Utrecht’s Kerkeraad.
Amsterdam, 22 April 1904.
Terecht wras door ons ondersteld, dat de weigering van den Dom voor de Unie niet door alle predikanten der Hervormde Kerk te Utrecht zou worden goedgekeurd.
Dr. J. H. Gunning J Hz. zond ons het volgende schrijven:
Zeist, 16 April 1904.
Mijnheer de Redacteur!
Indien anderen geene rectificatie inzenden op uw stukje „Van kleine zielen" laat ik dan even het volgende u mogen opmerken:
Kerkvoogden onzer gemeente zijn steeds ge woon, elke aanvrage om een der kerken voor de eene of andere zaak te mogen gebruiken, bij den (Bijzonderen) kerkeraad ter fine van advies aanhangig te maken, en wanneer de kerkeraad ongunstig adviseert, slaan kerkvoog den zulk eene aanvrage af.
Zoo geschiedde het toen onlangs de Buur kerk voor de uitvoering van een oratorium ge vraagd werd, en zoo geschiedde het óó": toen de Domkerk voor de samenkomst der Unie begeerd werd.
De Buurkerk werd door den ierkeraad toegestaan, en zij stroomde dan ook vol met Roomsch en Protestant, en al wat muzieklievend is in en buiten Utrecht, en dat gaarne de schoone muziek van Bach wilde hooren.
De Domkerk werd door den kerkeraad geweigerd, omdat.... ja, ook ik kan geen andeie reden bedenken, dan omdat men Dr. Kuyper niet op onzen preekstoel wilde dulden.
Ik stel er prijs op, niet alleen om te verklaren dat onze kerkvoogden aan dit jammerlijk besluit geheel onschuldig zijn, maar dat er ook nog wel, al zijn het er helaas niet velen, in onzen (Bijzonderen) kerkeraadgevont& o. worden, die dit besluit ten zeerste betreuren. Ik was door ziekte afwezig toen er over gesproken werd, anders zoude ik stellig nadrukkelijk JC^^^« deze weigering geadviseerd hebben. Ik vind haar niet alleen een kleinzielige, maar ook een uiterst onverstandige daad. Welk een prachtige gelegenheid om oude veeten te helpen begraven, en Dr. Kuyper, den oud-leeraar van Utrecht, weer eens op onzen kansel te laten optreden, heeft men voorbij laten gaan!
Hoogachtend noem ik mij.
Uw dw. dr., J. H. GUNNING J.H.Z.
Deze nadere toelichting maakt de zaak nog droever. Thans blijkt toch, dat de Kerkeraad te Utrecht de hoofdschuldige is. Van hem ging het advies uit, dat de Kerkvoogden maar al te blindelings hebben gevolgd.
Al mag dit de kerkvoogden ten deele verontschuldigen, toch blijft het een laak bare zwakheid, dat zij aan zulk een advies zich gebonden hebben geacht. Een advies bindt nooit. En geen gewoonte mag den doorslag geven, waar hoogere beginselen op het spel staan.
Voorts zullen wij tot deze droeve historie het zwijgen toedoen. Alleen zij onze dank gebracht aan Dr. Gunning, dat hij althans openlijk tegen deze grove beleediging, uit persoonlijke wraakzucht een Minister der Koningin aangedaan, heeft geprotesteerd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 24 april 1904
De Heraut | 4 Pagina's