Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Voor Kinderen.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voor Kinderen.

7 minuten leestijd

DE PEN EN DE LEEUW.

Zooals ik zei, vinden we uit den tijd, waarover we thans spreken, meer gevallen gemeld van vreemde, opmerkelijke droomen. Een daarvan is de droom van keurvorst Frederik van Saksen ten zijnen paleize in den nacht vóór den 3: sten October 1517.

„Toen ik gisterenavond — zoo verhaalt de vorst zelf — vermoeid en lusteloos te bed was gegaan, viel ik spoedig in slaap nadat ik gebeden had, en ik sliep nu gerust omtrent derdehalf uur. Daarop werd ik wakker, en allerlei gedachten hielden mij tot middernacht bezig.

Ik dacht er over, hoe ik het feest van Allerheiligen vieren zou; ik bad voor de arme zielen in het vagevuur, en smeekte God dat Hij mij, mijn staatsraden en mijn volk mocht leiden, in den weg der waarheid. Toen viel ik weder in slaap, en droomde dat de Almachtige mij een monnik zond, die een echte zoon was van den apostel Paulus. Hij was, naar Gods bevel, van al de heiligen vergezeld, die van hem getuigenis gaven, en mij verzekerden dat jjij niet met eenig t bedriegelijk oogmerk was gekomen, maar dat alles wat hij doen zou in overeenstemming was g met den wil van God. Zij vroegen mij genadige f vergunning, om hem iets te laten schrijven op a de deuren der hofkapel te Wittenberg, hetwelk ik door mijn kanselier toestond. u

Nu begaf de monnik zich derwaarts, en be gon te schrijven; en de letters waren zoo groot, dat ik uit mijn paleis lezen kon wat hij schreef. De pen, die hij gebruikte, was zoo lang, dat de veer er van reikte tot aan Rome, waar zij door de ooren ging van een leeuw, (paus Leo X) die daar lag, en de driedubbele kroon deed schudden op 's pausen hoofd. Al de kardinalen en vorsten snelden toe, en trachtten die kroon voor vallen te bewaren. Ik strekte mijn arm uit.... in dat oogenblik ontwaakte ik, met opgeheven arm, zeer ontroerd en toornig op dien monnik, die zijn pen niet beter besturen kon. Opnieuw sliep ik in, en droomde weer verder: de leeuw die nog altijd gekweld werd door de pen, begon uit alle macht te brullen, totdat de geheele stad Rome, en al de steden van het Roomsche Rijk toesnelden, om te vernemen wat er gebeurd was. De paus riep onze hulp in om den monnik tegen te staan, en wendde zich daarbij in het bijzonder tot mij, omdat de monnik in mijne staten zich ophield. Hier werd ik weder wakker, bad het „Onze Vader", bad God dat Hij den H. Vader te Rome beschermen mocht, en sliep andermaal in.... w n h H d o d v l s è d U z e v m b d k d

Toen droomde ik, dat al de vorsten van het keizerrijk, en ik almede, naar Rome spoedden, en de een na den ander poogde de pen aan stukken te breken; maar hoe meer moeite wij deden, hoe sterker de pen werd. Zij maakte een gekraak alsof zij van ijzer ware geweest, en wij gaven de zaak ten laatste op, als hopeloos. Ik liet daarop den monnik vragen van waar hij die pen had, en hoe zij zoo sterk kwam. „Deze pen — was zijn antwoord — heeft behoord aan eene Boheemsche Gans van 100 jaren oud (zinspeling op Joh. Huss). Ik heb ze gekregen van een mijner oude schoolmeesters. Zij is zoo sterk, omdat niemand er het hart uit kan nemen, en ik zelf ben er ook geheel verbaasd over. — Op eenmaal hoorde ik een luiden schreeuw — er was een geheele zwerm andere pennen voortgekomen uit de lange pen van den monnik. d s A b v o v w s a z c d d A s

Ik ontwaakte toen voor de derde maal, en nu was het dag.—" v i

Dat deze droom niet verdicht is, ttiaar werkelijk zoo is gedroomd blijkt uit velerlei dat we hier niet willen opnoemen en ieder kan onderzoeken. Alleen is mogelijk dat enkele kleinigheden er later bij zijn gemaakt.

