Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Accoord.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Accoord.

6 minuten leestijd

De heer Ds. M. van der Boom te Capell a/d IJsel zond ons een antwoord toe, waaruit blijkt dat het tusschen ons accoord is.

Hij meldt ons toch, dat hij gemeenlijk de af te lezen Schriftuurplaatsen neemt uit de teksten die bij den Catechismus staan, en daarna niet over die teksten maar over den inhoud van den Catechismus predikt, met het antwoord, of een deel daarvan als thema.

Ziehier zijn antwoord:

Geachte Redacteur !

Volkomen ben ik het met u eens, dat ook onze gewoonten bij de Bediening des Woords en der H. Sacramenten, zooveel mogelijk in overeenstemming behooren te zijn met het beginsel waaruit wij leven.

Al bezitten wij geene rechtstreeksche uitspraken voor eeuige gewoonte, dan kan menigmaal een complex van uitspraken in de H. Schrift ons dienen. Als Gereformeerd belijder heeft de gewoonte als zoodanig niet veel beteekenis voor mij en zou ik ze elk oogenblik kunnen nalaten, als niet gegrond op Gods Woord.

Nu is het in üit onderhavige geval wel iets anders, waar het maar niet mijne gewoonte geldt of die van Ds. Copius, maar vele kerken in deze landen dit gebruik hebben voorgeschreven, ook nadat de eere Gods was gehandhaafd op de beroemde Synode van 1618 en 19.

Uit de Acta der Provinciale en particuliere Synoden in Zuid-Holland, door Dr, Reitsma en Dr. van Veen uitgegeven, wordt het ons duidelijk, dat de vertegenwoordigde kerken het afkeurden, dat men den Catechismus als den Bijbelschen tekst de gemeente voorleest, en werd reeds op de Provinciale Synode te Delft in 1618 besloten: dat men ^voor de leere des Catechismi eenige teksten der H. Schriftuere voorlese, dat met de materie des Catechismi overeencoemt".

(Zie Art. 22 Dl. III blz. 305.)

Dit besluit is op de Provinciale Synode, gehouden teLyden van 23 Juli tot 17 Aug. 1619, gehandhaafd, In Art. 84 (Dl. III blz. 392) leest men in de notulen van deze vergadering het volgende :

»dat men een eenparigeri voet alom me in sSuijdhollant sal houden ende dat eerst een sbequaem text der H. Schriftuijre, waerop de ïvrage ende antwoorde passen sal voorgeleesen »worden ende daernae eerst de vrage endeantswoorde, die verclaert sullen worden."

In deze vergadering, waarin zoovele Remonstrantsche predikanten zijn opgeroepen, verschenen en afgezet, omdat zij de Canones van Dordt niet wilden onderteekenen, was dit eene zaak van gewicht.

De belangrijkheid van deze zaak blijkt nog in Art. 35, uit de Acta der Synode van Gouda in 1620 gehouden, waar wij lezen, (Dl. III blz. 425):

»Also art, 84 besloten was, dat de Catechismispredicatiën souden werden eenparichlijc in alle jkercken aangevangen van het voorlesen van reenen text der H. Schrifluer, ter materie dienstig, sende men verstaet, datter kercken zijn, die haer »daernae niet reguleren, is goet gevonden, dat smen in alle kercken eenen eenparigen voet shoude ende dat diegene, die tot noch toe naslatig zijn geweest, haer nae deze orde der «kercken schicken."

Nu komt het mij voor, dat die kerken aldus besloten hebbfen, ten ein^le den Catechismus weer in eere te brengen bij het volk, dat hem had zien gering achten door de Remonstrantsche predikanten. De vaders van 1834 hebben zeker uit het/ielfde beginsel gehandeld als zij de gewoonte vasthielden, om vóór de behandeling van den Catechismus een gepast Schriftwoord voor te lezen, In die dagen waren de belijdenisschriften toch ook in verachting. Prof, Hofstede de Groot vergeleek ze althans bij »houten strijkijzers en versleten schoenen." Ik meende daii ook, dat door u dezelfde gewoonte werd gevolgd. Want in »E Voto" zie ik boven elk Hoofdstuk een Woord Gods staan, hetwelk als een der vele steunpunten uit dat Woord kan dienen, voor de leer welke in dat Hoofdstuk wordt-geleerd. Uwe vragen wil ik gaarne beantwoorden. Gewoonlijk maak ik gebruik van een of meer Schriftuurplaatsen, welke onder de antwoorden gezet zijn en lees die uit mijn Bijbel voor.

