk jaar zeven nieuwe kerken ieder met duizend zitplaatsen moeten openen.
Jammer maar, dat in den boezem der Congregationalistische gemeenschappen der down-grade beweging, gelijk Spurgeon haar genoemd heeft, nog meer de overhand heeft gekregen dan in de Baptistische kerken. Dit moet op den duur invloed uitoefenen op den arbeid onder de verwaarloosde bevolking van Londen. Nu het 'moderne beginsel nog niet doorgewerkt heeft, zijn de kerken op verre na niet in staat of geneigd, om hare roeping tegenover Londen's ellendigen te vervullen, wat heeft men dan te verwachten, wanneer het zout geheel smakeloos is geworden? Het komt ons voor, dat de schrijver van bovengenoemde brochure daarop had moeten wijzen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 5 april 1891
De Heraut | 4 Pagina's