Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

11 minuten leestijd

De aandacht verdient, wat Si Balaka aan Hollands Kerkblad schrijft over een opTava uitgeschreven Loterij: -B^-i^^^^m.

Geachte Redacteur.

Er is hier geen Staatsloterij zooalS'Oij U. Maar U moet daarom niet denken, dat er hier dan oolc minder gespeeld wordt dan in Nederland. Het tegendeel is waar. Er wordt hier veel, zeer veel gespeeld, er wordt zwaar gedobbeld. Een elk, die wil, kan hier een geldloterij houden, mits hij maar vergunning daarvoor vraagt aan de Regeering hier.

En dat die op dit punt nog al zeer vrijgevig is, bewijst het hieronder volgend bericht uit een dagblad geknipt. Het luidt aldus :

«Loterijen in 't vooruitzicht. Aan het bestuur der Vrijmetselaars vereeniging Tidar te Magelang; den kerkeraad der Protestantsche gemeente te Salatiga; den pastoor te Malang; den pastoor te Madioen; den kerkeraad der Protestantsche ge meente te Soemenep (IVTadoera); het bestuur der magonnieke vereeniging Humanitas te Tegal; het bestuur der vereeniging tot nut van Bandoeng en omstreken te Bandoeng; den kerkeraad der Evangelische gemeente te Batavia; den kerkeraad der Protestantsche gemeente te Kediri en het bestuur van de Modjokertosche Fröbelschool te Modjokerto (Soerabaja) is vergunning verleend om ten behoeve respectievelijk van de verschillende maconnieke doeleinden; van de herstelling van het'kerkgebouw te Salatiga; van de oprichting van een Roomsch Katholiek kerkgebouw aldaar; van den bouw eener Protestantsche kerk aldaar; van de oprichting van een Loge dier vereeniging; van de restauratie der Buitenkerk te Batavia; van de oprichting van een kei kgebou wen van genoemde inrichting, eene geldloterij te houden groot ƒ io, ooo, ieder onder voorwaarde, dat van deze vergunning geen gebruik zal worden gemaakt voor i April 1901 en dat de loterij uiterlijk i September 1901 moet worden uitgespeeld en dat verlenging van dien termijn in geen geval zal worden toegestaan.« U ziet, de Regeering hier heeft er niets tegen, dat er in dien tijd van een halfjaar weer eens een ton uit de zakken der Inlanders en Indo s en Europeanen wordt gehaald, door hun een mooi lot uit de loterij voor te spiegelen.

En dat is niet een uitsoiidcriiig. U moet niet meenen, dat zulke loterijen zoo maar eens enkele keeren worden gehouden. Neen, dat gaat hier «//(^iw zóó door. Er staan voortdurend een heele rij aanvragers in Buitenzorg aan te kloppen om vergunning. En ieder krijgt zijn beurt, al is het ook, dat hij om de velen, die hem vóór zijn, wel eens een paar jaar lang moet wachten. Er worden door die loterijen jaarlijks duizenden bij duizenden verspeeld en dat meest door de Inlanders. Want U weet, de Javaan en Chinees is verzot op spel zij zijn zeer hartstochtelijke spelers.

Al die loten worden meest door slimme zonen uit het rijk van de zon hier bij de Inlanders aan den man gebracht. En dat die gestaarte joden van Indië er voor zichzelven ook nog een aardig duitje uit weten te slaan, behoeft geen betoog. Ik begrijp niet, geachte redacteur, hoe de Regeering het hier kan rijmen met haar roeping, om zoo maar aanhoudend vergunningen te geven tot loterijen.

Er wordt tegenwoordig steen en been geklaagd over de verarming van den Javaan: met welsprekende cijfers wordt herhaaldelijk aangetoond dat de welvaart der Inlanders hier steeds achteruitgaat. Het is overbekend, hoe ontzettend zwaar de Javaan belast is door het Gouvernement. Zou het nu niet op den weg van de Regeering liggen om de speelzucht onder de Inlanders tegen te gaan, in plaats van indirect te bevorderen door zulke vergunningen voor loterijen ?

Als er één oorzaak is van armoede en allerlei ellende onder de Inlanders en Chineezen en niet minder onder de Indo's, dan is het dat spelen om geld. U neemt hier bijna geen courant in handen of U leest van lieden (vaak zelfs Europeanen) die betrapt zijn op het houden van een geheim speelhuis. Want U moet weten dat enkele spelen verboden zijn. Dat wil zeggen niet altoos verboden. Als er eens een feest is, bijv. bij de inhuldiging van de Koningin en nu nog laatst bij het huwelijk van Hare Majesteit, dan mogen allen hun hart aan die verboden spelen ophalen, dan trekt het Gouvernement voor eenigen tijd het verbod in. Er werd in de Locomotief nog kort geleden bij gelegenheid van het huwelijk van onze Vorstin geklaagd over al den twist en ellende, in Samarang ontstaan, door die toen geoorloofde verderfelijke spelen. Mij dunkt, de Regeering moest hier liever paal en perk zoeken te stellen aan dat gruwelijke dobbelen, dat het volk niet opheft, niet veredelt en beschaaft, maar verlaagt, demoraliseert en verarmt.

