In meerdere dassen, en zoo nu onlangs
weer in die, waar de zaak van Zwolle ter sprake kwam, schijnt men nog altoos eenigszins huiverig te zijn, om aan de leden der gemeente een ruimer aandeel toe te kennen in de voorbereiding van de benoeming van leeraars, ouderlingen en diakenen.
Hierin nu kan men te ver gaan.
Want zeer zeker handhaaft deDordtsche Kerkenordening het goede beginsel, dat de benoeming en beroeping, als zoodanig, door den kerkeraad geschiedt, om hierdoor uit te drukken, dat men zijn ambt niet van het volk, maar van Christus ontvangt; gelijk de inzetting in het ambt, waardoor de beroeping en benoeming eerst voldongen wordt, dan ook moeilijk anders kan plaats hebben.
Maar hierdoor is volstrekt niet uitgesloten, dat de kerkeraad bij de aanwijzing van de personen, niet op de meest volledige wijze rekening zou mogen, en ten deele zelfs moeten houden met d& begeerten eii de wenschen der gemeenteleden.
Vergete men toch nooit, dat volgens Gereformeerd kerkbeginsel de macht van Christus' wege (de potêstas ecclesiae) niet bij den kerkeraad, maar bij de gemeente berust, en door de ambtsdragers slechts ais ecclesia representativa, d. i. als „voorstellende en vertegenwoordigende de gemeente", wordt overgenomen.
De Handelingen der Apostelen toonen ons dan ook, hoe, zelfs toen de apostelen nog in leven waren, de leden der gemeente niet geweerd, maar er bij geroepen werden.
En nu is het wel waar, dat de Dordtsche Kerkenordening slechts twee wijzen van de gemeente in dit werk van beroeping en benoeming te kennen, met nime noemt; maar hierbij is drieërlei op te merken.
Ten eerste, dat men destijds tegenover een volkskerk stond, die ter oorzake van de toenmalige politieke aangelegenheden een groote schare van bijna wild volk in zich had moeten opnemen, zoodat men uiterst voorzichtig moest zijn, om de kerkeraden niet in handen van pseudo-Roomschen. Remonstranten of Socinianen te spelen. Een omstandigheid die thans geheel wegviel.
Ten tweede, dat de bepalingen van een Gereformeerde Kerkenordening geen artikelen van een Synodaal reglement zijn, en meer leidend dan gebiedend willen verstaan worden. Feitelijk is dan ook alle eeuwen door de benoeming van kerkeraadsleden in tal van kerken op zeer onderscheidene wijze toegegaan. Hier zus, daar zóo. En de dassen hebben ook onder de vigeur der Dordtsche Kerkenordening hieruit nooit aanleiding genomen, om de handelingen van den kerkeraad naar de letter der artikelen te dwingen,
En ten derde, verlieze men niet uit het oog, dat de algemeene ontwikkeling van de leden der gemeente thans een veel grootere is, dan vroeger; zoodat op elk gebied het meespreken van de volwassen burgerij meer uitkomt.
Is het nu ontegenzeggelijk, dat juist het Calvinisme door zijn verkiezingswijze voor het ambt, mede heeft gewerkt, om ook op politiek terrein de mondigheid der burgerij en daarmee de echte constitutioneele beginselen te doen zegevieren, dan zou het toch wel wat zonderling zijn, dat men in de 19e eeuw, nu de beginselen zoo krachtig zijn doorgewerkt, onder Calvinisten, op kerkelijk terrein, een stap achteruit deed.
Vooruit, niet achteruit, zij onze leuze, In tal van kerken heeft men dit dan ook, zoo bij de mannen van 1834, als bij die van 1886, goed begrepen.
Zoovefel men maar eenigszins kon, heeft men aan de gemeenteleden invloed gegund op het werk van benoeming en Beroeping; " en in kerken als die van Amsterdam enz. is het bijna vaste regel, dat de kerkeraad voor de aanwijzing van de personen zich geheel conformeert met de keuze der gemeenteleden.
Uit dien hoofde meenen we te mogen zeggen, dat de dassen wel zullen doen, zoo ze de vrijheid der kerken te dezen opzichte zoo weinig mogelijk beperken.
Want in Zwolle gaf het nu wel tot geen moeielijkheid aanleiding, doordien de kerkeraad de classis terstond bijviel.
Maar men gevoelt wel, dat het niet altoos zoo vlot zou loopen.
Er zou ook appèl op de Synode kunnen volgen.
En als de Synode dan den kerkeraad in het gelijk stelde, zou de zedelijke invloed van de classis schade lijden; iets wat zoo in hooge mate te bejammeren zou zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 3 januari 1892
De Heraut | 4 Pagina's