Officieele Berichten.
Generale Synode der Gereformeerde kerken in Nederland.
Tweede Zitting, (Vervolg).
Na de pauze wordt de zitting hervat met psalmgezang en lezing van de presentielijst.
Daarna geeft de praeses het woord aan Prof. Jager, die met Ds. Kolthoff de oudGereformeerde kerken in Bentheim vertegenwoordigt.
Prof. Jager dankt voor de vereerende uitnoodiging en bespreekt den geestelijken toestand der kerken, in welker naam hij optreedt. Hoewel zij nog klein zijn, neemt toch het zielental langzamerhand toe. Ook de kennis der waarheid.
Met blijdschap memoreert hij de samenwerking, die tot stand kwam in zake den zendingsarbeid tusschen Groningen, Drente, Overijsel en hunne kerken, en bidt den kerken alhier des Heeren zegen toe.
Prof. Lindeboom beantwoordt namens de Synode deze toespraak. Hij herinnert aan de banden, die van ouds de Geref. kerken in Nederland binden aan die van Bentheim. Dr. Ja, ger ziende, denkt hij aan Emdeu, eene plaats, svaaraan voor onze kerken zoo gezegende herinnering is verbonden.
Hebt gij, zegt hij, kleine kracht, God sterke u en zegene u en uwen arbeid!
Br. De Mildt rapporteert namens de Commissie van praeadvies in zake een bezwaarschrift van Br. Jr B. te G. De conclusie wordt met algemeene stemmen aangenomen. Ds. Breukelaar rapporteert omtrent eene vraag van Br. A. te E., betreffende den z.g. vroegdoop der kinderen. O/ereenkomstig dit praeadvies wordt besloten:
ten iste uit te spreken, dat naar het oordeel der Synode de zaak van den doop der kinderen in Art. 56 der kerkenordening genoegzaam is geregeld;
ten 2de van het sub I uitgesproken oordeel der Gen. Synode aan Br, A. kennis te geven.
In zake Het Kerkblad rapporteert Ds. v. d. Munnik. Overeenkomstig dit praeadvies wordt besloten, dat voortaan Het Kerkblad maar eens per jaar zal verschijnen, tenzij de commissie voor de uitgave bet noodzakelijk mocht vinden hiervan af te wijken.
De Synode wordt daarop toegesproken docr Rev. Prof. Moor, namens de Free Church of Scotland. Prof. Moor brengt den dank der Schotsche kerken over voor de belangstelling, die hier betoond werd in den strijd, dien zij te voeren hadden in zake de kerkelijke goederen.
Na beëindiging van dien strijd kan nu de Free Church haar eigenlijke taak, de prediking des evangelies in 150 gemeenten met 70 geordende predikanten weer voortzetten.
Hij stipt aan het drievoudig verschil tusschen de Free Church en de andere Presbyte riaansche kerken in Schotland, en dalgene waarin de Free Church en de Geref. Kerken in Nederland [met elkander overeenkomen, en wijst met dankbaarheid op hetgeen Schotland aan Nederland van ouds verschuldigd is, wat betreft de theologische denkwijze en vorming zijner predikanten.
Na hem voert het woord Rev. Prof. Morton namens de Original Secession Church of Scotland.
Deze brengt de hartelijke groeten zijner kerken over; brengt in herinnering wijlen Ds. Lion* Cachet, dien hij bij vorige afvaardiging ontmoette en die zooveel deed voor den band tusschen deze en de Schotsche kerken.
Eveneens vermeldt hij, hoe de Secession Church het verlies betreurt van Rev. Gardner.
Hij spreekt van den arbeid, dien de Schotsche kerk heeft, om te houden wat zij heeft, en zich toch ook aan dezen tijd en zijne eiscben an te sluiten.
Hij gedenkt den zegen, dien de Schotten in en middellijken weg te danken hebben aan de kerken en academies van Nederland, Zijn indruk s, dat de Geref. Theologie in Nederland egenwoordig gelijkt op Hollandsche, afgeperkte, uintjes; tegelijk prijst hij hare scherpe formueering.
Hij eindigt met de mededeeling dat de weren van de Geref. Theologen uit Nederland, . a. die van Dr. A. Kuyper Sr., in Schotland oog staan aangeschreven, en dat in onze agen de strijd van Luther, Calvijn en Knox eer moet gestreden worden.
