Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Buitenland.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Buitenland.

7 minuten leestijd

Frankrijk. Bérenger's strijd tegen de openbare ontucht.

Buloz, redacteur van het door de geheele wereld bekende tijdschrift de »Revue des deux mondes. is Frankrijk ontvlucht, nadat hij 17 millioen francs op ontuchtige wegen verkwist had. Geen tijdschrift oefent grooter invloed op letterkundig, finantieel en staatkundig gebied uit; de eerste mannen van het land leverden er artikelen en studiën voor.

Ofschoon vooral in de laatste jaren de romans en novellen dikwijls kwetsend waren voor het zedelijk gevoel, toch stond de »Revue" denkbeelden voor, die in tegenspraak waren met den modernen Franschen geest van lichtzinnigheid en zedeloosheid. De »Revue" daalde niet tot het peil van een Zola en zoovele andere schrijvers in Frankrijk die op de bestialiteit in het tegenwoordig geslacht speculeeren om zich zekeren opgang te verwerven, gelijk Zola dan ook reeds door middel van zijn in drek gedoopten pen millionair geworden is.

Of het tijdschrift het verlies van meer dan 8 millioen guldens zal te boven komen of dat het na een bestaan van 60 jaren zal moeten verdwijnen, is nog niet te zeggen. Zeker is het, dat de heer Bérenger, lid van den Senaat, tot opvolger in de redactie van de »Revue" is gekozen. Bérenger's naam is in den laatsten lijd zeer bekend geworden door zijn strijd tegen de ontucht en vooral door zijn optreden tegen de schandelijkheden der leerlingen van de scholen „des Beaux arts."

Leest men de toongevende bladen van Frankrijk, dan is op dit oogenblik niemand minder populair in Frankrijk dan de heer Bérenger; weinig menschen zijn in Frankrijk zóó gesmaad geworden, als op het oogenblik de senator, die het bestaan heeft om het kwaad, dat onder de studeerende jongelingschap zulke ontzettende afmetingen aannam, bij zijn naam te noemen. Zelfs de staatsman Jules Ferry, toen hij Frankrijk gewikkeld had in een oorlog met Tonkin, heeft het niet zoo erg teverantwoorden gehad, als thans Bérenger. In de bladen wordt hij met smaad overladen, en dat niet alleen in de Courier Francais, Fin de Siècle, Gil Bias, La Lanterne, Vlntransigeant en andere bladen van hetzelfde allooi, maar ook in f Eclair, V Estafette, Ie Soleil, bladen van beter gehalte. De beter gezinden in Fiankrijk klagen er over dat er slechts twee a drie bladen van beteekenis gevonden worden die met Bérenger strijden tegen het openbaar optreden van de ontucht op de straat.

Meer dan 2000 Parijsche studenten hebben zich tegen Bérenger's streven verklaard. En geen wonder, want de »ligue autres la licence des rues", (bond tegen de openbare ontucht) is gesticht naar aanleiding van de schandalen die in het z. g. Quartier Latin, de wijk waar de meeste studenten wonen, in den laatsten tijd plaats hadden. Uit de politieke bladen heeft men kunnen zien hoe die schandalen bijna geleid hebben tot een formeel oproer.

Men wijst in de Eglise Libre er op, dat van de 10.000 studenten, die te Parijs gevonden worden, er 2000 zich openlijk tegen den heer Bérenger verklaard hebben, zoodat er nog 8000 gevonden worden, omtrent wier gezindheid niets bekend is. Indien die 2000 eene schoone gelegenheid hebben laten voorbijgaan om te zwijgen, zoo hebben de andere 8000 eene gelegenheid om te spreken laten ontglippen.

Sedert eenige jaren doet de predikant B. Allier pogingen om de studeercnde jeugd in het Quartier Latin te bereiken. Ook van Roomsche zijde tracht men de studeerende jongelingschap voor de Roomsche kerk te behouden of te winnen. Doch hoeveel wij hierover' te lezen kregen dat eenige hope gaf, dat de Fransche jongelingschap voor betere beginselen te winnen zoude zijn, van eenig positief resultaat vernamen wij nog niets. Ons dunkt, dat op den vireg, die daarbij ingeslagen is, dit ook niet is te wachten. Men wil bijbellezingen voor de jongelieden houden, men wil met hen spreken over hunne eeuwige belangen , maar men laat inmiddels het onderwijs, dat door liberalistische of meer geavanceerde professoren gegeven wordt, onaangevochten ; of liever men kan daar tegenover geen hooger onderwijs stellen, dat op den grondslag van Gods Woord gegeven wordt. Zoo kan de ijver van den heer Allier zeer zeker de een of andere student tot zegen zijn, maar eene actie op het geheel blijft achterwege. Niemand jn Frankrijk denkt aan eene Vrije Universiteit op Christelijke-laat staan. Gereformeerden grondslag.

