Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit de pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers.

6 minuten leestijd

Het jongste nummer van ons Zendingsblad bevat weer een pittigen brief van Ds. Dijkstra aan de Kerk te Antiochië, waarin we op de hoogte worden gebracht van wat er op ons zendingsgebied voorvalt:

Gel.! C. (kapitein Colijn, adjudant van den nieuwen Gouv. Gen. Van Heutsz) schrijft in de «Getuige", het blad van Ds. Wijers te Batavia. Reeds de positie die hij inneemt, maakt zijn schrijven van bijzonder gewicht, maar de kennis van zaken, waarmee hij schrijft, verhoogt dat gewicht niet weinig In een der laatste no's heeft hij het over de Keucheniusschool en over de noodzakelijkheid om deze goed in te richten. Helpers moet de Dienaar des Wpords hebben en lalleen op die ïi'ijze zijn zendingsgemeenten te formeeren met een stevig beenderen-en spierenstelsel", i^gt hij, krachtig en schoon.

Nu zijn deze dingen sinds jaren in Nederland herhaaldelijk gezegd; toch is het noodig ze nog weer te zeggen. Het gebeurt soms dat een kerk aan haar Dienaar op Java schrijft: niet meer helpers aannemen, niet meer kweekelingen roor de school zenden; dat laat onze kas niet toe. Nu kan dat zeer goed, op een gegeven oogenblik, blijk zijn van voorzichtig beleid; in het algemeen genomen is het echter een fhoud mij dit woord ten goede) onvergeeflijke dwaasheid.

Een onverstandig man wilde een stuk land met rogge zaaien en hij zond zijn arbeider: »maak mij dat stuk land in orde". »Ja boer", zeide de arbeider, »gij geeft mij een ploeg en een eg en één paard, maar ik moet er nog een tweede paard bij hebben, anders kan ik onmogelijk voort". »Hoor eens", antwoordde de boer, »ik besteed al zooveel voor jou en voor ploeg en eg en paard, een tweede paard kan ik niet betalen, je moet maar zien dat ie het er mee doet".

Arme man, waarom is hij dan begonnen; waarom niet eerst nedergezeten en de kosten overrekend!

Het komt mij echter verkeerd voor als kapitein Colijn dan verder gaat, en die heele schoolwereld, voorzoover ze van onze kerken uitgaat, wil een traliseeren en onder leiding stellen van de Deputaten der Gen. Synode. Er zijn veel menschen in ons land, die meenen dat de Gen. Deputaten (de X) al genoeg in actie hebben, en daar behoor ik ook bij. Zij moeten niet veel meer hebben dan een adviseerende stem; en als ze dan in staat zijn om zich in die positie te handhaven, m.a.w. als de ondervinding leert, dat wie op hun advies let of niet let, daarvan de gevolgen ondervindt dan hebben ze nog macht genoeg en zullen zichzelven, ook op het gebied van het onderwijs, wel een plaats verv/erven. Integendeel, als ze zichzelven niet weten te handhaven, zal een heele bundel Synodale be sluiten hun geen gezag kunnen verschaffen.

»Uit eenheid wordt kracht geboren', zegt C. Vol komen waar; in een leger, in een Roomsche kerk, in een staatsverband, maar in Gereformeerde Kerken is het niet waar. Als het Gode behaagt alle krachten en gaven in actie te zetten, en gij weet dan aan die actie leiding te geven, zoodat de ver schillende raderen van dit Gereformeerde leven niet elkander voorbij draaien en ook niet elkander verbrijzelen, maar geregeld in elkaar grijpen, dan zult gij in de Gereformeerde Kerken het meeste bereiken, »Een gelukkige inconsequentie", dacht ik dezer dagen, toen ik het volgende in de korte notulen van de kerkeraadsvergadering te Batavia las:

»Wordt besloten den Eerwaarden Heer L. Tiemersma, Zendelingleeraar alhier, te machtigen den doop te bedienen aan een kind, waarvan één der ouders, woonachtig te Rangkas Betoeng, lid der gemeente is."

