Buitenland.
Engeland. Vereeniging der Vrije Schotsche en geünieerde Presbyteriaansche kerk in Schotland.
In het begin van deze maand kwam de Synode van de Geünieerde Presbyteriaansche kerk te Edinburgh samen. Het voornaamste punt op het programma was: de vereeniging met de Vrije Schotsche kerk. In een vergadering, die door een publiek van 3500 personen werd bijgewoond, nam men het besluit om tot de vereeniging over te gaan. In een machtige rede bracht Dr. Kennedy in herinnering, welke incidenten in de laatste vijftig jaren er toe geleid hadden om de vereeniging der beide kerken te zoeken. Daarna stelde de hoogleeraar Orr een motie voor, om de vereeniging tot stand te brengen, daarbij brengende in herinnering den arbeid door het Uniecomité verricht.
Nadat de motie was aangenomen, riep men in de vergadering luide „Rainy"; en Principal Rainy, die op het platform den loop der ver gadering gevolgd had, werd door den moderator. Dr. Muir, uitgenoodigd, om de menigte toe te spreken. Deze voldeed daaraan, en gaf in zijne rede te kennen, dat een schoon vooruitzicht voor de Geunieèerde kerk geopend was, al zou hij wel het beloofde land niet kunnen ingaan.
— Achteruitgang van de Vrije kerken in Schotland.
Onder de verslagen die aan de algemeene vergadering der Vrije Schotsche Kerk zullen worden voorgelegd, trekt dat van de commissie voor de z.g. inwendige zending en voor de uitbreiding der kerk de aandacht. Het verslag spreekt het uit, dat zwaar plichtverzuim van de zijde van predikanten, en verwaarloozing van de hoogste en beste belangen der kerk, in sommige gevallen oorzaak waren van het geestelijk verval der kerk. H£t comité is van oordeel, dat het hoog tijd wordt om de gevallen na te gaan, waarin een geestelijke strijd verloren werd, terwijl de omstandigheden aanduidden dat hij had moeten gewonnen worden.
Onder de oorzaken, die het verminderen van de gemeenten ten gevolge hebben, noemt het verslag in de eerste plaats de predikants-vacaturen, waardoor sommigen er toe komen om zich aan te sluiten bij een meer nabij gelegen gemeente, wanneer zij van hunne eigene kerk tamelijk ver verwijderd zijn. Voorts wijst het verslag er op, dat er predikanten zijn die in hun vroegere dagen toen zij jong waren, goed hebben gewerkt, maar die daarna door ouderdom en «wakte niet meer in staat zijn om in groote steden het werk van inoogsten te doen; predikanten die er op staan om in het harnas te sterven, kunnen wel oorzaak worden dat hunne gemeenten buiten het harnas sterven. Ook wordt nog gewezen op het stichten van nieuwe gemeenten en op het verminderen van de bevoliking in sommige deelen van het land.
Het is niet te ontkennen, dat de zaak van de Vrije Kerk in Schotland achteruitgaat. De bevolking van Schotland gaat 7.78 per duizend en per jaar vooruit. De gemeenten van de Episcopale Kerk zijn 32, 63 per duizend en per jaar toegenomen, terwijl niet één van de Presbyteriaansche kerken meer dan 5 per duizend en per jaar is vooruitgegaan. Ook beweert het verslag, dat in Schotland 37I/2 percent van de bevolking tot geene kerk behoort. Er zijn in Schotland bijna 5 millioen inwoners, en daarvan behooren er meer dan 1, 600, 000 tot geen enkele kerk. Alleen in Glasgow en zijn voorsteden worden 420, 000 menschen gevonden die geen kerk als de hunne erkennen. Men zou zeggen: een heerlijk arbeidsveld voor de Vrije Kerken om te zoeken wat verloren is! Maar het blijkt dat de Episcopaalsche kerk meer leden wint dan de Vrije kerken; of liever de Vrije kerk gaat achteruit en de Episcopaalsche neemt toe. Waaraan zou dit toe te schrijven zijn ? Wij vreezen, omdat het kenmerkende van de Gereformeerde belijdenis door vele predikanten is prijsgegeven en omdat die prijsgeving althans in de vrije Schotsche kerk officieel is goedgekeurd door eene verklaring van de belijdenis, die daarvan eene verwatering moet genoemd worden. Daardoor zijn de vrije kerken van haar kracht tegenover de Romaniseerende richtingen beroofd. Dat die Romaniseerende richting in Engeland sterk is, en door de imperialistische neigingen van de laatste jaren krachtig gevoed wordt, behoeft geen betoog.
