Voor Kinderen.
„Je bfnt een boer."
(Inges.)
Bij 't Centraal station te Amsterdam stond voor korten tijd een trein gereed, om naar Enkhuizen te vertrekken. Een minuut vóór 't vertrek stuift een heer naar een der wagens en roept driftig: »plaats? " »Vraag den conducteur" was 't ontwijkend en onvriendelijk antwoord, en weg was de vrager.
O ogenblikkelijk daarna kwam de conducteur het portier openen van dezelfde coupé, waar de laatkomer was afgewezen, en liet hem binnen.
Nu volgde een onvriendelijke woordenwisseling, die ik niet uitvoerig zal mededeelen; maar waaruit eene uitdrukking mijne opmerkzaamheid trok, n.l. het verwijt van den verongelijkte: »Je bent een boer".
Een boer geldt voor menigen stedeling als een toonbeeld van onbescheidenheid en onwelwillendheid, en dit is m. i. onrechtvaardig. Men kan de boeren niet over ééne kam scheren, nu niet en vroeger ook niet. De kinderen, die de geschiedenis van Ruth gelezen of gehoord hebben, zullen 't hierin wel met mij eens zijn, dat ook in oude tijden onder de boeren edelmoedige menschen waren, al waren er ook anderen, als b. v. Nabal.
En zoo is het nog. Men moet daartoe de boeren in hun bedrijf gadeslaan, en dan zijn er, die evenals Boaz een vriendelijk woord en oog hebben voor den ondergeschikte, en er zijn er ook, die in de verte al brommen en vloeken, als ze bij hunne werklieden komen. En vooral als het betaaldag is, kan men de boeren leeren kennen. Dan zijn er boeren, die hun best doen, om hun werkvolk, al is het ook een dubbeltje, te jbenadeelen, om zichzelf te bevoordeelen; maar er zijn er ook, die evenals
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 11 oktober 1891
De Heraut | 4 Pagina's