Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Revisie van onze Staten-overzetting.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Revisie van onze Staten-overzetting.

6 minuten leestijd

I.

De heer Penninga, sub-agent van het Britsch en Buitenlandsch Bijbelgenootschap op Java, heeft de vraag aan de orde gesteld, of het niet tijd werd de Staten-vertaling te < herzien. Hij deed zelf het voorstel, daartoe een commissie van acht personen te benoemen, bestaande uit éen afgevaardigde van het Algemeen Nederlandsch Verbond, éen afgevaardigde van het Nederlandsch Bijbelgenootschap, twee afgevaardigden van de Nederlandsch Hervormde Kerk, een afgevaardigde van de Gereformeerde Kerken èn een afgevaardigde van de Koningin, die als voorzitter zou fungeeren.

Ds. de Geus leidde de bespreking van dit voorstel bij onze Pers in en Dr. A. Noordtzij gaf in de Bazuin een drietal artikelen, waarin hij het voorstel zelf warm toejuichte, maar tegelijk de volkomen juiste opmerking maakte, dat een verbeterde overzetting van den Bijkei moet uitgaan niet van vorstelijke personen of genootschappen, maar van de Kerken zelve, die deze overzetting gebruiken zullen. Niet alleen met de Kerken in ons vaderland, maar ook met de Hollandsch sprekende Kerken in het buitenland moet daarom rekening worden gehouden. Zijn voorstel is daarom, dat, zoodra de noodzakelijkheid dezer revisie genoegzaam wordt ingezien, de Generale Synode, bijv. der Gereformeerde Kerken, door middel van deputaten de zaak aanhangig zal maken bij de Ned. Herv. Kerk, de Christ. Geref. Kerk en voorts bij de Kerken van min vaste formatie in ons land; dat men ook in correspondentie zal treden met de Hollandsch sprekende Kerken in Bentheim, in Amerika en in Zuid-Afrika; en dat men trachten zal door gemeenschappelijke saamwerking van al deze Kerken tot een grondige revisie van de Staten-overzetting te komen. Die revisie zou zich dan zooveel mogelijk moeten bepalen tot den tekst der Heilige Schrift, en m te v g b w n h te n E d a p t p b de bestaande Kantteekening zou moeten s vervallen. Aan deze revisie zou door tal d dw van geleerden moeten worden meegewerkt en Dr. Noordtzij geeft zelf een plan voor deze medewerking, waaruit zeker een praktische geest spreekt. Bovendien waarschuwde hij tegen overijling; een revisie die na een kwart eeuw zelf weer revisie behoeft, zoo merkt hij terecht op, geeft ons niets.

Ongetwijfeld is er in dit plan van Dr. Noordtzij veel wat aantrekt. Er spreekt breedheid van opvatting uit; hij houdt streng vast aan de kerkelijke lijn en is toch wars van alle sectarisme. Vergeleken met het voorstel van den heer Fenninga brengt het ons een goede schrede voorwaarts op den juisten weg. En al hebben we onze bedenkingen, toch willen we ook onzerzijds gaarne onze sympathie met het doel uitspreken.

Voordat we kritiek leveren stellen we daarom voorop, dat ook naar onze overtuiging het vroeg of laat tot een herziening vaa onze Staten-vertaling komen moet. We zeggen dit niet, omdat we in eerbied te kort schieten voor het werk, dat onze Staten-over zetters, geleverd hebben. Voor den tijd, waarin zij leefden, was hun vertaling een meesterstuk. Hun kantteekeningen geven een schat van exegese, die nog met vrucht kan geraadpleegd worden. En bovenal danken we aan die Staten-overzetting dat zuivere, kernachtige, gewijde Hollandsch, waarm.; e de overzetters onze taal hebben verrijkt. Onze Staten-overzetting blijft voor ons een heerlijk gedenkteeken van de innige godsvrucht, de degelijke wetenschap, het heerlijk taaiinstinct van onze Gereformeerde vaderen. En wie de Haagsche synodale of de modern Leidsche vertaling met onze Staten-over zetting vergelijkt, zal terstond erkennen, d^t met name wat de zuiverheid van taal en de wijding van de overzetting betreft, onze Statenbijbel nog altoos onovertroffen is.