We weten ook hoe de keurvorst tot zijn broeder Johan, die destijds met hem regeerde, den volgenden morgen zei: „De droom zit zoo vast in mijn geheugen, dat ik hem niet vergeten zou, al leefde ik nog duizend jaar; want hij kwam driemaal en steed^ onder andere omstandigheden. Ook wilde hij er de beteekenis van weten.

Hertog Johan sprak er toen over met den kanselier, en wenschte wel een Jozef of Daniël te hebben. Maar de kanselier zei heel wijs:

„De beteekenis zullen we niet weten vóór de dingen waar de droom op ziet zijn vervuld. Laat het ons Gode in handen stellen."

En heeft nu de uitkomst dezen droom bevestigd? Gewis, want den dag die nu kwam, den 31 en October sloeg Luther aan de slotkerk te Wittenberg zijn bekende vijf en negentig stellingen. Zijn pen begon toen haar werk tegen den leeuw (Leo-Leeuw) en bracht hem aan het brullen. En tegen die pen bleek de dwaling niet bestand. Zoo was dan in den avond van den 3ien October 1517 reeds het begin gekomen van de vervulling der dingen, die de keurvorst den nacht vóór dien dag had gedroomd.

En hoewel 't nu begrijpelijk is, dat de omstandigheden dier tijden wijze en vrome mannen aan het denken .brachten, en door de veelheid der overleggingen de droom komt, toch is daarmee niet alles verklaard. Het blijft waar, dat de Heere God in zijn vrijmacht ons leeren en onderrichten kan door wat middelen hij wil en dat hij zulks ook doet. Doch altijd zóó, dat men dan ook te weten en te zien komt, dat het van God is. Daarom mag niemand zulke dingen tot regelen stellen. Onze regel is Gods Woord.

AAN VRAGERS.

Onze lezer P. M. K. te R. vraagt:

1. Wat beteekenen en van waar komen de woorden tsissen (Jes. 5 : 26) en toetsissen (Jes. 7 • 18).

2. Wat beteekent mah'er schala'l cha's Ba'z (Jes. 8 : 3).

Antw. I. Wij lezen in Jes. 5 : 26: ant Hij zal eene banier opsteken onder de heidenen van verre, en Hij zal ze herwaarts tsissen van het einde der aarde; en zie, haastelijk, snellijk zullen zij aankomen.

En in Jes. 7 : 18: ant het zal te dien dage geschieden, dat de Heere zal toetsissen de vliegen, die aan het einde der rivieren van Egypte zijn, en de bijen, die in het land van A'ssur zijn.

„tsissen" is hetzelfde als „sissen, " zooals men tegenwoordig meestal ook schrijft, en in vele nieuwe Bijbeluitgaven vindt. Zulk een t die men ook kan weglaten komt meer voor b.v. tsamen en samen. Met sissen wordt hier bedoeld een sissend geluid maken, zoodat de dieren die hel vernemen in beweging komen, gelokt worden, een beeldspraak, die in de aangehaalde teksten ziet op verschillende volken.

Antw. 2. Wat die Hebreenwsche naam beduidt is gezegd in vs. i. 'tWelk luidt: Voorts zeide de Heere tot mij: Neem u eene groote %o\ en schrijf daarop met eens menschen griffel;

Haastende tot den roof, is hij spoedig tot den buit.

De laatste woorden in dit vers zijn de be doelde. De profeet moest die woorden opschrijven en ook zijn zoon aldus noemen, om aan te duiden hoe Syrië en Israël beiden ten roof zouden worden den koning van Assyrië. De woorden duiden aan dat het rooven en plunderen spoedig zal beginnen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 30 april 1899

De Heraut | 4 Pagina's

Voor Kinderen.

Bekijk de hele uitgave van zondag 30 april 1899

De Heraut | 4 Pagina's