Ook wijk ik wel eens van de aangegeven teksten af. Bijv. Zondag voor acht dagen las ik Rom. 4 ; 3 voor, niet als mijn tekst, maar als een der vele uitspraken in Gods Woord, waarop de leer van Zondag 7 berust. Onzinnig zou het zijn over dien eenen tekst te prediken, terwijl mij, naar Art. 68 van de kerkenorde is opgelegd, de afdeeling van den Catechismus te behandelen. Na het aflezen van den Catechismus ga ik dadelijk op vraag en antwoord in, en zoek die zoowel woordelijk als zakelijk voor de gemeente te verklaren en toe te passen, naar de gaven mij van den Heere geschonken. De afdeeling zelf is mijn thema, genomen uit de onderstaande teksten en nog andere uitspraken van Gods Woord. Alle bewijsplaatsen hebben de kerken er niet bijgevoegd, omdatj de kerken niet tellen maar wegen, waar het op bewijs van eenig leerstuk aankomt.

Ik zie volstrekt niet in, dat het aflezen van eenen tekst verwarring zou geven. Het is slechts eene herinnering, dat hetgeen verhandeld zal worden den Woorde Gods conform is, terwijl bij de behandeling van het thema telkens nog naar andere uitspraken van Gods Woord verwezen wordt. Was mijne plaats niet zoo afgelegen, dan zou ik u willen verzoeken : woont de Catecbismusprediking eens bij. Het zou u dan duidelijk worden, dat het aflezen van eenen tekst niets hinderlijk is, terwijl uwe gewaardeerde opof aanmerkingen op mijne wijze van prediking mij en de gemeente alhier ten goede zouden komen.

U met uwen arbeid voor Gods Koninkrijk, Gode bevelende, ben ik

Uw Br. in Christus.,

M. VAN DER BOOM.

Capelle ajd. IJsel., 15 Juni.

Het eenig punt van verschil blijft dus nu, of men in een bijzonder geval ook een niet bij het Antwoord aangehaalden tekst zal aanwijzen als den grond in Gods Woord, waarop de waarheid van den Catechismus rust.

Mits nu bij exceptie kan hiertegen geen bedenking rijzen.

Immers er ^ijn tal van uitspraken der Heilige Schrift, die op hetzelfde neerkomen, en dezelfde waarheid openbaren.

Zij die de teksten bij den Catechismus plaatsten waren feilbaar, en konden zeer wel een nog eigenaardiger Schriftuitspraak hebben weggelaten en een minder eigenaardige gekozen.

Ook laat het zich denken, dat waar de teksten bij het Antwoord in grooten getale zijn opgehoopt, de voorlezing van enkele teksteo, die in hoofdzaak hetzelfde bedoelen, practicabeler is.

Waar het op aankomt is maar:

1°. Daarop, dat dat deel der waarheid gepredikt worde, dat in een Zondagsafdeeling is aangewezen.

2°. Daarop, dat dit deel der waarheid, naar de uitlegging der kerken, en dus naar den inhoud van den Catechismus, gepredikt worde,

3°. Daarop, dat geen schijn ontsta alsof de Catechismus iets naast, laat staan boven Gods Woord ware, maar duidelijk uitkome, dat de prediking van den Catechismus niets anders is en wil zijn, dan predikatie des Woords.

En 4°. daarop, dat blijke, hoe de kerken met ons den Catechismus in handen te geven, dank zij de aanhaling der vele Schriftuurplaatsen, niet anders op het oog hadden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 23 juni 1895

De Heraut | 4 Pagina's

Accoord.

Bekijk de hele uitgave van zondag 23 juni 1895

De Heraut | 4 Pagina's