Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Uit de Pers.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de Pers.

11 minuten leestijd

Ds. Sikkel heeft in Hollandia een waardig protest geschreven tegen het kabaal, dat de liberale pers tegen Ds. Laman heeft gemaakt.

Een Zeeuwsch predikant heeft, gelijk recht en goed is, en gelijk zeker alle getrouwe predikers onder de Zeeuwen gedaan hebben, bij gelegenheid van den jongsten watersnood in zijn prediking tot verootmoediging voor God vermaand en bij de bezoekende hand des Heeren gewezen op de zonden van ons volk.

Nog eens, dit was goed en recht. En wanneer deze prediker, na publiceering van het feit zijner boetprediking, hierover door de Liberale Pers aan gevallen wordt, staan allen, die bewust Dienaren van Gods Woord zijn, aan zijn zijde.

Sinds Henoch en Noach hebben alle predikers der gerechtigheid de roeping, om van Gods wege de menschen te leeren en te vermanen, en bij Gods oordeelen, die op de aarde zijn, te roepen tot schuldbelijdenis en tot bekeering.

Zóó hebben al de profeten in Israël, in het nationale en sociale leven, in het leven der volken, gesproken. En de Christus heeft zelfs op ong-lukken van den dag als bij den val van Siloams toren gewezen als op roepstemmen tot bekeering.

Voor zooveel het liberaal protest deze roepstem tot boete, tot vernedering voor den levenden God, wil weerstaan, omdat hier de prikkel van Gads Woord, ondanks alle aanstelletij van het ongeloof de conscientiën raakt, moet en mag ons antwoord geen ander zijn dan dat alle Dienaren van Gods Woord als een eenig man en met hen alle geloovigen, die voor Gods Woord beven, dien prikkel nog dieper in de conscientiën drijven.

Het gaat hierin ten principale niet om den persoon van Ds. Laman die thans aangevallen wordt, of om diens particuliere uitlatingen, maar om het Woord van den eenigen waarachtigen levenden God, die den hemel en de aarde gemaakt heeft. Dat Woord Gods moet over het menschelijk leven in zijn gang en lot, en ook over het leven van ons volk in zijn aangrijpende crisis, over het leven van den dag, uitgeroepen worden, ondanks alle ongeloof en ondanks allen afval onzer eeuw ; hetzij dat het volk hoore, hetzij dat het spotte en hoone, om daarmee Christus' koorden af te werpen en het Woord Gods van de conscientiën af te weren.

Dit is raak gezegd.

Ën niet minder juist is wat Ds. Sikkel er op volgen laat:

Het tegenwoordig geslacht der menschen en ook de groote stroom in het leven van ons eigen volk, dat wij Uefhebben, maar dat we in zijn afval en vleeschelijke beroering ongelukking zien, erkent veelszins in de dingen, die gebeuren, niet de hand des Heeren.

Literatuur en Kunst, Schouwburg en Pers, Wetenschap en Onderwijs, de Sociale beweging en de Politiek, Voesten en Staatslieden, en de volken die nieuwe toekomst gevoelen, willen van die hand des Heeren veelszins niet weten. Zij willen niet weten van den weg des geloofs, maar enkel van het schepsel, dat zij vergoden en bewierooken en waarvoor ze wierook vorderen.

Hemelstormend wil ons geslacht enkel op het schepsel bouwen en het schepsel verheerlijken.

Velen willen nog wel het bestaan van God erkennen, en aannemen dat een Almachtig God eenmaal de wereld schiep. Maar dat diezelfde God de wereld regeert en dat .zijn hand is in de dingen, die gebeuren; dat Hij daarin zijn Kaa.d uitvoert en zijn welbehagen doet; en dat Hij Zich daarin openbaart; dat Hij daarin spreekt van dag tot dag; en dat Hij daarin gehoord en erkend en verstaan, geëerbiedigd en gehoorzaamd moet worden; dat werpen zij verre van zich. En dat juist raakt de conscientiën in de menschelijke overleggingen en daden.

De levende God is niet alleen Schepper maar ook de God der Schepping.

Hij is de God der historie.

