Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Een belangrijk proces.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een belangrijk proces.

7 minuten leestijd

I.

De beslissing, die het House of Lords als oogste gerechtshof in Engeland i Augustus an dit Jaar nam in zake het proces tuschen de Free Church en de United Free hurch van Schotland, is van zoo hoog elang voor heel het kerkelijk leven, dat eze cause célêbrè ook in Be Heraut niet nbesproken mag blijven.

De zaak zelf is uit de pers bekend geoeg. Toen in rgoo de beide groote kerengroepen: the United Presbyterian Church n de Free Church van Schotland saammolten onder den naam van the United ree Church of Scotland, kon een deel van e Free Church zich in deze vereeniging iet vinden en bleef op zich-zelf staan. Deze betrekkelijk kleine groep eischte nu het kerkegoed van de oorspronkelijke Free hurch voor zich op en stelde daartoe weeërlei actie in, Vooreerst werd een actie ingesteld door de Generale Synode der Vrije Kerk tegen de general trustees i) van de oorspronkelijke Vrije Kerk, om haar de algemeene fondsen, gebouwen enz. der Vrije Kerk terug te geven. De totaalsom der fondsen alleen bedroeg, i miljoen pond sterling of 12 miljoen gulden, terwijl de waarde aan gebouwen nog veel hooger wordt geschat.

Een tweede actie liep over de plaatselijke goederen. Hiervan was wat de Engelschen noemen een test-case gemaakt, d. w. z. niet elke plaatselijke kerk eischte de goederen op, maar één plaatselijke kerk stelde een actie in, om daardoor een rechterlijke uitspraak te krijgen, die voor alle plaatselijke kerken beslissen zou. Feitelijk liep dit tweede proces dus over al de kerken en pastorieën, die in gelijke conditie verkeerden, en haar getal wordt op ongeveer 800 geschat.

In beide eerste instanties werd het proces door de Vrije Kerk verloren, maar geen der beide partijen berustte hier in, en ten slotte werd de zaak voor het hoogste gerechtshof, the House of Lords, gebracht. Naar Engelsche gewoonte besliste niet heel het Hoogerhuis, maar werd een commissie van zeven Lords gekozen, die uit naam van het Huis uitspraak hadden te doen. Van deze beslissing is geen hooger appel mogelijk. Na uitvoerige pleidooien van de advocaten over en weer, werd i Augustus een beslissing genomen. Met vijf tegen twee stemmen werd de Vrije Kerk in beide acties in het gelijk gesteld, en daarmede de Vereenigde Vrije Kerk van haar fondsen en bezittingen grootendeels beroofd.

De gronden of motieven, waarop dit vonnis rust, worden in de beslissing zelve niet meegedeeld. De uitspraak luidt kortweg: „dat i". de vereeniging van Christenen, die zich zelven de Vereenigde Vrije Kerk van Schotland noemen, geen recht of titel hebben op eenig stuk van al de gronden, eigendommen, geldsommen, of andere dingen, die 30 October 1900 in het bezit waren van den Right Hon. John Campbell, Baron Overtoun e. a. als general trustees van de Vrije Kerk van Schotland, en 2*'. dat de voornoemde appellanten en degenen die aan hun zijde staan en wettig met hen verbonden zijn volgens de constitutie van de Vrije Kerk van Schotland, zijn en wettig vertegenwoordigen de genoemde Vrije Kerk van Schotland en gerechtigd zijn om te bezitten het geheel van genoemde gronden, eigendommen en fondsen, waarover zij appelleerden, volgens de termen van de Trusts, die respectievelijk voor hen zijn vastgesteld, ten behoeve van zich zelf en degenen, die aan hun zijde staan en met hen en hun opvolgers verbonden zijn, als zijnde de ware en wettige Vrije Kerk van Schotland" enz.

Uit het vonnis zelf kan men de motieven dus niet kennen, maar wel blijken deze uit de voorafgaande uitspraken van de rechters. De Engelsche gewoonte brengt namelijk mede, dat niet eenvoudig gestemd wordt, maar dat elk der rechters in het Heerenhuis, na vooraf kennis te hebben genomen van alle processtukken en de pleidooien, een gemotiveerde stem uitbrengt. Deze adviezen geschieden niet voor de vuist, maar zijn met groote zorg voorbereid, en geven uitvoerig de gronden aan waarop de uitspraak der rechters berust. Zoodra het proces was afgeloopen, zijn deze adviezen uitgegeven.