Het is een bewijs van oppervlakkigheid van de zijde van het comité, dat het niet wijst op de verslapping in zake de leer, en de achteruitgang alleen wijt aan den minderen ijver van sommige predikanten en aan den gevorderden leeftijd van sommigen hunner. Er zijn predikanten, die bij het klimmen der jaren hooger waarde voor de gemeente des Heeren krijgen; die, als de sierlijke kroon der grijsheid hen dekt, nog frisch en groen zijn; maar dan moeten zij vaders in Christus wezen. Mochten zij in lichamelijke kracht verliezen, zij winnen in diepere inleiding in de verborgenheid van Gods koninkrijk. Of de vereeniging van de Presbyteriaansche en Vrije Schotsche kerken in dezen toestand verbetering zal brengen, achten wij twijfelachtig.
Frankrijk. Opening der Parijsche tentoonstelling.
In Parijs is den i4den April de tentoonstelling officieel geopend, zonder dat daarbij de naam Gods genoemd is. De president der Republiek heeft hierin zeker koningin Victoria van Engeland willen volgen, die dit jaar voor het eerst het parlement opende zonder den naam Gods te noemen. Maar zoowel Roomschen als Protestanten hebben gevoeld, dat bij deze gelegenheid ook Gode de eer moest worden gegeven, en daarom w.erden den 2 2 sten April voor de Protestanten in de Oratoire en voor de Roomschen in de Notre-Dame godsdienstoefeningen gehouden. In de Oratoire trad achtereenvolgens een predikant der Gereformeerde Staatskerk, een van de Luthersche en een van de Vrije Evangehsche kerk op; in Notre-Dame las men eene mis en zong men een oratorium ter eere van onze lieve vrouw van Lourdes.
Op de tentoonstelling is ook eene afdeeling, waarin zaken, de kerkelijke kunst betreffende, worden te zien gegeven. Het zou ons niet verwonderd hebben, als men zulk eene afdeeling van de tentoonstelling als „clericaal" geweerd had.
Oostenrijk. Peter Rosegger en de Evangelische beweging in Oostenrijk. De dichter Peter Rosegger onderteekende verleden jaar een circulaire, waarin bijdragen voor een Evangelische kerk te Mürzzuschlag gevraagd werden. Dit wekte verwondering, omdat Rosegger steeds bekend had gestaan als Roomsch-Katholiek. Velen waren dan ook van oordeel, dat Rosegger weldra tot de Evangelische kerk zou overgaan, wanneer hij dien stap nog niet gedaan had.
Een dame van de Evangelische kerk schreet hierover in de Protestant en kreeg het volgende antwoord, dat met Rosegger's toestemming open baar gemaakt werd:
„Voor de Heilandskerk te Mürzzuschlag hebben wij in het geheel reeds / 20, 000 bijeen. Weldra begint men met bouwen. Juist uwe lieve voorouders zouden met deze beweging, voorzoover zij voortspruit uit godsdienstige motieven, ook ingenomen zijn geweest. Ik geloot niet, dat Stiermarken Protestantsch gemaakt wordt, maar ik geloof dat dit onweder reinigend voor de Roomschen kerk werken zal. Ik ga niet over, de kerk is mij bijzaak, het Christendom hoofdzaak. De geestelijken willen kerk en Christendom niet scheiden, en ik kan ze niet geheel vereenigen. Ik verheug mij echter in elke plaats van eeredienst, op wier toren een kruis verrijst, en daarom help ik de arme Evangelische gemeente te Mürzzuschlag een weinig bij haar kerkbouw. Hoe dankbaar zijn wij voor bijdragen! De predikant K is nog krachtig. Mürzzuschlag heeft een jong predikant uit Württemberg, die op een schoone en reine wijze het Evangelie voorloopig in een gymnastieklokaal of in een Kurzaal predikt”.
Wij meenen dat de Roomsche kerk aan een hd als Peter Rosegger niet veel heeft, en dat de Evangelische kerk van een steun, als door Rosegger geboden wordt, ook niet veel profijt trekken zal, al weet hij eenige duizenden guldens voor haar te verzamelen.
Men schat het getal van hen, die in Oostenrijk de Roomsche kerk verlieten om tot de Evangelische over te gaan, op 16, 000. De officieële lijsten komen tot een getal van 10, 000.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 24 juni 1900
De Heraut | 4 Pagina's