Hij leidt. Hij regeert de volken der wereld. Zqn oog en zijn hand zijn over alle inwoners der aarde, en Hij let op al hun weeken. Hij beheerscht het heden en de toekomst. De wereld bestaat dan ook van haar aanvang af en in al haar tijden, in al haar wegen en verhoudingen onder zijn bevel, onder zijn gebod. Hij roept alle geslachten tot aan de einden der aarde en in alle tijden tot zijn Naam en zijn vreeze. Zijns is het begin en het einde aller dingen en zijns is daarom het heden aller dingen. Hij zal alle menschen uit alle tijden en volken, en met al hun leven in denken en willen, in zeggen en doen, voor zijn Rechterstoel vergaderen, en Hij zal alle openbare en verborgen dingen der menschen oordeelen. Want Hij heelt zijn weldaden over allen uitgegoten. Hij geeft zijn wet in aller hart gelegd en op aller pad gezet. Hij heeft allen gehoed ook met de roede zijner oordeelen en kastijdingen. Opdat allen Hem zouden zoeken, zij het tastende.

Een waan, een dolle waan is de zoogenaamde levensopvatting van het geslacht onzer dagen, dat menschelijk wil leven alsof er geen God ware in de Historie, in het leven, dat ons leven is.

Men wil leven en met het leven doen, alsof de zaken van land en volk en leven en menschheid maar tusschen de heeren of tasschen de massa's naar believen en berekening afgedaan kunnen worden; afsof we maar kunnen eten en drinken en leven en sterven, bouwen en trouwen en heerschen of opstaan, en doen met het leven en de levensverordening naar ons believen, zonder te vragen naar Hem, die op den Troon zit; naar Hem, wiens wij zijn en dien wij in zijn Schepping, in zijn volken en menschen dienen moeten met al ons zijn en spreken en doen.

De Heere, de levende God heeft hierin niets gezegd en niets te zeggen. En w»t er gedaan wordt, dat doen de menschen en dedingen, /^(/doet geen goed en geen kwaad. Hij doet niets.

In die gedachte staat de toon van den dag, niet enkel bij Anarchisten en Socialisten, maar in heel de beroering onzer eeuw en onzer dagen, waarin op dit punt inderdaad allen één dreigen te worden.

Door dien waan wordt alle wijsheid des levens verloren, en alle waarheid in ongerechtigheid ten onder gehouden. Ieder' staat met een opgeheven vuist. Wie leeft er op gebogen knieën ?

Door dien waan gaat alle waarachtige zedelijke tucht uit het leven, en worden alle levensbanden gebroken. Door dien waan worden de conscientiën vernietigd en breekt de teugellooze willekeur tot vleeschelijke heerschappij en emancipatie los, onder wat namen dan ook.

Maar door dien waan ook wordt de eenige waarachtige Toevlucht voor het menschelijke leven verzaakt, de Toevlucht tot vertroosting, tot vertrou wen, tot hope en tot berusting; de Toevlucht in lijden en onder verdrukking, in leven en in sterven.

De Heere, de God des hemels en der aarde, is de God der wereld en der Historie, met wien wij en alle menschen in heel ons leven en lot en in alle gebeuren te doen hebben en dien wij in al onze paden moeten kennen, — Ja dat is de vernederende en verootmoedigende roepstem, die van den God der eere dondert over de levenszee in haar vreeselijke en ontzettende stormen: «Laat de gansche aarde voor den Heere vreezen, laten alle inwoners der wereld voor Hem schrikken! Want Hij spreekt en het is er, in de gansche wereld en eiken dag; Hij gebiedt en het staat er, De Heere vernietigt den raad der Heidenen; Hij breekt de gedachten der volken; maar de Raad des Heeren bestaat in eeuwigheid, de gedachten zijns harten van geslacht tot geslacht". — Maar in diezelfde waarheid is de stem der teedere vertroosting, der lietelijkste, der eenige levensruste : i> Zie, des Heeren oog is over hen, die Hem vreezen; op hen, die hopen op zijn goedertierenheid; om hun ziel van den dood te redden, en om hen bij het leven te houden in den honger". — Uit deze waarheid, uit dit geloof wordt onze psalm en onze aanbidding, ons hoogst en heilig geluk geboren, in allen nood en strijd: sOnze ziele verbeidt den Heere; Hij is onze Hulp en ons Schild. Want ons hart is verblijd in Hem, omdat wij op den naam zijner heiligheid vertrouwen. Uw goedertierenheid. Heere, zij over ons, gelijk als wij op U hopen !"

De diepste oorzaak ligt metterdaad daarin, dat men van geen God in de historie meer weten wil.