De redevoeringen van deze beide afgevaarigden worden door Ds. A. Brummelkamp ertolkt.
Daarna krijgt het woord Rev. Dr, de Vlieger, ls afgevaardigde van de Presbyterian Church in ngeland,
Hollander van geboorte spreekt hij, hoewel amens Biitsche kerken, in het Hollandsch,
Hij dankt voor het medeleven hier met de kgelsche kerken en voor de onderhouding van e correspondentie, niettegenstaande het Methoisme, dat men hier terecht in de Engelsche erken laakt.
Met dankbaarheid vermeldt hij den invloed, ie op Engelsche theologen uitgaat door weren uit Nederland, ook al zijn zij in deNederandsche taal geschreven. u t
Voor de groote onderscheiding op theologisch errein, te maken door de palingenesie en hare erking, heeft Dr. Kuyper's Encyclopaedie hem e oogen geopend. g
Echter verklaart hij, dat men ook in Engeand nog meer noodig heeft; vooral exegetische n critische studiën. Hij eindigt met de kerken n Nederland toe te roepen: Zoo de Heere wil ot over drie jaar. o
Prof, Bavinck beantwoordt in het Engelsch de afgevaardigden van de Schotsche en Engelsche kerken.
Hij spreekt zijn hattelijken dank er vooruit, dat de broederen van over de zee altoos weer op onze synoden verschijnen, al wordt dit van onze zijde niet zoo trouw beantwoord, Ondertusschen geeft hij de verzekering, dat wij den geestelijken band van het lichaam van Christus met onze overzeesche broederen wel goed gevoelen. Een tweede oorzaak van dank is ons de getrouwe komst der broederen, omdat wij in onze dagen een ernstige crisis doormaken, wat het Christelijk geloof en léven aangaat, en het zoo gewenscht is elkander toe te roepen: Houdt u mannelijk, zijt sterk.
Maar niet alleen op gevaren, ook op gezegende, heerlijke verschijnselen mogen wij elkander wijzen in den heerlijken en heiligen strijd.
Prof. Bavinck noemt hiervan drie. De overal herlevende behoefte aan de religie; het opwaken van sociaal werk en van de prediking des evangelies aan de armen; het zendingswerk, dat vooraan staat op het program van alle
kerken. In de beoefening dezer dingen kunnen wij, zegt Prof Bavinck, veel van u leeren.
God zegene en sterke u en ons, om aldus biddend, werkend en hopend de heerlijke toekomst van Jezus Christus te verwachten.
Nadat Ds. De Geus deze' rede had vertolkt en de praeses een woord van dank had gesproken, werd deze zitting met psalmgezang en dankzegging door den praeses gesloten.
Derde Zitting,
De praeses opent • de vergadering met het laten zingen van psalm 107 : i, het lezen Efeze I : 15—23 en gebed.
De presentielijst en de notulen van de vergadering van 20 Augustus worden gelezen.
Na eenige mededeelingeu van den praeses wordt aan de orde gesteld de zaak der zending.
Rapporteur is Dr. Hania.
1. In zake het verzoekschrift van de miss. dienaren op Java wordt overeenkomstig het praeadvies besloten:
a. om ten behoeve van de zendingsbibliotheek op Java weer / 200 per jaar beschikbaar te stellen voor de algemeene vergadering, en
b. om / 100 per jaar toe te kennen ter bestrijding van de kosten der algemeene vergade
ringen naar art. 15 der zendingsorde. 2. Aangaande Mevr. Huysing wordt besloten: om haar over igor—1911 weer dezelfde subsidie toe te kennen als zij van 1905—1908 heeft genoten.
In zake het benoemen van een zendingsconsul wordt besloten:
a, dat de Synode Dr. baron van Boetzelaer ofBcieel benoeme tot consul van de zending van de Gereform. kerken in Nederland;
b, dat zij hem machtige om elke zaak, die hem opgedragen wordt, overeenkomstig die opdracht te behartigen;
c, dat aan de te benoemen deputaten opgedragen worde hiervan kennis te geven èn aas Dr. Van Boetzelaer zelf, en aan de hooge Regeering in Indië; en
d, dat zij aan hare te benoemen generale deputaten opdrage de regeling van de bijdra; ge in de kostan, die aan deze zaak zijn verbonden.