Maar die warme waardeering en bewondering van den arbeid onzer vaderen neemt niet weg, dat ook hun werk als alle menschen werk niet volmaakt is geweest. Niet alle overzetters waren voor hun taak evenzeer berekend, en niet van alle Bijbelboeken is de overzetting even gelukkig geslaagd te noemen. Bovendien, de wetenschap heeft sinds niet stil gestaan. De vergelijkende taaistudie heeft over de beteekenis van menig duister woord meer licht geworpen; de exegese heeft den zin van menigen moeilijken tekst tot meer klaarheid gebracht; de tekstcritiek heeft aangetoond, dat de tekst, dien onze Statenoverzetters gebruikten, niet op alle punten 'evenzeer te vertrouwen was. Ook onder de geloovige mannen der wetenschap, die onverzwakt aan de inspiratie der Schrift vasthouden, is de overtuiging wel algemeen, dat een herziening van de Staten-overzetting daarom wenschelijk en noodig is.

Terecht nu wijst Dr. Noordtzij er op dat de Kerk op den duur de Gemeente niet een vertaling mag laten gebruiken, die naar haar oordeel den zin en de bedoeling van Gods Woord niet zoo zuiver mogelijk weergeeft. Zeer zeker is hier met behoedzaamheid te werk te gaan. Nu ons volk drie eeuwen lang bij de Staten-overzetting heeft geleefd, daardoor is getroost, versterkt en gesticht, cal elke nieuwe vertaling allicht met wan trouwen worden begroet. De pogingen eerst door de Haagsche Synode en daarna door de Leidsche heeren beproefd, om een betere vertaling te leveren, hebben dat wantrouwen in niet geringe mate gevoed. Volkomen terecht toch heeft ons volk gevoeld, dat deze nieuwe vertalingen van een geheel anderen geest uitgingen dan die onze Statenoverzetters bezielde. De Haagsche Synodale vertaling is dan ook reeds lang vergeten en begraven. En de Leidsche vertaling, met hoeveel gejubel ook in den kring der modernen ontvangen, zal bij ons volk wel nooit burgerrecht verkrijgen. Ze draagt toch al te duidelijk aan haar voorhoofd het teeken, dat het haar te doen is om de Schrift van haar heilig karakter te ontdoen en ze tot een gewoon menschelijk geschrift te verlagen. d Voor alle dingen zal het dus noodig zijn, dat eerst van bevoegde zijde ons volk worde d ingelicht, waarom een herziene vertaling o noodig is. Met de uitspraak, dat de weten-d schap de bestaande vertaling niet meer e voldoende acht, vordert men geen stap. Van boven af laat ons volk zich geen nieuwe'm c vertaling opleggen. Eerst wanneer in breederen kring de overtuiging gewekt is, dat een herziening van onze Staten-overzetting noodig is, heeft dit plan kans van slagen. Anders blijft het volk aan de Staten-overzetting getrouw ; de boekhandel, die in de eerste plaats met dea smaak van het publiek rekent, gaat voort met den ouden tekst te herdrukken, en de nieuwe vertaling zal voor scheurpapier worden verkocht.

Dr. Noordtzij deed daarom een goed werk met op enkele sterk sprekende voorbeelden te wijzen, waaruit blijken kon, dat een verbeterde vertaling noodig is. Toch vergete hij niet, dat de Bazuin slechts in beperkten kring gelezen wordt en voor het wekken van een algemeene overtuiging het noodig is, dat zijn opmerkingen in aller handen komen. Een brochure, die opzettelijk aan dit vraagstuk gewijd was, zou naar ons inzicht nog meer nut kunnen doen. Eerst wanneer allengs de overtuiging van de noodzakelijkheid eener revisie zich meer algemeen gevestigd heeft, niet alleen bij de predikanten, maar ook bij het volk, zal de tijd rijp zijn om tot de uitvoering van dit plan over te gaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 3 november 1907

De Heraut | 4 Pagina's

Revisie van onze Staten-overzetting.

Bekijk de hele uitgave van zondag 3 november 1907

De Heraut | 4 Pagina's