Dereenigingsleben.
VEE EEN. VOOR CHR.-NAT. SCHOOLONDERWIJS.
II.
In ons vorig artikel bespraken wij de uitkomsten van de Schoolinspectie ten opzichte van den geest, welke heerscht onder hen, die aan de scholen arbeiden. Thans zij eenoogen-
blik stilgestaan bij het antwoord op de vraag, hoe de door de Inspecteurs bezochte scholen er zelve uitzien, want dat antwoord houdt in luime mate verband met de uitkeering van verhoogd rijkssubsidie.
Van Inspectie A zegt het verslag, dat de 23 bezochte scholen, op enkele uitzonderingen na, flinke lokalen bezitten, waar het onderwijs gegeven wordt. Wel viel op een tweetal plaatsen te klagen, maar, naar de verklaringen van het Bestuur, wordt daar reeds naar geschikt bouwterrein omgezien, om er spoedig nieuwe scholen te doen verrijden. Daartegenover staat echter dat enkele scholen door de degelijkheid van bouw en inrichting bijzonder uitmunten. Het zijn o.a. de scholen van den heer P. Storm te Leeuwarden en van den heer W. H. de Jong te Grootegast, welke kunnen dienen als model voor besturen, welke van plan zijn, nieuw te laten bouwen.
De inspecteur in het Noorden maakt ook melding van de omstandigheid, dat, globaal genomen, de reinheid der lokalen, behoudens enkele uitzonderingen, geen reden tot klagen geeft. Zeer terecht merkt hij op, dat het soms
zeer moeilijk is, dorpsscholen, waar meestal slechte wegen heenleiden, goed schoon te houden. Maar dat ontneemt niets van den plicht, om op het punt van reinheid zeer nauwgezet te werk te gaan, want de hygiënische omstandigheden, waaronder aan de intellectueele ontwikkeling van het schoolkind gearbeid wordt, moeten zoo goed mogelijk zijn, ook en vooral in de Chr. scholen. Wie vroeger een dorpsschool bezocht, weet zich maar al te goed te herinneren, hoe, zelfs in goed schoongehouden lokalen, in dagen van slecht weer, vooral des winters, als de kinderen met, tengevolge van regen of sneeuw, natte voeten en kleeren ter school kwamen, de toestanden verre van aangenaam waren. En in lokalen, waar schoonmaak en ventilatie te wenschen overlaten, is het uit den aard der zaak nog veel slechter gesteld. Het is dan ook niet ten onrechte, dat de inspecteur met lof spreekt over een hoofd in zijn inspectie, dat aan het einde van iederen schooldag een kleine schoonaak laat plaats hebben.
Oyer het algemeen meent de Inspecteur te unnen zeggen, dat ten gevolge vaa het Rijkssubsidie onze scholen er in-en uitwendig veel beter uitzien dan vroeger.
In Inspectie B. bevinden er zich ook onder e 29 bezochte scholen acht die, wat de gebouwen zelve betreft, veel te wenschen overlaten. Maar daartegenover staan weer acht uittekende (Winterswijk, Brummen, Doesburg, Wageningen, Soest, Coevorden, Kampen en ijssen) en nog negen, die zéér goed genoemd oeten worden, zoodat óok in deze Inspectie e toestand over het algemeen niet ongunstig s. Dit geldt echter niet alleen van het uitsfcndige, want 29 van 39 scholen kunnen ook aar het inwendige goed of heel goed worden enoemd.
Tot een prettig aanzien van een school dragen ook vaak de ouders der kinderen veel bij, als men er in slaagt, hun belangstelling en liefde voor het Christelijk onderwijs warm te houden.
Op eene plaats b.v. schonken de ouders der inderen een fraai raam van gekleurd glas in ood aan de nieuwe school. Op eene andera laats bestaat, onder leiding van den secretaris an het Schoolbestuur, een „2 Cents-vereeniging" an oud-leerlingen, die b.v. platen of wandaarten voor de school aankoopt ea ia 1907 e bovenlokalen der school op haar kosten et opschilderen.
Bijzonder mag wel vermeld worden wat de nspecteur weer elders opmerkte, en wat we elven ook meermalen het genoegen hadden te ien. Op ééne school toont zich namelijk de elangstelling in de school in allerlei kleinigeden, die . alle tezamen ec'ater een uitnemenen indruk van de geheele school bij den bezoeker helpen vestigen. Van de kinderen brengt er één bijvoorbeeld een verzameling eitjes mee n een eigengemaakt kistje; een ander, kind van een vader, die op een houtdraaierij werkt, een collectie blokjes van de meest gebruikte houtsoorten; anderen geven weer aan de school vogels of andere dieren, die dan door den vader van één der kinderen, enkel tegen berekening der onkosten, netjes opgezet worden. Zoodoende beschikt zulk eene school over kleine, bescheiden collecties, die echter voor het aanschou wingsonderwijs niet zonder beteekenis zijn.
Zóó gunstig is de toestand lang niet overal, maar ook in dezen geldt: wat niet is, kan worden. Als de onderwijzers en de besturen krachtig en vooml eendrachtig saamwerken, om de belangstelling en liefde der ouders aan te vuren, dan zijn veelal goede resultaten te bereiken. /
Uit inspectie C en D wordt ditmaal over den uiterlijken toestand der scholen nog niet veel vernomen, behalve dan, dat óók daar sommige schoolgebouwen nog niet voldoen aan de wet.
Het komt ons zoo voor, dat deze klacht, die over het geheele land nog hier en daar gehoord wordt, niet geheel en al staat buiten verband met de omstandigheid, dat het rijkssubsidie zoo erg laat wordt uitbetaald. Dit toch is vooral in een tijd, dat het geld zeer duur is, niet van beteekenis ontbloot, en veroorzaakt, dat bij vele schoolbesturen de kas permanent leeg is, aangezien het subsidie dadelijk bij ontvangst, zoo niet geheel dan toch grootendeels, gebruikt moet worden om betalingen over het afgeloopen dienstjaar, waarover het subsidie uitgekeerd wordt, te doen plaats hebben.
We wijzen hierop met nadruk, omdat ^zVjaar het subsidie nog véél later losgekomen is dan tot nu toe. Scholen, die het subsidie geregeld vóór I Juni kregen, ontvingen ditmaal het mandaat tot uitbetaling eerst 19 Juni, dus plus minus drie weken later dan verwacht kon worden.
De gevolgen hiervan zijn bedenkelijk. In zekere gemeente wordt, naar ons bekend is, een nieuw schoolgebouw gezet. De betalingen daarvoor zijn vastgesteld op i Juni, omdat het bestuur op dien datum steeds geregeld het subsidie had. Ditmaal blijft het geld echter drie weken te lang weg, en daardoor..., zit het bestuur niet minder dan drie lange weken in de grootste flaantieele ongelegenheid.
Het ware inderdaad te wenschen, dat er eene regeling getroffen werd, waardoor de uitbeta ling van het subsidie 10. vervroegd, en 20. op een vasten datum gesteld. Daarmee zou het christelijk onderwijs grootelijks gebaat zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 28 juni 1908
De Heraut | 4 Pagina's