Buitenland.
Frankrijk. Openbare of private godsdienstoefeningen? Madagascar.
Het moeilijkste vraagstuk, dat de Fransche geestelijkheid in deze dagen heeft op telossen, is, of men met het oog op de wet der scheiding van kerk en staat, openbare godsdienstoefeningen óf private samenkomsten ter uitoefening van den Roomschen eeredienst organiseeren zal. Twee stroomingen zijn bij de Fransche Roomschgezinden in deze op te merken. Sommigen willen bijzondere godsdienstoefeningen houden, om een soort van „heilige garde" te vormen, die voor de rechten der Roomsche kerk strijden zal, teneinde zoodoende het terrein dat de Roomsche kerk verloren heeft, ook door eene politieke actie te herwinnen. Daar echter de wereldlijke geestelijken niet in staat znllen zijn hun dienst voort te zetten, omdat de hnantieeele middelen daartoe ontbreken, zoo zijn de geestelijke broederschappen bereid desgevorderd dien arbeid over te nemen.
De bisschoppen willen daar echter niet van weten. Zij vreezen, dat wanneer de strijd om hat Fransche volk bij de Roomsche religie te houdea, en voor haar terug te winnen, met den politieken strijd vermengd wordt, de Roomsche kerk nog meer van haar invloed verliezen zal. Daarom hebben zij hunne priesters ernstig tegen het invoeren van private godsdienstoefeningen gewaar& chuwd en hun gezegd, dat zij alleen met uitdrukkelijke toestemming van den bisschop en van den paus zulke bijzondere samenkomsten mochten organiseeren.
Welke plannen de Fransche regeering heeft, wordt ten overvloede nog duidelijker door het. geen zij omtrent Madagascar bepaalde. Geheel zonder eenige aanleiding heeft de gouverneur van deze Fransche kolonie het bevel uitgevaardigd, dat voortaan alleen degenen die het t hoogere staatsexamen gedaan hebben aan de scholen waar onderwijzers opgeleid worden, onderwijs zullen mogen geven. Nu heeft de zending veel degelijke onderwijzers opgeleid, die aan het hoofd staan van kerkelijke scholen. De gouverneur heeft ook die scholen gesloten. Daarmede worden niet alleen Roomsche missionairscholen opgeheven, maar ook tallooze Luthersche. De Lutherschen in Frankrijk hebben met grooten ijver het zendingswerk in Madagascar ter hand genomen; de anticlericale of liever anti-christelijke politiek der Fransche regeering dreigt den gezegenden arbeid der Luthersche zendelingen te vernietigen.
Tot hiertoe bevorderde elk minister van koloniën in Frankrijk de zending, al virerd in het moederland eene anticlericale politiek gevolgd; voor de koloniën bevorderde da regeering elke missionaire actie, in de overtuiging, dat op die manier de koloniale bevolking nauw met Frankrijk verbonden kon worden. Maar ten slotte blijkt het ook weder hier, dat de natuur boven de leer gaat. Haat tegen elke religie zit den Franschen radicalen en socialisten als in het bloed. Deze missionairs kon men niet fnuiken door de wet op scheiding van kerk en staat, daarom moesten zij in hunne scholen getroffen worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 3 februari 1907
De Heraut | 4 Pagina's