Sf.-Amerika. Rome en N.-Amerika. Zoo nu en dan komen er berichten uit.

Amerika, omtrent den wassenden invloed van de Roomsche kerk in de Vereenigde Staten, waaruit dan menigeen den indruk krijgt, dat de Roomsche kerk sterk in de Noord-Amerikaansche republiek toeneemt. Het is niet te ontkennen dat Rome in N.-Amerika op politiek terrein een groote rol speelt. Hoezeer ook soms innerlijk verdeeld, omdat Ieren en Duitschers, de eene bisschop met den anderen, het niet met elkander kunnen vinden; wanneer het er op aankomt om Roomsche belangen te bevorderen, dan staan zij aaneengesloten tegenover al hunne tegenstanders en weten zoo menig voordeel te behalen. In vele groote steden, als New-York, Boston, Baltimore, worden de democratische candidaten schier zonder slag of stoot gekozen, omdat de Roomschen zich op hen werpen, en als belooning voor die dienst dan allerlei voordeelen weten te verkrijgen. Men beweert zelfs dat de leiders van Tammanay-Hall, een veresnigingspunt voor de democraten, steeds met den Roomschen aartsbisschop Corrigan voeling houden, en dat zij nooit een gewichtig besluit nemen, voor zij zich van de medewerking van dien kerkvorst verzekerd hebben. Eene clericale partij vormen de Roomschen niet; die zou in de Vereenigde Staten schier ondenkbaar zijn.

Natuurlijk zoeken de Roomschen voor de bewezen diensten voordeelen te verkrijgen, hetgeen hen zeer dikwijls gelukt. Zoo verkocht voor 20 jaren de gemeenteraad van New-York aan den aartsbisschop een stuk grond, aan de vijfde Avenue, tegenover het paleis van den heer Van der Bilt, voor één dollar, zegge één dollar, om er een kathedraal op te bouwen. Het bouwterrein was millioenen waard. Ook wisten de Roomschgezinden op menige plaats vrijdom van belasting voor hunne instellingen van weldadigheid, als hospitalen, reddingsgestichten, weeshuizen en kloosters te verkrijgen. Trouwens in N.-Amerika betalen alle kerken geen grondbelasting voor hunne gebouwen. Wanneer ook de Protestantsche gezindheden vrijdom van belasting hebben voor hunne kerkelijke instellingen, is het recht dat ook Rome die vrijheid geniet; of echter ook de Protestantsche kerken vrijstelling van belasting hebben voor hunne inrichtingen, is ons niet bekend.

Rome verliest elk jaar in Amerika een groot aantal leden die tot een of andere Protestantsche; gezindheid over gaan. Sedert 1889 gingen niet minder dan 27 Roomsche priesters uit hunne kerk, meest om het Evangelie in een of andere Protestantsche kerk te verkondigen. Wij noemen slechts de HH. C. Chiniquy van Montreal, L. Boulard van New-York, C. A. Miei van Philadelphia, T. B. McLay, thans hoogleeraar aan het Theologische seminarium der Presbyteriaansche kerk te Princeton, J. Donnelly van Pittsburg, C. B. Huigina van RoonviUe, enz. enz.

Ook bericht men, dat sedert hetzelfde tijdsverloop vijftig priesters der Roomsche kerk overgegaan zijn tot de Anglicaansche kerk in Amerika.

Dit alles zou ons verblijden indien men van de Protestantsche kerken zeggen kon, dat zij het hun toebetrouwde pand getrouw bewaarden. Doch helaas over het algemeen moet gezegd, dat het loslaten van de voornaamste stukken der belijdenis, die eenmaal de kerken zoo krachtig tegenover Rome maakten, aan de orde van den dag is. Er zijn uitzonderingen, doch over het algemeen genomen maakt de z. g. nieuwe school ook in Amerika groote vorderingen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 13 augustus 1893

De Heraut | 2 Pagina's

Buitenland.

Bekijk de hele uitgave van zondag 13 augustus 1893

De Heraut | 2 Pagina's