Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Geachte Redactie!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Geachte Redactie!

4 minuten leestijd

Met belangstelling en volkomen instemming nam ik kennis van de keurige artikelen des Hoofdtedactenrs over concertbezoek, in het bizonder, waar op de macht van de muziek en den zang wordt gewezen.

Eene der meest overwegende redenen, waarom het bezoeken van concerten gevaarlijk is, ligt m. i. daarin, dat aldddr niet God, de Gever alles goeds, dus ook der kunsten, wordt geëerd, maar het schepsel, en niet in de eerste plaats de auteur, maar hij die de schepping van anderen ten gehoore brengt.

Hoe weinig gevoelt deze soms zelf daarvan! In Waarheid en Droomen zegt Jonathan, dat het gevoel daarvan bij de dienaars van Polyhymnia dikwijls niet grooter is dan bij hunne instrumenten. Zij worden vergeleken bij de vreemde werklieden, die de bouwstoffen bijeenbrachten voor den prachtigen tempel van Salomo, in welken zij nooit zouden mogen binnentreden.

In navolging der wereldsche concerten, ziet men deze streeling der ijdelheid ook binnentreden in de kringen waar muziek-en zangvoordrachten op Christelijk gebied plaats hebben. Daartegen mag wel eens een ernstig woord gesproken 1

Ik hel) het oog op de afkeurenswaardige bijvalsbetuigingen, zich uitende in handgeklap en voctgctrap. Hier is geen sprake van instemming met den inhoud der woorden of de opvatting en de diepe gedachten van den componist, alleen de wijze van voordragen wordt toegejuicht. Onbewust, nog in sterkere mate dan musici in een orkest, van het geringe deel dat zij zich mogen toeëigenen, stellen zij zich aan, den lof geheel verdiend te hebben. Is het niet ergerlijk, na de voordracht van een ernstig Christelijk lied, b. v. van het Gebed des Heeren, de zaal te zien losbarsten in een uitbundig gejuich? Ja •— éénmaal woonde schrijver dezes het bij, dat eene zeer middelmatige zangeres Handels bekende aria: Ik weet, mijn verlosser leeft, ten gehoore bracht. Nauwelijks was de laatstetoon weggestorven, of het tumult ving aan, en hield niet op vóórdat — op nieuw de wetenschap, een verlosser te hebben, zingende betuigd werd. Daarna werd, buigende, gedankt voor de eer!

Is dit niet ergerlijke profanie? En dat in Christelijke bijeenkomsten, waar zulke liederen eene aanmaning tot ernstig zelfonderzoek dienden te zijn.

In de jongste jaarvergadering van den Bond van Chr. Zangvereenigingen werd met gloed en klem van redenen geprotesteerd tegen het indragen dezer wereldgelijkvormigheid binnen de Christelijke zang-vergaderingen. Niet alleen in het gebed vóór en na de uitvoering en in den inhoud der woorden ligt het eigenaardig kenteeken eener muziek-of zangvoordracht in christelijken geest, maar ook in geheel de houding van uitvoerders en hoorders. Het geheel moet stemmen tot dank aan God, aan wien ook de schoone gave van den zang is te wijden. Maar dan ook weg met alle menschv'ereering!

Er wordt beweerd, dat tusschen uitvoerders en hoorders contact moet zijn, en op dezen grond het applaus verdedigd'.

Aangenomen dat er Voeling moet zijn, moet deze zich op znlkj wijze uiten? Heeft (om te blijven bij mu, 'clT en zang) bij eene orgelbespeling in een kerkgebouw, of zelfs bg eene zanguitvoering aldaar iets dergelijks plaats? Laat men het te dier plaatse om de waardigheid van het gebouw na, hoeveel te meer moet de heiligheid van het Godgewijde lied er van terughouden.

Het beste bewijs van contact is eene ademlooze stilte, als het Chr. lied tot het hart gesproken heeft, een juister maatstaf dan het tumultmakend applaudiseeren.

Iets anders is het, instemming te betuigen met de voordracht van een vaderlandsch lied, waar niet de zanger gehuldigd wordt, doch overigens leere men van den leeuwerik die slechts tot lof van den Schepper zingt:

De leeuwerik zingt ook dan, als niet door menschenooren Geluisterd wordt; aan God alleen wijdt hij zijn, lied, Hoe menig mensch wil dan zijn stem. slechts laten hooren. Als hij beluisterd wordt, en zich bewonderd ziet. Dankend voor de plaatsing. Uw DW;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 december 1892

De Heraut | 4 Pagina's

Geachte Redactie!

Bekijk de hele uitgave van zondag 25 december 1892

De Heraut | 4 Pagina's