Kijk, Tiemersma staat immers ambtelijk gelijk met een oefenaar; dat is herhaaldelijk betoogd. Ik heb er niet tegen dat het zoo gaat; maar ik heb er wel tegen dat men eerst breed betoogt, dat een zendeling een oefenaar is en dan bij gelegenheid heel die redeneering te niet doet, omdat dit nu wat geschikt uitkomt, of omdat men broeder Tiemersma bijzondere liefde toedraagt. Ik houd veel van broeder Tiemersma, ik acht hem heel, heel hoog; maar ambtelijk staat hij gelijk met eiken anderen zendeling.

Gouverneur-Generaal Van Heutsz zal, als gij dezen leest, wel in Batavia zijn aangekomen en het paleis te Buitenzorg hebben betrokken. Onder buitengewone omstandigheden aanvaardt die man zijn hooge betrekking. Vijanden schijnt hij niet te hebben; iemand die zijn benoeming afkeurt of ook maar een bedenking oppert, laat zich niet hooren.

Buitengewoon noem ik die omstandigheid. Of ze nu de gelukkigste is, dat weet ik niet. Want het kan niet meevallen. Een man van wien men zoo veel verwacht, kan alleen maar tegenvallen. Het is wel noodig dat wij zijner gedenken in onze gebeden. Voor de Zending kan wel met zekerheid worden gezegd, dat zijn gezindheid zoo gunstig mogelijk is. Nu, hij kan er op rekenen dat er verscheiden handen uitgestrekt worden, om van hem te ontvangen. Het is één geroep om subsidie en nog eens sub sidie, staatshulp voor de scholen, voor de hospi talen, voor de verzorging van soldatenkinderen (den arbeid van V. d. Steur), enz. enz. De millioenen zulllen, vrees ik, niet toereikende zijn om aan aller verlangen te voldoen. In Indië moet de Staat subsidie geven; zonder subsidie is het niet mogelijk; het is ook principieel geheel in orde dat de voogd subsidie geeft voor de opvoeding van zijn pupil; maar als wij per slot van rekening geheel op sub sidie gaan drijven, loopt de zaak toch verkeerd. Ook zal die verwachting niet vervuld worden, want de wal keert ten slotte het schip. Niet alleen voor het onderwijs, de opvoeding en den medischen dienst vraagt men subsidie, men vraagt het ook voor landbouw, voor veeteelt, voor handel, voor ja waar al niet voor. Indië was voorheen een melkkoe; die tijd is over. Indië wordt nu een troetelkind. Een aschepoetster, die altijd vertrapt is en nu alles gedaan kan krijgen, omdat men steeds weer denkt aan vroegere onderdrukking en uitmergeling. De Nederlandsche schatkist zal het moeten dragen.

Laat Christus' Kerk zorgen dat zij niet afhankelijk wordt, van wie ook, in haar geestelijk werk en laat een ruime mededeelzaamheid daartoe krach tig medewerken!

Het schijnt dat onze onderwijzerswereld begint te ontwaken. Men weet, hoe de Paul Krugerschool te Batavia gesukkeld heeft en naar ik meen nog sukkelt om een onderwijzer. Zoo heeft de Salemba school ook gesukkeld om onderwijzeressen. Nu ont ving ze drie bekwame onderwijzeressen, zoo meldt de Getuige. Dat is goed. Zoo moet het ook. Het is een onverklaarbaar verschijnsel. Hoeveel onderwijzers in ons land, in bezit van de hoofdacte, met vrouw en kind levende van een traktement van 5 k 600 gulden, en toch niemand die naar de schitterende hoofdstad van Ned. Indië wil. De Paul Krugerschool, een school voor meer uitgebreid onderwijs, waar een onderwijzer in twee maanden zooveel verdient als hier in een geheel jaar, sukkelend om personeel!

De zaak is mij onverklaarbaar. Maar het verstand komt met de jaren; laten wij hopen van ook de zendingsgloed!

Ds. Dijkstra heeft er slag van de dingen raak te zeggen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 23 oktober 1904

De Heraut | 4 Pagina's

Uit de pers.

Bekijk de hele uitgave van zondag 23 oktober 1904

De Heraut | 4 Pagina's