Hedeudaagscbe Moraal.
Wat in Engeland de University-Exten-5«o«-beweging bedoelt, nl. de hooge muren rondom den tempel der wetenschap af te breken teneinde ook den leek een blik te gunnen in de schatkameren der kennis, wordt bij ons op bescheidener voet nagevolgd in de lezingen, die onze Hoogleeraren gedurende de wintermaanden door heel ons land voor onze jongelingsvereenigingen geven.
Er was een tijd, dat zulke lezingen uitsluitend een aesthetisch genot beoogden en daarom bij voorkeur een belletristisch onderwerp behandelden. Of wel, waar men niet voor heeren en dames uit den hoogeren stand, maar voor mannen en vrouwen uit het volk optrad, die voor deze letterkundige fijnproeverijen geen smaak hadden, daar kreeg het religieus motief de overhand en werd de lezing een preek, liefst .met psalmgezang en gebed geopend, voorafgegaan door de lezing van Gods Woord en soms ter onbedachter ure zelfs met den „solemneelen zegen" besloten. Er ontbrak slechts aan, dat de predikant door den Kerkeraad werd opgeleid en de diaken met het armenzakje rondging.
Gelukkig raken wij langzamerhand deze periode te boven. Het is niet het minst te danken aan het optreden onzer Hoogleeraren, dat er een frisscher geest in deze volkslezingen komt. Wie de machtige gave van het woord van God ontving en door taal muziek de diepste snaren van het menschelijk gemoed te roeren vermag, heeft ook met deze gave te woekeren voor het koninkrijk Gods. Het aesthetisch genot mag wel middel, maar geen doel zijn. De predikatie hoort Zondags op den kansel thuis. Wat de „lezing" ons schenken moet, is een bezielend pleidooi voor het ons heilig beginsel, opdat de blik verruimd worde, de gevaren ren, die ons dreigen, worden ingezien en ons volk weer voele, hoe alleen veilig gaat wie bouwt op den onwankelbaren grondslag van Gods Woord.
Zonder ook maar in het minst te kort te doen aan de verdienste van anderen, mag wel openlijk geconstateerd, dat vooral Prof. Bavinck in zeldzame mate de gave bezit om zulke lezingen voor ons volk te houden. Van een dor wetenschappelijk betoog is bij hem geen sprake, ook al proeft de kenner de dege studie, wier vrucht in zoo schoonen vorm ons geboden wordt. Eike lezing is een strijd tegen den geest dezer eeuw. Met veldheerstalent wordt eerst de positie van den vijand verkend. In de dooreen warrelende drommen, die vaak het oog verbijsteren, wordt orde geschapen. De dieper liggende beginselen, die dezen strijd beheerschen, worden blootgelegd. En dan wordt met het breede slagzwaard des Geestes kamp geleverd tegen al wat menschelijke dwaasheid stellen durft tegenover de wijsheid onzes Gods.
Zoo werd in Schepping of Ontwikkeling? de strijd aangebonden tegen het valsche dogma der natuurwetenschap, dat buiten Gods Woord om ons het ontstaan, bestaan en doel der wereld verklaren wil. Zoo bood Geloofsverzekerdheid verweer tegen het scepticisme en agnosticisme der nieuwere philosophie, dat geen hoogere wijsheid kent dan de Pilatusvraag: Wat is waarheid ? En zoo wordt in de jongste lezing van Prof. Bavinck, die thans in druk voor ons ligt, de Hedendaagsche Moraal aan de kaak gesteld, die religie en zedelijkheid scheiden wil, de moraal autonoom wil maken, d. w. z. onafhankelijk van Gods Wet, en daarmede den grondslag van het zedelijk leven ontwricht.
Ook deze studie is breed opgezet. De vraagstukken, waarom het in dezen strijd gaat, worden eerst in helder licht gesteld. Daarna de oplossingen genoemd, die de hedendaagsche Moraal van deze vraagstukken geeft. En nadat elk dezer oplossingen gewogen en te licht bevonden is, omdat ze den denke i-den geest niet voldoen en met den aard van het zedelijk leven in strijd zijn, wordt dan de lofzang gezongen van ons algemeen, ongetwijfeld. Christelijk geloof, dat alleen licht in deze duisternis brengen kan.
Prof. Bavinck heeft aanspraak op onzen dank voor deze krachtige Apologie. Hij heeft de oogen geopend voor het gevaar, dat ook op dit terrein ons Christelijk leven bedreigt. En al biedt uiteraard een lezing, die voor het volk gehouden wordt, niet die diepgaande bespreking der beginselen, die alleen in een wetenschappelijk betoog op haar plaats is, toch kan ze uitnemend dienst doen om in den strijd onzer dagen zich te oriënteeren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 12 oktober 1902
De Heraut | 4 Pagina's