Buiteuland.
N.-Amerika. Chicago.
De hoegleeraar schrijft omtrent het leven in genoemde stad het volgende in de Hope.
„Chicago herinnert een bezoeker aan een wereld in wording. Alles geeft iemand den indruk van een onafgewerkt stuk, vaa iets dat in aanbouw is. De tijd is nog niet gekomen om te spreken van de groote wereldstad, als een homogeen produkt van menschelijke industrie. De reus is blijkbaar nog aan het werk met het opeenstapelen van het materieel, dat het gebouw der toekomst moet vormen.
Ik kom nooit in Chicago, zonder aan een maalstroom te denken, waarin alles opgezogen en verslonden wordt.
Wat rusteloosheid, wat jagen naar de stoffelijke dingen, wat uitersten van armeede en rijkdom, van zonde en godsvrucht, van vreugde en droefheid.
Wat eindelooze verkwisting van gemakkelijk gewonnen geld, en wat magere broodzorg en honger ziet men hier in een oogopslag.
Ziet men de drommen van menschen in de openbare vervoermiddelen, dan vraagt men zichzelven onwillekeurig af — waar moeten toch al die menschen heen?
Niets schijnt hier te rusten of kalm te zijn; alles schijnt in ademlooze haast.
Op Zondag is bijna alles, vooral in de lagere buurten, open. De kroegen geven om de wetten geen duit, publieke vermakelijkheden zijn in vollen gang. Die naar di overblijfselen van het oude Amerikaansche Puritanisme zoekt, moet niet in Chicago komen. Hoe zou het ook kunnen, waar men weet dat in Chicago alleen meer dan 600.000 emigranten wonen, die allen in Europa geboren werden en meestal totaal vreemd zijn aan allen Christenzin, of althans dien slecht toepassen bij hoogtijden en begrafenissen ?
En naast al dit uitspattend, goddeloos en onverschillig zijn omtrent alle deugd en godsdienst, staat een streven voor God en gerechtigheid en deugd, dat u bewondering afdwingt.
Toen ik Zondagavond naar mijn logies reed, door Clark street, zag ik daar schandelijke dingen; maar midden tusschen de kroegen en
oneerbare huizen heen, midden in den drek der zonde, scheen daar het licht van het Evangelie.
Geen kerken: — kerken zijn in dit district ondenkbaar. Die tot Clark street komen wil om menschen daar te redden, moet van den preek stoel af en vlak bij de menschen komen, zij moeten, gelijk de geraakte, gedragen worden op „een beddeke." Hier leest men voor de ramen midden tusschen de zonde in „Salvation Army, meeting every night from 7.30 till 10.30 p. m." — „Rescue Mission", — „Midnight Mission."
De duivel wordt hier voet voor voet op eigen grond en volgens eigen methode bestreden. En wie zal zeggen hoe veel goeds hier voor God en voor den hemel gewrocht wordt?
„De Zoon des menschen is gekomen om te zoeken en zalig te maken hetgeen verloren was."
Zullen deze plaatsen in den oordeelsdag misschien meer bewijzen gedaan te hebben voor God en den hemel, dan de Club kerken der rijken ?
Zijn de millioenair zondaren niet moeilijker te bereiken, ook al zitten zij nog zoo vroom in de kerk op Zondagmorgen, dan de gevallenen van Clark street?
Ongetwijfeld!
Chicago is een wereld op zichzelve. Wat hier geleden en geworsteld, gebeden en gedankt wordt, weet alleen de engel der herinnering voor Gods troon, die de boeken des levens houdt.
Soms is het goed in groote steden te zijn om aan het denken te komen. En als wij dan gedacht en genoten hebben, zeggen wij — „het kleinere is beter."
Wie zich voorstelt dat in N.-Amerika overal de Engelsche Zondag gehouden wordt, ziet uit het bovenstaande dat hij zich vergist. Hoe jammer, dat ook in Chicago de arbeid van het Leger des Heils de kerken over hare traagheid beschamen moet
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 12 juli 1903
De Heraut | 4 Pagina's