Hierbij spreekt de Synode nog met nadruk'uit: Dat deze consul niet handele dan in opdracht van de kerken.
Dat de regeering in Indië dit ook kome te weten. v b
Dat de kerken natuurlijk, zoo zij dit noodig achten, zich zelve kunnen richten tot de regeering in Indië, maar dat zij dan wel doen daarvan kennis te geven aan den consul, s w d
4, Aangaande een „dienaar in reserve" wordt na breede discussie, waaraan onderscheidene
broeders deelnemen, besloten: a, de deputaten dank te zeggen voor den arbeid in deze zaak gedaan; en
b, zich te vereenigen met de conclusie in het slot onder e, genoemd, t, w, dat men de zaak van een dienaar in reserve voorloopig late
rusten. 5. Daarna wordt aan de orde gesteld het rapport van de commissie van praeadvies i. z. het rapport van de deputaten voor de zending onder de Joden, bij monde van Ds. Scheps.
De conclusion ingediend ter zake van de zending onder de Joden zijn:
Onder dankzegging voor hunnen arbeid:
a, de handelingen der deputaten goed te keuren;
b, deputaten voor het finantieel beheer te decharcheeren;
c, aan deputaten hun verzoek om 200 gedrukte exemplaren van hun rapport in te willigen;
Ten aanzien van het door deputaten gedane voorstel, adviseert de commissie, daarop niet in te gaan, maar te besluiten:
1. deputaten in opdracht te geven de zaak er zending onder de Joden door geschriften en preekbeurten te bepleiten;
2. om voort te gaan met de "oprichting te bevorderen van plaS, tselijke zendingscomité's itgaande van den raad der plaatselijke kerk ot bearbeiding van de Joden binnen hun ressort en deze te steunen;
3. den deputaten volmacht te geven, om, wanneer zich een in de Oostersche talen bijzonder bekwaam en voor dezen arbeid zeer eschikt candidaat in de theologie aanbiedt om zich aan de zending onder de Joden te wijden, dezen tot nadere toerusting finantieel te steunen en de aandacht der hun hiertoe geschikte kerken p hem te vestigen.
Eindelijk benoeme de Synode drie deputaten die ook zelfde finantieele administratie voeren, ten einde alzoo worde bespaard het honorarium dat tot dusverre werd betaald.
Overeenkomstig deze conclusiën wordt door de Synode besloten.
Br. Plantenga rapporteert over lett. Q van het agendum: „rapport van de leden van het moderamen der Generale Synode". Overeenkomstig de conclusiën der commissie voor praeadvies, wordt door de Synode besloten:
1. Voor kennisgeving aan te nemen de mededeeling, dat aan verschillende gegeven opdrachten is voldaan; en dank te betuigen voor den verrichten arbeid;
2. goed te keuren de wijze, waarop het moderamen uitvoering heeft gegeven aan het besluit der Synode van Utrecht, genomen naar aanleiding van het verzoek van de kerk van Brielle (art. irs der Acta), alzoo te bekrachtigen de genoteerde uitgave eener som van / 406.74 voor. reparatie van het kerkgebouw te Brielle en de verbintenis tot terugbetaling dezer som op deze Generale Synode, aan den broeder, die gemeld bedrag tegen rente heeft voorgeschoten;
3. aan te nemen het voorstel dat, op grond van de wenschelijkheid om d» kerk van Den Btiel eigenares te zien worden van het aldaar bestaand kerkgebouw, na gemeen overleg van deputaten van bedoeld moderamen met deputaten der classe Vlaardingen en van de kerk van Brielle, met gemeen goedvinden is geformuleerd om te dezer Generale Synode te bren
gen, luidende als volgt: „Het kerkgebouw te Brielle wordt in eigendom overgedragen aan de Gereformeerde kerk aldaar, onder verbintenis, dat het nooit aan zijn bestemming zal worden onttrokken, noch met hypotheek bezwaard worden zonder toestemming van de Generale Synode van de Gereformeerde kerken in Nederland. De gezamenlijke Gsreformeerde kerken in Nederland zullen, te beginnen met 1908, jaarlijks aan de kerk van Brielle uitkeeren eene som van / 100 ter aflossing van de op dat gebouw rustende hypotheek, welke nu nog bedraagt / 1900, tenzij de kerk van Brielle door den zegen des Heeren in staat mocht worden gesteld, om zelve die schuld af te doen.
