Statiöflsteefl aan de staatsspoorwegen.
Statiöflsteefl aan de staatsspoorwegen.
Het Hoofdbestuur der Ned. Geref. Zending- Vereeniging vervult hiermede den aangenamen plicht, den Broeders die zich steeds willen belasten met de bezorging der Bussen aan de Stations der St»atS!> po(> rweg; en — zoomede den onbekenden milden gevers — zijn hartelijken dank hiermede toe te brengen voor de belangstelling in deze zoo heilige en gewichtige zaak.
De verantwoording maandelijks in de Heidenbode der ontvangen bijdragen tot dit doel, toont geregeld dat niet geheel te vergeefs een beroep wordt gedaan op de offervaardigheid van de Christenen in ons land voor deze zoo ernstige aangelegenheid.
Ook meent het Bestuur niet te mogen nalaten alle Christenen in ons land te wijzen op het voorrecht ons geschonken in het bezit van een Penningmeester wiens toewijding, ijver en trouw niet genoeg kunnen gewaardeerd worden — geheel belangeloos als deze Broeder op reeds zoo hoogen leeftijd al de beslommeringen dezer zoo uitgestrekte administratie op zich neemt. Ieder Christen in ons land zal hem kennen en met ons waardeeren — doch ook met het Hoofdbestuur zich willen vereenigen in de bede dat de Heer zijn leven nog lang moge sparen — bewust van het groote bezwaar dat bij zijn heengaan zou ontstaan zijn plaats te doen vervangen.
Het Hoofdbestuur wil niet eindigen zonder nogmaals een beroep te doen op de belangstelling van het Christelijk publiek. Er is zoo veel nood en nog zooveel te verrichten en de uitbreiding der Zendingstations gaat gedurig voort in het geloof en dikwijls dan: wanneer de stand der kas zulks zou verbieden. Elk Christen bidt zeker althans éénmaal per dag: Uw Konidg'rijk kome! Mag het Bestuur er dus op wijzen dat dit Koningrijk niet kan komen zoo oolc de Christenen daartoe niet meewerken! Immers de Heer zelf heeft dit werk achtergelaten en overgedragen aan ons Zijne broederen. Hij kan en zal dan ook den zegen op dit werk niet onthouden — zonder welken ook onze beste pogingen zouden falen.
Het Bestuur eindigt met de herinnering aan Zijne belofte, dat 't minste door ons gedaan voor Zijne zaak en Zijne broederen duizendmaal zal vergolden worden in 't tegenwoordig en toekomend leven.
Drage dan ieder ook slechts een gering penningske bij tot de:
üiibreidiD^ van Zijn Bijk op aarde!
Gedenk bij iedere kleinste gift: Leeringen wekken Voorbeelden trekken\
Namens het Hoofdbestuur A. J. VAN MARLE. Amsterdam, Febr. 1892.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 21 februari 1892
De Heraut | 4 Pagina's