Twee dezer uitgaven liggen thans voor ons. De eerste, getiteld The Free Church Case, is van Allan M' Neil, soUicitor en Notary public te Edinburg, die uitgaf, i^. de ingestelde acties; 2". de gronden in de pleidooien over en weer aangevoerd; 30. een woordelijk rapport van wat de rechters in the court of sessions en in het Heerenhuis hadden gezegd. En nog meer waarde heeft de tweede uitgave, van den advocaat A, Taylor Innes, onder den titel Free Church Union Case, omdat hier een korte inleiding vooraf gaat om het proces toe te lichten, en de betrokken rechters zelf de moeite hebben genomen, hetgeen door hen gesproken was na te zien, zoodat deze uitgave als de meest authentieke mag gelden De sensatie, die dit vonnis in heel de

r) Onder «trustees" verstaat men in Engeland de gevolmachtigden der kerk. die het beheer hebben over het kerkegoed. Het goed wordt nl. toevertrouwd onder een »deed of trust' ook wel kortweg «trust" genaamd, d. w. z. een acte waarin beschreven wordt voor wie het kerkegoed moet bestemd worden. In de Schotsche kerk heeft men tweeërlei trustees; de «general trustees' die de zorg hebben voor de bezittingen der kerk in haar geheel; en de gewone «trustees", die men het best met onze kerkvoogden kan vergelijken en die de zorg hebben voor de goederen, der plaatselijke kerk. In de Vereenigde Vrije Kerk worden de tractemenfen der predikanten enz. niet betaald door de plaatselijke kerk, maar er is een kapitaal saamgebracht, dat als generale kas dienst doet en onder toezicht der Synode staat, waaruit de plaatselijke kerken worden geholpen. Vandaar dat het kapitaal, dat aan de general trustees is toevertrouwd, zulk een hoog bedrag vormt.

wereld verwekte, is zeker ten deele te wijten aan het in heel de geschiedenis ongehoorde feit, dat plotseling een der machtigste kerken al haar goederen moet overgeven aan een betrekkelijk kleine groep. De Vrije Kerk telde bij de ineensmelting in 1900 1047 gemeenten, 1149 predikanten en 290, 789 avondmaalgangers; degenen die met de vereeniging niet meegingen, waren ongeveer 25 a 30 gemeenten met 28 predikanten en 5000 avondmaalgangers. Daarbij komt, dat deze kleine groep voor het grootere deel niet werd gevonden in de steden en onder de invloedrijke personen, maar onder de Highlanders, de eenvoudige boerenbevolking van de Schotsche Hooglanden. Wat de Vrije Kerk, die alles te saam misschien 15000 leden telt, met deze reusachtige kapitalen, kerkgebouwen, colleges en bszittingen doen moet, is een raadsel. De beslissing van het Hoogerhuis is van dien aard, dat de Vrije Kerk, zelfs al wilde zij het, geen macht heeft om een deel van dit goed aan de Vereenigde Vrije Kerk v.^eer af te staan. De Vereenigde Vrije Kerk heeft een aangeboden compromis, waardoor ze gebruik mocht blijven maken van de kapitalen en kerkgebouwen, onder voorwaarde, dat deze het eigendom zouden blijven van de Vrije Kerk, en dat de predikanten zich zouden binden aan de confessie der Vrije Kerk, afgeslagen. Ze hoopt, " dat het Parlement een wet zal aannemen, waardoor het vonnis van het Hoogerhuis zal worden te niet gedaan. Intusschen is het zeer de vraag of het Parlement zulk een wet kan aannemen, en nog meer, of zulk een wet ooit terugwerkende kracht zou kunnen hebben. Thans schijnt men een andere oplossing gevonden te hebben; de Vrije Kerk' zou deze bezittingen aanbieden aan den koning, en deze zou ze aan de Vereenigde Vrije Kerk terugschenken. In elk geval is door de Vrije Kerk in deze zaak volstrekt geen onverzoenlijke houding aangenomen.

Toch is het niet alleen en niet in de eerste plaats om de gansch bijzondere omstandigheden, waarin beide partijen verkeeren, dat dit vonnis de aandacht vraagt. Dat er bij scheuring in een kerk geprocedeerd wordt om het kerkegoed, komt telkens voor, en ook in ons land zijn die processen vaak genoeg voorgevallen. Maar v/el ontleent dit vonnis hieraan zijn belang, dat de hoogste rechtbank in Engeland hierbij uitspraak heeft gedaan over de principieele en allesbeheerschende vraag, in hoeverre een kerk het recht heeft haar belijdenis te veranderen. Het is daarom dat wij de aandacht voor dit proces vragen. Het geldt hier een levensquaestie voor de Christelijke Kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 27 november 1904

De Heraut | 4 Pagina's

Een belangrijk proces.

Bekijk de hele uitgave van zondag 27 november 1904

De Heraut | 4 Pagina's