Op elke Generale Synode zal de Particuliere Synode van Zuid Holland (zuidelijk gedeelte) dienaangaande rapport uitbrengen."
Ds. Kasteel rapporteert i. z. het bijwonen van peremptoire examens in Bentheim en Oost-Friesland. Deputaten daarvoor benoemd, blijken geen verzoek ontvangen te hebben van de kerken van Bentheim en Oost Friesland om een peremptoir examen bij te wonen. De commissie van praeadvies stelt voor:
a, Dit bericht van deputaten voor kennisgeving aan te nemen,
b, de deputaten ad hoc op één na te continueeren, en
c, in plaats van Ds. L. Kuiper te benoemen Ds. T, Oegema te Hoogeveen.
De afgevaardigden van de kerken van Bentheim verlaten de vergadering, nadat de praeses hun en hunne kerken 'sHeeren zegen heeft gewenscht. Daarop wordt pauze gehouden.
Na de pauze wordt de zitting hervat met psalmgezang.
Ds. Kasteel rapporteert inzake den arbeid van den kerkeraad te Utrecht met betrekking tot de kerken van min vaste formatie.
Overeenkomstig het praeadvies wordt aldus besloten:
a, aan de kerk van Utrecht dank te zeggen oor de wijze, waarop door haar deze taak is ehandeld;
b, de blijdschap der Generale Synode uit te sjjreken, dat de onderhandelingen op zulk een wijze zijn gevoerd geworden, dat ze hope bieden op bereiking van het gewenschte doel;
c, en aan de kerk van Utrecht, welke tot dusver de zaak met goeden uitslag heeft behartigd, opdracht te geven, om met „de Gereformeerde Gemeenten in Nederland" onderhandelingen te voeren, evenals met alle Gemeenten, die de Gereformeerde Belijdenis houden, en
niet met ons in kerkelijk verband leven. Dezelfde rapporteert in zake de kerkelijke bearbeiding van degenen, die in ons vaderland buiten de waarheid leven. Het voorstel der
commissie van advies luidt aldus: dat de Generale Synode hare hartelijke instemming betuige met het denkbeeld, hieraan ten grondslag liggende, dat de kerkelijke bearbeiding van degenen, die in ons vaderland van het Evangelie vervreemd zijn, of buiten kerkelijk verband leven, noodig en door Gods
Woord geboden is; doch tevens als haar oordeel uitspreke, dat die arbeid dient uit te gaan van de plaatselijke kerk, die zoowel door nabuurschap als anderszins daartoe meest is aangewezen, waarbij Classis en Provincie haren steun hebben te verkenen, terwijl de weg open blijft om ook buiten de Provincie steun te zoeken, welke gedragslijn — gelijk ons bij de besprekingen in Uwe Comniissie bleek, — reeds in een tweetal Provinciën — Noord-Holland en eenigerrsate ook in Groningen — gevolgd wordt.
O/ereenkomstig dit voorstel wordt besloten. Ds, Donner leest voor het rapport van curatoren der Theol, School, Dit rapport wordt gesteld in handen van de tweede commissie van praeadvies,
Aan Ds, P, Jonker van Paterson N.-J., gedeputeerde van de Christian Ref. Church (Christl. Geref. Kerk) wordt gelegenheid gegeven de Synode toe te spreken.
Hij deelt iets mede omtrent den toestand der kerken en scholen in Amerika, verhaalt hoe de jongste Generale Synode dier Chr. Ref. Church in Amerika overnam ^de conclusie van de Synode van Utrecht in 1905 i. z. de leergeschillen, en hoe men doende is om tot schrapping te komen
van dezelfde clausule van art. 36 der Confessie, als de Utrechtsche Synode. Bovendien werd in Amerika /400 uitgetrokken voor den arbeid in Zuid-Amerika, voor 't geval ook de kerken in Nederland daartoe mochten besluiten.
Eéne zaak trof hem bij zijn bezoek aan Nederland, nl. dat de Hollandsche Kerken minder goed op de hoogte zijn van den toestand der kerken in Amerika, dan die van Amerika op de hoogte zijn van den toestand der kerken ia Nederland. Hij acht de oorzaak daarvan hierin gelegen, dat z. i. in Amerika meer kerkelijke bladen uit Nederland worden gelezen dan omgekeerd.
