Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Buiteuland

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Buiteuland

4 minuten leestijd

Frankrijk. De geestelijke vereenigingen tegenover de nieuwe wet. De wet op de geestelijke vereenigingen, waardoor in het bijzonder de niet-geautoriseerde congregatiën, die zich op het geven van onderwijs toeleggen, getroffen worden, houdt de gemoederen in Frankrijk zeer bezig. Men heeft zich tot den paus om advies gewend, die geraden heeft dat men zich, zooveel dit noodig is, aan de wet zal onderwerpen; zoodat men, om conflicten te voorkomen, de autorisatie der wet zal aanvragen. Er is echter door den paus bij gezegd, at in het daartoe strekkende verzoek niet opgeeven zullen worden de reeds door den paus oedgekeurde orderegelen; maar alleen een opaaf van de statuten der vereeniging, volgens rt. 3 van de wet. Ook mag in die statuten een andere gehoorzaamheid beloofd worden, an die welke in overeenstemming is met den ard der instelling.

Daarbij kunnen de congregatiën of geestelijke ereenigingen welke onder een bisschop staan, e autorisatie zonder voorbehoud aanvragen; de rden die een generaal hebben, moeten voorbeoud maken wat betreft de apostolische constiutiën in zake hare verhouding tot den bisschop; oor diezelfde congregatiën moeten de bisschopen, de jurisdictie van de regeering aanvaardende, oorbehoud maken wat betreft de rechten van en paus.

Men ziet hieruit, dat Leo XIII een andere edragslijn volgt dan zijn voorganger Pius IX, ie in 1855, toen de regeering van Piëmont

zich veroorloofde om de voorwaarden vast te stellen waaronder de Roomsche congregatiën daar te lande mochten voortbestaan, plechtig verklaarde: „Wij veroordeelen niet alleen alle decreten die reeds door deze regeering tot nadeel van de rechten en de autoriteit van den godsdienst zijn afgekondigd, maar ook de jongste wet; wij verklaren dat deze daden van nul en geener waarde zijn”.

De Jezuïeten besloten zich niet aan de wet te onderwerpen, maar zij hebben hunne maatregelen genomen om het door hen gegeven onderwijs in hun geest te doen voortzetten. Zij hebben immers hunne bondgenooten op vele bisschopszetels, en daar het onderwijs der vrije colleges onder het toezicht der bisschoppen staat, zoo zullen zij zorgen dat het onderricht op de gymnasia niet door broeders der orde, maar door leden uit de leeken gegeven wordt.

Een blad, dat goed met de toestanden bekend is, zegt, dat elke pater Jezuïet een plaatsvervangenden leekebroeder naast zich heeft, die in staat is om het gegeven onderwijs.in denzelfden geest voort te zetten. Het grondbezit is sedert langen tijd aan burgerlijke vereenigingen, waar aan de wet niets doen kan, overgedragen. Alleen vinden de Jezuïeten het te betreuren, dat zij niet meer in Frankrijk prediken kunnen. Maar zij denken, dat zij na drie jaren de kansels weer zullen kunnen betreden, en in dien tijd kunnen de redenaars onder de Jezuïeten arbeiden om hun voorraad preeken te vernieuwen.

Wij houden het er ook voor, dat de nieuwe wet niet lang van kracht blijven zal. Weldra komt de reactie en dan zal men het opnieuw ervaren, dat men door het uitvaardigen van wetten tegen de geestelijke orden deze veel meer heeft versterkt dan verzwakt. In Duitschland is de z.g. „Kulturkampf" geëindigd met de nederlaag der Pruisische regeering, met den ijzeren kanselier aan het hoofd, terwijl de JRoomsche kerk hare vrijheid van beweging niet alleen herkreeg, maarj krachtiger dan ooit te voren uit den strijd te voorschijn kwam. Wanneer men een beginsel wil laten triumfeeren, komt men met staatsdwang geen haarbreed verder. Dit zal men in Frankrijk ervaren. Tot ons leedwezen bemerkten wij steeds meer, dat de overgroote meerderheid van de protestanten in Frankrijk dit niet inziet, maar het toejuicht wanneer er dwangmaatregelen tegen Rome genomen worden. Uit de geschiedenis van de laatste jaren hadden zij iets kunnen leeren. Immers ook de wet op het „leekenonderwijs" werd door Gambetta en Paul Bert doorgedreven, en het resultaat was, dat het bijzonder Roomsch onderwijs is gaan bloeien als nooit te voren, terwijl de vrije Protestantsche scholen bijna overal moesten opgedoekt worden. De wet heeft juist het tegenovergestelde uitgewerkt wat men er van verwachtte, want men dacht dat, als de geestelijke broeders en zusters maar niet langer de openbare scholen dienden, alsdan hun invloed zon verminderen. Doch er werden vrije Roomsche scholen opgericht, die weldra de openbare neutrale scholen overvleugelden; en de Protestantsche scholen konden de concurrentie van de openbare school niet uithouden, en verdwenen daarom bijna geheel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 15 september 1901

De Heraut | 4 Pagina's

Buiteuland

Bekijk de hele uitgave van zondag 15 september 1901

De Heraut | 4 Pagina's