Des te ernstiger is de roeping van de dienaren des Woords:

Het is daarom de dure roeping ya.n de Dienaren des Woords, om het Woord Gods in het leven van de tijden, in het leven van den dag te spreken.

Niet allereerst in macht, in overheersching, in geweld of genie of getal, van naam of rijkdom in het wapen, waarmee voor den Heere en zijn Gezalfde gestreden moet worden, het middel, waarmee van 's Heeren wege gearbeid moet worden, om de menschheid tot Hem te drijven en van lijnentwege te vernederen en te troosten, te ver ootmoedigen en te redden, maar in de prediking van Gods Woord.

Het getuigenis der geloovigen, ook in de Pers, moet zich hierbij aansluiten, maar de eerste roeping is hier toch bij de Dienaren des Woords,

Zij zijn hiervoor van den Heere gegeven en in Christus' Gemeente geroepen.

Zij zijn hiervoor; en wee hunner, zoo zij het Woord Gods niet spreken in den tijd, waarin de Heere hen gesteld heeft.

Dit Woord Gods hebben zij te spreken, en het als het licht des Heeren te laten uitkomen over de wegen en daden, over de zegeningen en kastijdingen des Heeren in de levenstijden.

Zeker, zij mogen daarin niet anders spreken dan het Woord Gods spreekt. Zij mogen niet bepaalde oordeelen aan bepaalde zonden wijten. Dit bizonder verband is ons verborgen.

Nochtans hebben zij bij Gods oordeelen de zonden te ontdekken.

Zoo mogen zij den watersnood niet een oordeel Gods over de politieke verkiezingen noemen, maar wel moeten zij ook bij den watersnood de zonden van land en volk ontdekken, en tot verootmoediging roepen; de zonden van land en volk bepaald ook in de verwerping en verlating van het Woord Gods gelijk dit ook in de politiek smadelijk uitkomt, waar enkel heil gezocht wordt in den mensch, in den vleeschelijken strijd, in vleeschelijke overmacht en vleeschelijke wegen en middelen.

Bij dit ontdekken der zonden hebben de Die naren des Woords steeds van "Jeruzalem uit te gaan. Het zijn vooral ook de zonden dergenen, die Gods Woord kennen en erkennen, om welke de Heere land en volk bezoekt. Zoo zij, die den Naam des Heeren belijden, mochten bidden en waken in geloof, en in den eeuigen weg van Gods Woord mochten volharden, de Heere zou door zijn arm heil over den landzaat brengen, al ware het getal zijner getrouwen gering. Maar zoo zij vleeschelijk zich den eigen weg banen, moet het oordeel Gods wel doorbreken tegen hen.

Maar toch, het opzettelijk en honend verwerpen van Gods Woord, als het Woord Gods voor over heid en volk, gelijk dit geschiedt door hen, die zich Vrijzinnigen noemen, is een openbare zonde in ons volk, die tegen dat volk roept naar den hemel, en waarover bij den Dienst des Woords die de zonden ontdekt, geen stilzwijgen mag zijn.

Wij weten zeer wel dat juist dit spreken van Gods Woord voor land en volk en maatschappij de ergernis wekt van het afvallig geslacht.

Wij weten zeer wel, dat als de wetgeving doorgaat op het spoor, dat de eigenwilligheid onzer dagen wijst, en alle levensgemeenschap onder de wettelijke boeien der staatsgemeenschap geregeld en verzekerd wordt, het slot gereed ligt voor den mond van de Dienaren des Woords, die hierin over land en volk en leven het Woord Gods willen spreken.

Wij weten zeer wel, dat hierin vooral het conflict dreigt tusschen het Woord Gods en den afval van het zich emancipeerend geslacht.

Maar dit conflict wenschen wij niet te ontwijken.

Dit conflict ontwijkt Gods Woord niet,

In dit conflict juist moet het Woord des Heeren zegepralen, zij het mede door ons kruis. Niet door getal of macht, maar door 's Heeren Geest,

Hierin vooral moet onze strijd zijn, de strijd des Heeren zelf.

En daarom mag in dezen, ten spijt van alle rumoer, waarmee men den Dienaren des Woords den mond wil stoppen, geen stilzwijgen bij hen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 22 april 1906

De Heraut | 4 Pagina's

Uit de Pers.

Bekijk de hele uitgave van zondag 22 april 1906

De Heraut | 4 Pagina's