Een nieuwe Confessie.
Amsterdam, 20 Febr. 1903.
De Generale Synode der Presbyteriaansche kerken in Amerika heeft een nieuwe confessie opgesteld, die wel niet ten doel heeft, de Westminstersche confessie op zij te schuiven, maar toch naast deze confessie een plaats vraagt als korte uiteenzetting van wat deze kerken belijden.
Nu de Quarterly Register deze confessie publiceerde, kan een oordeel over den inhoud worden geveld; en dan zal wel niemand ontkennen, dat deze nieuwe confessie een bedenkelijke poging is om op de hoofdpunten der Gereformeerde belijdenis een zoo vaag geluid te doen hooren, dat al het kenmerkend Gereformeerde plaats maakt voor een „algemeen Christendom, " dat door iedere Christelijke kerk kan worden beaamd.
De Westminstersche confessie is een der rijkste symbolen van de Gereformeerde kerk. Zij sluit waardig de rij van de Gereformeerde geloofsbelijdenissen af. In haar werd de rijpste vrucht van de theologische ontwikkeling der Gereformeerde kerken neergelegd. In geen confessie wordt zoo klaar en heerlijk uitdrukking gegeven aan wat de Gereformeerde kerk van alle andere onderscheidt.
Toch blijft ook deze confessie onvolkomen. Tegen revisie der belijdenis heeft de Gereformeerde kerk zich nooit verzet. Sinds de dagen der Westminstersche Synode staken nieuwe ketterijen het hoofd op. De strijd met de ethische theologie over de inspiratie der Heilige Schrift, met de evolutionisten over de schepping, met het socialisme over het gezag der Overheid, maakt het noodig, dat op menig punt de kerk tot nader uitwerking der belijdenis komt. Op het gelegde fundament moet worden voortgebouwd, opdat de kerk van Christus in haar belijdenis niet een petrefact worde, maar een levend getuige, die ingrijpt ih den strijd onzer dagen.
Maar voor deze revisie of uitbreiding der confessie, is dan ook eerste eisch, dat het metterdaad een voortbouwen zij op den arbeid dien vroeger eeuw verrichtte. En wat deze nieuwe confessie bedoelt is juist om af te breken, terug te keeren tot de „eerste beginselen", een Christendom te verkondigen, dat niet verder gaat dan de eerste geloofswaarheden der Christelijke kerk.
In bijzonderheden critiek te oefenen op deze nieuwe confessie, ligt niet op onzen weg. Scherp geformuleerd is zij nergens; ze laat overal^ plaats voor groote vrijheid van individueele opvatting. Op één punt kan hier slechts gewezen worden. De Gereformeerde belijdenis van de uitverkiezing als het fundament der zaligheid is wel een der meest karakteristieke trekken, die de Gereformeerde kerk van alle andere onderscheidt. Ook in deze "hieuwe confessie vindt men een kort artikel over de uitverkiezing; maar hoe weinig beslist de lijnen getrokken zijn, valt reeds bij den eersten blik op. „Wij gelooven, zoo .staat er, dat God van den beginne in zijn welbehagen aan zijn Zoon gegeven heeft een volk, een ontelbare menigte, uitverkoren in Christus tot heiligheid, tot dienst en tot verlossing; wij gelooven, dat allen, die tot jaren van onderscheid zijn gekomen, deze verlossing alleen kunnen ontvangen door geloof en bekeering; en wij gelooven dat allen, die in hun kindschheid sterven en alle anderen, die door den Vader aan den Zoon gegeven zijn, en die buiten het bereik zijn der uitwendige genademiddelen, wedergeboren en gered worden door Christus, door middel van den Heiligen Geest, die werkt wanneer, waar en hoe het hem behaagt." Alle scherpe puntjes zijn er hier afgeslepen; dat de uitverkiezing zich alleen grondt op het welbehagen Gods en niet op het vooruitgezien geloof of de bekeering; dat de uitverkiezing niet alleen raakt een zekere categorie, maar bepaalde personen; dat wie uitverkoren is, zeker de zaligheid zal deelachtig worden door de gave der volharding; dat alles wordt verzwegen. Gods souvereine genade treedt op den achtergrond, de daad des menschen op den voorgrond.
Nu zegge men niet, dat naast deze algemeene belijdenis toch de Westminstersche Confessie van kracht blijft. Twee kapiteins op één schip gaat niet. En de practijk zal dan ook wel leeren, dat deze rekkelijke belijdenis al spoedig de meer preciese zal verdringen. Het voorbeeld van de Gereformeerde kerken iu Frankrijk en Zwitserland is hier een baken in zee.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 22 februari 1903
De Heraut | 4 Pagina's