En dat moest het Gouvernement hier te eer doen, wijl hier buiten, die loterijen om toch al zoo schrikkelijk veel gespeeld wordt.

Er zijn maar heel weinig huisgezinnen in Indië, waar niet geregeld wordt gespeeld met de kaarten.

In tal van gezinnen worden avond aan avond de kaarten geschud, en dat niet slechts om den tijd te verdrijven, maar om te spelen om geld.

Onder de Indo's is het zeer sterk, hoewel de volbloed Europeanen er ook veel aan doen.

Als er bij de Indo s een verjaarfeest is, een doopfeest, of een feestje ter gelegenheid van een aanneming tot lid van de •»kerk, o. dan is het hee gewoon als de gasten van den morgen tot den avond zitten te kaarten onder een glaasje.

Tal van huismoeders zitten 's tnorgens al bij elkaar te dobbelen, terwijl de mannen naar hun bezigheden zijn. En de respectieve huisvaders leggen des avonds een kaartje in de »Soos."

Zaterdagsnachts wordt er in heel Indië, tot in de kleinste plaatsen, in de Soos en in de gezinnen gekaart, vaak tot een stuk in den morgen van den rustdag. Daarbij komt nog het dobbelen bij de wedrennen. Als er te Buitenzorg of Bandoeng of Djokja en elders wedrennen voor paarden worden gehouden, worden er duizenden verdobbeld. De roulette is dan vergund. Van de tien, die dan naar de wedrennen gaan, is er misschien één, wien het te doen is om de veredeling van het paardenras maar stellig gaan er negen heen om eens een sommetje te wagen bij de roulette. Telken jare is er zulk een wedren in Djokja. En dan staat des nachts in de Soos de roulette niet stil, want onder de verschillende plaatsen op Java staat Djokja bovenaan als een speelhol. Wat dunkt U, geachte redacteur, zou het met het oog op dat voortdurend spelen door blank en bruin niet zeer gewenscht zijn, als de Regeering naar middelen omzag om dien verderfelijken hartstocht te beteugelen ? En was het niet nog veel meer de roeping van de Protest. Kerk hier om dit kwaad te bestrijden ? Doch U ziet het in het lijstje: kerkeraden en pastoors houden hier loterijen om kerken te bouwen of te restaureeren. En ook de loge, die voorgeeft zulk een moreel doel na te jagen, doet hetzelfde.

Is het niet diep treurig, dat zelfs die corporation, die dan toch zeker tot roeping hebben om die speelzucht te bestrijden, op dien boozen hartstocht speculeeren om zoo het geld los te krijgen om een kerk te bouwen ? Schreit het niet ten hemel, iedehuisen te bouwen uit het geld door loterijen verkregen ? De Heere ontferme zich over Indië. Hij geve dat de Regeering nog eens er toe kome om de speelzucht, voor zoover in haar macht staat, te beteugelen in plaats van indirect te bevorderen of althans ongestoord te laten voort woekeren.

Breke de tijd nog eens aan, dat de kerk van Christus hier tot zuivere openbaring kome onder Inlanders en Europeanen, om te getuigen tegen dit kwaad en het met geestelijke wapenen te bestrijden. Ik bied U thans mijn vriendelijke groete.

Uw. dw.

Si Sataku.

Een generale studie over het moreele stand punt van de publieke opinie onder de Europeanen op Java zou uiterst belangrijk zijn. Ook dit staal bewijst het.

Toch vergete men niet, dat onze vaderen eertijds ook wel loterijen voor philanthropische doeleinden hielden, en hoevelen kunnen nog maar altoos niet scheiden van de Bazaars of Tombola's, — al te gader goedige zusjes van het booze broertje dat loterij heet.

Men leest in de Friesche Kerkbode:

De Kerkeraad van Kampen nam een besluit in z3ke een grove zonde waarvan we in het Noorden niet veel, maar in het Midden en Zuiden van ons land, helaas! wel veel hooren. We bedoelen de gedwongen huwelijken.

Het kan zijn nut hebben voor verschillende Kerkeraden, die in zulke omstandigheden ten opzichte van ledematen der Kerk eens eene beslissing hebben te nemen, het besluit van Kampens's Kerkeraad te publiceeren, ten einde zij hierin een vingerwijzing mochten ontvangen om te weten hoe in dergelijke gevallen te handelen.

