Het schoone denkbeeld
Amsterdam, 10 April 1891.
Het schoone denkbeeld, om aan de Tafel des Heeren, voorzoover rnen sn Belijdenis één bleek, en beiderzijds de Christelijke Tucht handhaafde, saam het brood te breken, is ook door ons hartelijk ondersteund.
Toch mag in plaatsen, waar men hiertoe overgaat, wel rijpelijk en ernstig nagedacht, of wie saam ten Avondmaal zullen gaan, elkander ook waarlijk als broederen onderling liefhebben met een hartelijke liefde iii Christus.
Anders toch zou het saam aanzitten tegen ons roepen naar den Kenner van het hart.
En, helaas, aan die broederlijke, hartelijke liefde ontbreekt dikwijls nog zooveel.
Het gescheiden kerkelijk leven kweekt niet zelden verwijdering en bitterheid, zoodat men in de kringen der Ned. Geitf)rmeerden soms zoo schamper over „die G.; scheidenen" hoort spreken, en in de knr.j^^en der Gescheidenen soms zoo minachtend over „die Doleerenden".
En dit nu moet niet zoo zijn.Dit mag niet.
Als leden van het ééne Lichaam van Christus moeten beiden de liefde voor elkander opwekken. Feitelijk op hun iioede zijn voor elke onvriendelijke gedachte die opwelt en tegen elk schamper woord dat naar de lippen dringt.
De broedermin meet waarheid en wezenlijkheid ook voor onze overtuiging worden.
Waar door geschil over de waarheid verschil in belijdenis inviel, kan deze liefde slechts in den wortel schuilen; maar waar de belijdenis éé.i is, moet die liefde uitkomen en bloeien.
En dan zeer zeker, maar ook dan alleen, is saam aanzitten aan eenzelfden disch des Heeren mogelijk.
Dan heeft men niets legen zijn broeder, en men weet dat er ook in het hart van den broeder geen vijandschap cf onverzoendheid bestaat, en zoo kan men .sjfm den dood des Ilseten gedenken.
Zelfs wilden we wel, dat de echte broederen die nog onder het Genootschap schuilen, ophielden aan één Disch des Heeren met de Modernen en ongeloovigen te gaan aanzitten, en dat ook zij aan onzen gemeenschappelijken Disch deelnamen.
Want broederen zijn er nog onder hen. Vele zelfs. En het zou tegen ons hart getuigen, zoo we hen niet misten, niet naar hen verlangden, en ze niet lokten met vriendelijke stem.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 12 april 1891
De Heraut | 4 Pagina's