Ook wordt door hem aangedrongen op het zenden naar een aanstaande Generale Synode in Amerika, niet maar van een sympathiek schrijven, maar van een afgevaardigde. Hij eindigt met het toebidden van den zegen des Heeren ovw de Geref. kerken in Nederland.
De rede van-Ds. Jonker wordt namens de Synode beantwoord door Prof. Honig, die op onderscheidene punten door den afgevaardigde genoemd, antwoordt en Gods'zegen toewenscht san de Chr. Ref. Church. Daarna wordt de Synode toegesproken door Rev. Dr. Lewis Ellis, afgevaardigde van de Calvinistic Metod. Church of Wales. Deze toespraak wordt door Dr. A, de Vlieger vertolkt.
Dr. Etlis zegt, dat de Geref. Kerken van Holland [in Wales zeer gewaardeerd worden, niet alleen om hare geschiedenis, maar ook om den veelvuldigen ijver van het heden.
Hij noemt de Calvinistic Kerk van Wales eene zuster van de Geref. Kerk in Nederland in zake de zuiverheid der leer.
Hij spreekt van het ontstaan hunner kerk, .die de eerste Synode hield in 1742, maar vooral sedert 1800 tot grooten bloei kwam. £r zijn thans 1400 gemeenten met 200, 000 gerechtigden tot het Avondmaal. 200, 000 kinderen gaan op de Zondagsschool. Er zijn 1200 predikanten en 2 Theol. Scholen. 200 Studenten in de Theologie. Zeer veel wordt uitgegeven voor den arbeid onder hen, die buiten de kerk staan, waarop veel zegen rust. Onze kracht, zegt hij, ligt in de prediking. Hij gedenkt vroegere afvaardiging uit Nederland naar de kerken van Wales en wenscht bestendiging van dien band. God zegene u, zegt hij, met mannen die prediken kunnen!
Prof. Biesterveld beantwoordt deze toespraak.
Ds. Landwehr rapporteert over het rapport van Deputaten van Art. 13K. O. Hij steltvoor: ^ 1. de handelingen van Depp, goed te keuren en het volledig verslag in de Acta op te nemen;
2. het voorstel van Depp, inzake hetgeen voorkomt onder letter F. 2, 3 (voorstellen van Zuid-Holland Z. G. en Friesland N. G.) aan te nemen;
3. desgelijks te doen met het voorstel inzake de Buitenlandsche Gereformeerde kerken;
4. Depp, uitdrukkelijk te machtigen tot het in ontvangst nemen en beheeren van legaten;
5. de rekening en verantwoording goed te keuren en den Penningmeester te dechargeeren, de rekening te teekenen en den korten staat van ontvaQgst en uitgaaf in de acta op te nemen;
6. Depp, dank te [zeggen voor hun omvangrijken arbeid, niet het minst voor dien, besteed aan de Statistiek.
Dezelfde rapporteert in zake Lett. F. 4, 5 en 6 van het Agendum', inhoudende het verzoek van de Partic. Synodes van Zuid Holland (N. G.) Friesland (N. G. en Z, G., ) om jhet aantal deputaten naar art. rj K. O. te stellen op 12.
De commissie stelt voor:
op dat verzoek niet in te gaan, maar het aantal Depp, te laten op vijf en wel om de volgende redenen:
1. omdat deze vermeerdering van het aantal Depp, eene aanzienlijke vermeerdering van onkosten mede zou brengen, wat bij een budget van ± /2800 zeer ongeraden moet geacht worden, temeer daar deze som van / 2800, wanneer het voorstel Uwer Com. in zake de Buitenlandsche Gereformeerde Kerk wordt aangenomen, zal komen op ± ƒ 1900.
2. omdat de moeilijkste, meest omvangrijke arbeid, n.i. die der statistiek, thans gereed is;
3. omdat vermeerdering van den arbeid in de eerste jaren niet te verwachten is.
Namens de financieele commissie der Synode noemt Ds. W. Doorn de bedragen op, die hij voor de onkosten der Synode a.s. Dinsdag van de afgevaardigden gaarne wil ontvangen. Bepaald wordt Dinsdag ten 9 ure de zittingen te hervatten.
De praeses sluit, na psalmgezang, de vergadering met dankzegging.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 30 augustus 1908
De Heraut | 2 Pagina's