Het gepubliceerde besluit luidt aldus:

De Kerkeraad heeft tot zijne diepe smart opge merkt, dat er herhaaldelijk gedwongen huwelijken voorkomen in de gemeente. Vooral in denlaatsten tijd schijnt dat kwaad toe te nemen, en misschien ook de lichtvaardigheid waarmee men over dat kwaad spreekt.

Daarom heeft de Kerkeraad overwogen of er ook iets gedaan kan worden om deze toenemende zonde te stuiten, en is na herhaalde overweging tot het besluit gekomen om vooreerst het volgende te doen.

1. Indien voor het huwelijk de zonde bekendis, wordt bij de afkondiging van het voorgenomen huwelijk aan de gemeente meegedeeld, dat die personen gezondigd hebben tegen het zevende gebod en zich bereid verklaard hebben om bij deinzege ning van het huwelijk schuldbelijdenis te doen.

2. Ingeval eerst na het huwelijk de zonde openbaar wordt, zal vóór den Doop des kinds de zonde worden meegedeeld aan de gemeente, alsmede de bereidwilligheid der ouders om schuldbelijdenis te doen bij den Doop van hun kind.

3. Ingeval het kind sterft vóór den Doop, en bij het huwelijk geen belijdenis heeft plaats gevonden, zullen die ouders voor den Kerkeraad belijdenis doen, en die belijdenis aan de gemeente worden medegedeeld.

4. l3e bekendmaking der schuldbelijdenis zal in alle bovengenoemde gevallen in beide kerkgebou • wen geschieden.

5. Ingeval de kerkelijke huwelijksinzegening wordt versmaad, of ontgaan tengevohe van bovenstaande tuchtbepaling, zullen de betrokken personen daarover worden vermaand en bestraft door den Kerkeraad.

De Kerkeraad doet dit, opdat de gansche gemeente wete, dat deze openbare zonde (tegen het zevende gebod) door ojjenbare belijdenis verzoend is, en om zoo mogelijk tegen deze voortwoekerende ongerechtigheid een dam op te werpen.

Wel weten wij, dat ook deze maatregel het kwaad niet zal kunnen voorkomen. Alleen de ware vreeze Gods en bestendige bedachtzaamheid zal afdoende wezen. Toch meent de Kerkeraad, dat van zijn kant door de tucht ook al het mogelijke gedaan moet worden om dit kwaad tegen te gaan. Ruste dan 's Heeren zegen op dit besluit, en moge de uitvoering nimmer noodig zijn.

Voorts geve de Heere, dat wij gemeenschappelijk ons verootmoedigen over zooveel gebrek aan heiligheid als in ons midden telkens openbaar wordt. Ook de gemeente van Corinthe werd vermaand om leed te dragen (i Cor. 5 : 2) over allerlei onreinigheid in haar midden voorkomende.

Ook zij er bij de ouders en bij de jongelieden veel gebeds opdat deze schrikkelijke zonde niet verder voortwoekere, waarvoor bijzonder in dezen tijd gevaar bestaat, nu al dergelijke onheiligheden voor niets geacht worden. Als het gevaar gezien wordt en er veel gebeds is dan zal er ook gepaste vermaning en toezicht wezen. Heilige bedachtzaamheid en waakzaamheid zal ons dan behoeden. En wij zullen kracht ontvangen om ons te wachten ook voor de beginselen der zonde.

Geliefde gemeente! gemeente van Christus? gedenk toch altijd en overal aan uwe dierbare, op Gods onfeilbaar Woord gegronde belijdenis, welke ten eerste zegt:

„Dat alle onkuischheid van God vervloekt is en »dat wij daarom, haar van harte vijand zijnde, skuisch en tuchtelijk leven moeten, hetzij in den «heiligen huwelijken staat, of buiten denzelven." (Catech. vr. 108).

En daarna :

«Dewijl ons lichaam en onze ziel tempelen des «Heiligen Geestes zijn, zoo wil Hij, dat wij die «beide zuiver en heilig bewaren: daarom verbiedt «Hij alle onkuische daden, gebaren, woorden, «gedachten, lusten, en wat den mensch daartoe strekken kan." (Catech. vr. 109).

Stemt gij niet toe, dat in eene Kerk, die dit belijdt, ook aangaande hare kinderen, de kinderere des Verbonds — dat in zulk eene Kerk gedwongen huwelijken, met heel den achtergrond en met al de gevolgen van onkuischheid, zelfs niet moesten genoemd worden; en dat ieder lidmaat van zulk, eene Kerk (ook de kinderen der gemeente) zooveel mogelijk daartegen bidden, strijden en getuigen moet? De Heere geve ons daartoe allen Zijne genade!

Deze stap is uitnemend.

Het kwaad woelt anders voort van geslacht l op geslacht, en het te stuiten, is zegen bretigen, zegen door de macht van het Woord des Heeren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 26 mei 1901

De Heraut | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van zondag 26 mei 1901

De Heraut | 4 Pagina's